Inloggen
Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
De spelhervatting als wapen inzetten
Leestijd 6-8 minuten
| Bedankt voor uw mening!
Woensdag 15 Maart 2017


De junioren van UVV O15-1 scoorden al 79 keer, bijna een kwart van de doelpunten werd gemaakt uit een spelhervatting. Trainer-coach Fred van Leeuwen: "Als we een corner tegen krijgen, houd ik standaard vier spelers voorin. Dat maakt niet alleen het verdedigen makkelijker, het is ook aanvallend een wapen."

Tekst: Martin Dijkhuizen | Beeld: Freek Dekker
Gerelateerd: Special 'Het variëren van de vrije trap' 

"Bij een corner voor de tegenpartij houd ik vier man voorin. Dan hoeven we achterin maar vijf tegenstanders te verdedigen. Met zeven spelers mag dat geen probleem zijn." Fred van Leeuwen is trainer-coach van UVV O15-1. Zijn team scoorde dit seizoen al 79 doelpunten, waarvan zeventien uit spelhervattingen. "We zijn verreweg het beste team in onze afdeling, maar als dat niet zo was, zou ik ook altijd vier man voorin houden bij een corner tegen of vrije bal rond ons strafschopgebied. Het maakt niet alleen het verdedigen makkelijker, het is ook aanvallend een van onze wapens."

Vier man voorin
"Ik hanteer vaste afspraken bij spelhervattingen. Als we een corner tegen krijgen, of een vrije bal rond ons strafschopgebied, dan houd ik standaard dezelfde vier man voorin: mijn drie aanvallers en de nummer tien. De zeven en elf staan tegen de zijlijn aan, de nummer negen zo diep mogelijk en de tien daarachter, ter hoogte van de middencirkel. Tegenstanders houden, inclusief de keeper, meestal minimaal vijf spelers achterin. Dat betekent dat wij zeven spelers hebben om vijf aanvallers te verdedigen, degene die de corner trapt niet meegeteld. Dat mag geen probleem zijn.



De keeper zet iedereen op zijn plek door rugnummers te roepen. Eén speler neemt de eerste paal voor zijn rekening, de spelers die kopsterk zijn zoeken de lange mensen van de tegenpartij op en de positie van de rest is afhankelijk van waar de resterende tegenstanders gaan staan. Normaal bouwen wij verzorgd op, maar bij spelhervattingen rond ons doel is de opdracht simpel: de bal moet worden onderschept en, als onze nummer tien niet aanspeelbaar is, zo ver mogelijk naar voren worden geschoten. Alle veldspelers rennen vervolgens zo snel als ze kunnen naar voren om de aanval te ondersteunen of druk te geven op de bal."

Treintje
"Ook bij corners en vrije ballen rond de 'zestien' van de tegenstander weten mijn spelers wat ik van ze verwacht. Ik houd, inclusief onze keeper, slechts drie spelers achter: de linksbuiten, die erg snel is, en de linksback. Dat gebeurt ook als de tegenstander meer aanvallers voorin posteert. Iedere speler moet, zodra de corner of vrije bal wordt afgeslagen, razendsnel omschakelen.

De zeven spelers die bij spelhervattingen voorin staan, hebben allemaal een vaste positie. Eentje neemt de corner, één speler staat bij de keeper, de overige zes staan op de rand van het strafschopgebied. Vier van hen lopen gestaffeld richting het doel, de voorste richting de eerste paal, de tweede daar vlak achter, de derde het doelgebied in en de vierde kiest positie iets voorbij de tweede paal. De andere twee blijven op de rand van het strafschopgebied, waarbij de achterste moet anticiperen op ballen die doorschieten. Corners laat ik altijd indraaiend nemen, vrije ballen vanaf de zijkant moeten richting de tweede paal geschoten worden. Wekelijks kun je in allerlei wedstrijden zien hoe ontzettend gevaarlijk en moeilijk indraaiende ballen te verdedigen zijn.



Ook voor ingooien hanteer ik vaste afspraken. In het verleden gooiden de backs de bal meestal naar de buitenspelers, die vervolgens maar moesten zien wat ze met de bal deden. In de buurt van onze achterlijn nemen de backs nog steeds de ingooi, maar verder zijn de middenvelders zes (op rechts) en acht (links) daarvoor verantwoordelijk. Onze back zakt uit, de drie ook en de nummer tien gaat diep staan. Op die manier proberen wij onze vier vrij te spelen, die de opdracht heeft om naar voren open te draaien, zodat we direct in de aanval kunnen. Merkt hij vóór de ingooi dat hij gedekt wordt, dan zakt hij naar achteren en moet de drie zich aanbieden."

Louis van Gaal
"Ik ben een voorstander van aanvallend voetbal. Zelf speelde ik voornamelijk op nummer tien of vier en in de jaren negentig werd ik enthousiast van de wijze waarop Ajax onder Louis van Gaal de Champions League won. Ik laat mijn teams nu ook zo voetballen. De basis is 1:4:3:3, maar mijn backs staan, zodra we in balbezit komen, zo breed en hoog mogelijk. Verder wil ik dat één van mijn centrale verdedigers doorschuift naar het middenveld, waardoor we eigenlijk 1:3:4:3 spelen. Meestal schuift de nummer vier door, maar als hij zich laat zakken moet de nummer drie zijn rol overnemen.

Mijn twee centrale verdedigers krijgen wekelijks een oefenvorm waarbij de drie verplicht de vier moet inspelen. En in een partijvorm geef ik ze soms een minuut of tien de opdracht om de bal, wanneer die door de nummer tien op één van hen wordt teruggelegd, eerst naar hun collega in de verdediging te spelen. Krijgt de drie de bal, dan moet hij dus eerst naar vier en andersom. Pas daarna hebben ze weer vrij spel. Niemand in het team weet van die opdracht, alleen die twee. Ik dwing ze op die manier als tandem te opereren en op elkaar te anticiperen. Ik wil dat zij samen de opbouw verzorgen. Deze oefening is bedoeld om ervoor te zorgen dat ze leren vooruit voetballen."

Driehoekjes
"Ook mijn centrale middenvelder, de nummer tien, speelt zo ver mogelijk vooruit. De zes en acht zijn de controlerende middenvelders. Maar als bijvoorbeeld de acht aan de bal is, dan verwacht ik van de zes dat hij in het gat duikt tussen de zeven en negen en ervoor zorgt dat hij daar aanspeelbaar is. Op die manier probeer ik overal op het veld driehoekjes te creëren. Spelers moeten daarbij continu in beweging zijn, dat is een belangrijke voorwaarde voor mijn speelwijze. Vooral het inspelen van de derde man geef ik veel aandacht.

Eén van mijn favoriete oefenvormen is een partijtje vijf tegen vijf (inclusief keeper), waarbij beide partijen twee kaatsers op de achterlijn hebben. Scoort een speler zonder één van de kaatsers te gebruiken, dan krijgt zijn team één punt. Scoort hij na een kaats, dan verdient zijn team twee punten. Er worden drie punten verdiend als een bijsluitende derde man scoort uit de kaats. In deze oefenvorm zitten vrijwel alle voetbalspecifieke elementen: dribbelen, passen en trappen, passeren, duelkracht, combineren, vrijlopen, doorbewegen, afronden, etc. Na iedere twee minuten wissel ik van kaatsers, de partijtjes worden in hoog tempo gespeeld. Bijna ongemerkt is het uitstekend voor de conditie.”



Y-vorm
"Een andere oefenvorm die ik veel gebruik en die terug blijft komen is passen en trappen in de zogenaamde y-vorm. Ik vind het belangrijk dat mijn spelers tweebenig zijn en hamer erop dat ze de bal met het ene been aannemen en met het andere passen. Ook gebruik ik deze vorm om te oefenen met het aannemen van de bal onder druk van een tegenstander. Zo leren ze waar die zich bevindt, hoe ze de bal onder die druk moeten verwerken en waar de ruimte ligt.

We zetten onze tegenstander graag zo snel mogelijk op eigen helft vast, maar omdat veel ploegen niet willen opbouwen, creëren we eerst ruimte voor ze. Als de keeper van de tegenpartij de bal heeft, laten wij hun rechter centrale verdediger en rechtsachter vrij, zodat zij kunnen worden ingespeeld. Krijgt de centrale verdediger een lastig te verwerken bal, dan zetten we direct vol druk. Zo niet, dan bewegen we zo dat de kans groot is dat de bal naar hun rechtsback gaat. Op dat moment zetten we druk op die speler. We kiezen er bewust voor om de rechtsback vrij te laten en niet zijn medespeler aan de andere kant, omdat onze linksbuiten beter is in het aanvallen van zijn tegenstander, terwijl onze rechtsbuiten het positioneel opstellen beter begrijpt. Op maandag trainen we tegelijk met de O15-2. Ik laat dan een paar spelers met ons meetrainen, om met elf tegen elf het druk zetten te oefenen."

Arrogantie
"We trainen niet specifiek op spelhervattingen, maar in partijspelen let ik er wel scherp op dat de spelers doen wat we hebben afgesproken. Bijna een kwart van onze doelpunten maken we uit spelhervattingen. Dat vind ik best een hoog aantal. Ik hoor weleens kritiek dat we vooral uit standaardsituaties scoren, maar feitelijk klopt dat dus niet. Daarbij, we dwingen geen corners en vrije ballen af door vanaf een meter of dertig blind op doel te schieten, maar doordat we aanvallend spelen en de tegenstanders vroeg onder druk zetten.

In het topvoetbal zie je dat vrijwel elke ploeg zich bij standaardsituaties massaal terugtrekt. Eerlijk gezegd begrijp ik dat niet. Ik realiseer mij heus wel dat ik een goed elftal heb, maar ook als dat niet het geval zou zijn, zou ik bij spelhervattingen rond ons doel vier man voorin houden. Ja, zelfs als ik niet bij de jeugd, maar bij de senioren zou werken. Want het maakt het verdedigen makkelijker en aanvallend is het een prachtig wapen."
Wil je het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor €29
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen