Inloggen
Inloggen
Categorie√ęn
Alle categorie√ęn Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en co√∂rdinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
Visualiseren in de jeugdopleiding
Leestijd 8-10 minuten
| Bedankt voor uw mening!
Dinsdag 6 Juni 2017

Het begon allemaal met een filmpje op twitter, waarin AZ-jeugdspelers onder de klanken van de Champions Leaguetune, aan het visualiseren waren als voorbereiding op de aankomende wedstrijd. Kelvin Duffree en Bart Heuvingh geven uitleg. “We willen spelers voorbereiden om topsporter te worden. Daar hoort ook het aanleren van mentale vaardigheden bij. En één van die mentale vaardigheden is visualiseren.”

Tekst: Paul van Veen | Beeld: Ed van de Pol

Bart: “Voordat we verder ingaan op wat visualiseren is en waarom we het doen, is het belangrijk om te weten welke positie het visualiseren in onze opleiding inneemt. In de jeugdopleiding van AZ hebben we drie leerlijnen. In de eerste leerlijn, waarin we de spelers onze spelintenties en spelprincipes aanleren, staat het voetbal centraal. De tweede leerlijn is de fysieke leerlijn. Dat is bijvoorbeeld krachttraining en het trainen van atletisch vermogen. Bij de O12 vindt dat nog vooral op het veld plaats. Later zullen spelers in het krachthonk te vinden zijn. Onze derde leerlijn noemen wij het topsportleerplan. In dit leerplan leren spelers allerlei dingen die belangrijk zijn om hun leven in te kunnen richten als topsporter. Denk bijvoorbeeld aan voeding, mentale vaardigheden, omgaan met de media, contracten, koken, slapen, herstellen en hoe je goed met je lichaam omgaat. Binnen het topsportleerplan zitten mentale vaardigheden en van die mentale vaardigheden is visualiseren er één.”

Jaarplan
“Zo hebben we een heel jaarplan ontwikkeld. Bij elke leeftijdsgroep komen door het jaar heen acht thema’s terug die bij die leeftijdscategorie passen en die ongeveer een maand duren. Dit kun je ook op een groot planbord in de trainerskamer zien. Ieder jaar kijken we hier weer kritisch naar of we iets kunnen verbeteren met als belangrijkste doel dat we spelers ontwikkelen, die zich 24/7 kunnen richten op presteren.”

Thema
“Zo’n thema begint vaak met een workshop, met daarin een stukje uitleg. Dit komt dan gedurende die maand meerdere malen terug. Zo oefenen spelers het ook een keer in de kleedkamer, op het veld, geven we ze een opdracht voor thuis, zetten we een filmpje in de app en nog veel meer. Vervolgens moeten de spelers er zelf mee aan de slag. Uiteindelijk moeten spelers zelf kiezen of dit een vaardigheid is die ze willen gebruiken of niet. Wij verplichten het dus niet. Wij zien het als onze taak om die vaardigheid aan te leren en als een speler merkt dat het bij hem werkt, dan gaat hij het vanzelf vaker inzetten.”

Voorbeeld
Kelvin: “Een goed voorbeeld hiervan is de slaapbril. Deze hebben we onlangs bij een speler van de O16 geïntroduceerd. Om goed te kunnen slapen is het belangrijk om in het laatste uur, voordat je gaat slapen niet meer naar een scherm kijkt (tv, tablet of telefoon). Omdat dat erg moeilijk is in deze tijd, hebben we hem de slaapbril gegeven. Deze bril filtert al het blauwe licht en we raden aan om deze een uur voor het slapen op te zetten. Die ene speler had er zoveel baat bij, dat nadat we die ene speler de bril gaven, binnen enkele dagen het hele team vroeg om die bril. Inmiddels komen er zelfs vragen uit de andere teams. Het is een goed teken voor ons om te zien dat spelers ervaren dat het hen helpt en beter maakt.”

Opbouw
Bart: “Zo staat er bij de verschillende leeftijdscategorieën een logische volgorde van onderwerpen op het programma. We beginnen bij de O12 met visualiseren, bij de O13 gaat het over ontspanningstechnieken, bij de O14 staan concentratietechnieken centraal en bij de O15 gedachtencontrole en zelfspraak. Het doel is uiteindelijk dat een speler vanaf de O16 weet welke instrumenten hij kan inzetten die voor hem als speler werken. Voor de één kan dat visualiseren zijn en voor de ander is dat een ontspanningstechniek.”

Geen doel op zich
“Belangrijk om te weten is dus dat visualiseren een tool is en geen doel op zich. Visualiseren heeft, net als heel veel andere onderwerpen, een plek in de opleiding. Je moet het zeker ook niet groter maken dan het is. Binnen deze club willen we spelers heel veel dingen aanreiken, maar uiteindelijk zijn de spelers zelf verantwoordelijk voor hun eigen ontwikkeling. Wij zeggen wel dat spelers optimaal een wedstrijd in moeten gaan, maar niet hoe ze dat moeten doen. Wij geven aandacht aan deze zaken om spelers beter te laten presteren. Wij geven deze aandacht, vóórdat er een probleem is, want het is ‘easier to build strong children, then to repair broken men’!

Integratie
Kelvin: “Tenslotte vinden we het belangrijk dat we het programma geïntegreerd hebben. Bart geeft alle onderwerpen zelf. Het is dus niet een diëtist die een keer langs komt om iets over voeding te vertellen en een sportpsycholoog over ontspanning, want dan staat het allemaal los van elkaar. Wij benaderen het holistisch. En ook de trainer speelt er een belangrijke rol in, want als spelers van alle kanten steeds horen hoe belangrijk het is, dan hebben spelers er ook meer vertrouwen in.”

Ouders
“Daarom nemen we de ouders mee. Zij krijgen ook een aantal keer per jaar les over topsport en alle facetten waar de kinderen mee te maken krijgen. Daarin leggen we ook uit waarom we dingen doen. Als een jongen opeens tijdens een autorit met de handen voor de ogen zit om te visualiseren, moet een ouder niet denken dat hij verdrietig is. Daarnaast kan een kleine opmerking van een ouder dat het allemaal maar onzin is, soms al voor veel verwarring bij een speler zorgen. Daarom gaan dus ook de ouders mee in het traject.”

Van Persie
Bart: “Bij de eerste les over visualiseren vertel ik een verhaal over het doelpunt van Robin van Persie op het WK van 2014. Iedere speler heeft zijn ogen dicht, eventueel handen voor de ogen en dan vertel ik dat ze het stadion moeten zien, het gras moeten ruiken en beschrijf ik de voorzet van Daley Blind en de kopbal van Robin van Persie. Als ik dan vraag om welk doelpunt het gaat, roepen ze allemaal ‘Robin van Persie’. Ze hebben dan het doelpunt al voor hun ogen gezien en ze hebben dus al gevisualiseerd.”
“Dan vraag ik wat ze het gemakkelijkst vonden: het zien, het horen of het ruiken. Vervolgens vraag ik ze om het nog een keer te doen, maar dan te letten op andere zintuigen. En als het bij sommige nog niet zo goed lukt, dan beschrijf ik nog twee goals. Tenslotte laat ik dan ook die goal nog op beeld zien.”

Waarom en wanneer
“Daarna vraag ik aan de spelers waarom en wanneer je zou kunnen visualiseren. Dan komen ze vaak al snel tot de redenen waarom we dit doen. Ten eerste kan het bijdragen tot meer zelfvertrouwen. Ten tweede helpt het om te komen in de optimale prestatietoestand en je kunt achteraf ergens van leren. Ook kun je nog uitleggen hoe visualiseren werkt. Alles wordt vanuit het brein aangestuurd. Als je oefent om het te zien, worden dezelfde banen in het brein getraind als wanneer je de actie echt zou oefenen. Daar hoef je de actie niet echt voor te doen. Tijdens het visualiseren wordt alleen het laatste signaaltje, om de spieren aan te sturen die het uit moeten voeren, tegengehouden. Er zijn ook mensen (bijvoorbeeld Erben Wennemars) die helemaal meebewegen als ze visualiseren. Hierbij is het belangrijk om te proberen vanuit je eigen perspectief te kijken, dus zoals je het vanuit je eigen ogen ziet. Dit levert het meeste rendement op.”

Afsluiten
“Een tip die we vaak geven bij het visualiseren is om je even af te sluiten van de omgeving, zodat je helemaal in je eigen gedachten kunt komen. Een handigheidje is door met de handen voor de ogen te gaan zitten, het hoofd iets te buigen en je vervolgens alleen nog te richten op je ademhaling en je gedachten.”

Vervolg
“Het is natuurlijk niet zo dat we het enkel bij één workshop per maand houden. De trainer kan er mee aan de slag gaan en het kan natuurlijk dat we bijvoorbeeld na een of twee weken een filmpje in de groepsapp zetten. Ze leren de hele dag dingen, dus het is goed om dingen te herhalen. Dit zou bijvoorbeeld het filmpje van Lewandowski kunnen zijn, waarin hij ook aan het visualiseren is. En zo proberen we zoveel mogelijk voorbeelden te verzamelen van personen die ze aanspreken. Zlatan schreef bijvoorbeeld in zijn boek dat hij iedere avond visualiseerde. Elke avond zag hij een soort van film wat hij die dag op het veld gedaan had en probeerde daar weer van te leren. Ook Ruud van Nistelrooij gaf aan dat hij voor de wedstrijd altijd bezig was om zichzelf doelpunten te zien maken. Strafschoppen, voorzetten, alles om maar in die goede toestand te komen.” Kelvin: “Ook Wayne Rooney zegt dat hij er gebruik van maakt. De avond voor de wedstrijd beeldt hij zelfs in in welk tenue hij speelt, het stadion waarin hij gaat spelen, hoe het veld eruit ziet en naar welke kant er gespeeld wordt. Ook in andere sporten zoals boksen en turnen zie je het vaak gebruikt worden.”


Tweet
Bart: “Op de tweet van Kelvin is in de media nog wel wat ophef ontstaan. Eerst hadden we de behoefte om onszelf te verdedigen, toch hebben we daar uiteindelijk niet voor gekozen. Vroeger ging ik bij kritiek nog meer artikelen in de wetenschap zoeken om het gelijk te bewijzen. Uiteindelijk hebben we een andere methode gekozen. Het gaat erom dat we de jongens vaardigheden aanbieden waar zij baat bij kunnen hebben. Wij zien dat het bijdraagt aan de voetbalontwikkeling van spelers. Dat is het enige wat telt. Natuurlijk helpt visualiseren niet voor iedereen, maar veel spelers hebben hier wel baat bij.”


Wetenschap
Kelvin: “Natuurlijk is er ook genoeg wetenschappelijk bewijs. In het Amerikaanse basketbal hebben ze een studie gedaan met drie groepen, waarbij groep 1 elke dag vrije worpen mocht nemen, de tweede groep op de eerste en laatste dag vrije worpen nam en in de tussentijd alleen maar die vrije worpen aan het visualiseren was en een derde groep die niet trainde. Het bleek dat de derde groep niet vooruitging en dat de eerste twee groepen ongeveer evenveel vooruitgang boekten.” Bart: “Dat is ook fijn, want je krijgt soms van de trainers toch wel de vraag of het allemaal wel onderzocht is.”

Iedereen
Kelvin: “Veel mensen visualiseren vaker dan ze zelf realiseren. Als je een sollicitatiegesprek hebt of een presentatie moet geven, zijn veel mensen vaak al aan het denken wat er gevraagd kan worden en wat ze dan eventueel kunnen doen. De één schrijft dat helemaal uit, de ander ligt daarover na te denken en ziet zichzelf al in die situatie.” Bart: “Aan ons de taak om spelers, die nog niet visualiseren, op de mogelijkheden te wijzen, want iedereen kan het. Als ik tegen iemand zeg: ‘doe je ogen dicht en denk aan het doelpunt van Robin van Persie’, dan lukt iedereen dat. De één kan het echter beter dan de ander.”

Begin
“We beginnen met visualiseren bij de O12, omdat het uitstekend bij deze leeftijd past. Concentratieproblemen zijn vaak nog actueel op die leeftijd. Daarnaast zullen ze op deze leeftijd veel meer open staan voor dit onderwerp dan bijvoorbeeld iemand van 25 die daar misschien al een mening over heeft gevormd.”

“Maar nogmaals, ze moeten uiteindelijk zelf een keuze maken uit alle vaardigheden die we ze aanbieden. De spelers in onze opleiding hebben allemaal een topsportprofiel waarin ze exact opschrijven wat zij doen om zichzelf optimaal voor te bereiden op een training, te focussen tijdens een training en weer te herstellen na een training. Zo houden ze bij wat ze graag eten of drinken voor een training of wedstrijd, maar ook of ze het prettig vinden om te visualiseren of niet. Door dit bij te houden, zijn ze eigenlijk voor zichzelf protocollen aan het ontwikkelen, waar zij het meest behoefte aan hebben om zich optimaal voor te bereiden voor een training of wedstrijd. Dit topsportprofiel is voor ons een belangrijke tool, zowel voor de speler als voor de trainer. Niet alleen om de ontwikkeling te volgen, maar ook om een speler bewust te maken van zijn topsportleefstijl.”

Doorlopende ontwikkeling
“Belangrijk is dat spelers zichzelf doorlopend blijven ontwikkelen. Steeds moeten ze even terugdenken aan wat ze de afgelopen maand hebben geleerd, hoe ze dat hebben toegepast en wat er voor ze werkt. Dat vullen ze in hun topsportprofiel in. Zo kan iemand ook zeggen dat hij liever niet voor een wedstrijd visualiseert, omdat hij daar juist gespannen van wordt. Hij visualiseert bijvoorbeeld liever na de wedstrijd hoe hij bepaalde dingen een volgende keer beter kan doen. Nogmaals, daar zijn ze echt vrij in. Als we zeggen: je moet visualiseren, dan werkt het niet. Wij willen dat spelers zelf de keuze maken om iets te doen, maar wij helpen ze wel hun keuzemogelijkheden te vergroten door dingen zoals visualiseren aan te reiken.”

 
Wil je het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor ‚ā¨29
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen