Inloggen
Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
Externe scouting
Woensdag 21 Juni 2017


Alphense Boys speelt met zijn jeugdteams al jarenlang op het hoogste niveau en ontving in 2015 zelfs het predicaat ‘Regionale Jeugdopleiding’ van de KNVB. Paul Bahlmann is technisch coördinator en legt uit hoe de club onder andere door externe scouting één van de meest vooraanstaande amateurclubs is van Nederland.

Tekst: Tom Druppers | Beeld: Alphense Boys 

In 2005 ontving Alphense Boys onder leiding van technisch coördinator Paul Bahlmann de prestigieuze Rinus Michels Award voor beste jeugdopleiding van het jaar van het Nederlands amateurvoetbal. “Gek genoeg is het vanaf dat moment allemaal in een stroomversnelling geraakt”, zo vertelt Bahlmann. “Natuurlijk hadden we onze zaakjes toen al goed voor elkaar en was die prijs een mooie beloning, maar het was vooral een bevestiging dat we op de goede weg waren.”
 
“We hebben toen de ambitie uitgesproken om verder door te groeien en wilden ons graag definitief nestelen in de top van amateurvoetbal. Een gedegen jeugdopleiding is van levensbelang als je op de lange termijn graag wilt meedraaien en daarom besloten we daar nog meer op in te zetten en verder te professionaliseren.”
 
Talentendag
Zo organiseert de club een talentendag, waar spelers van andere verenigingen uit de onderbouw zichzelf in de kijker kunnen spelen. De dag wordt in samenspraak georganiseerd met Feyenoord, dat een samenwerkingsverband met de club heeft. “In het verleden was het nog weleens zo dat er kinderen meededen die echt niveau tekort kwamen. Dat is oneerlijk ten opzichte van het spelertje, want als hij merkt dat hij in verhouding met de anderen een stuk minder goed kan voetballen, is dat schadelijk voor zijn zelfvertrouwen. Daarom is het een voorwaarde dat een speler in het hoogste selectieteam speelt van zijn eigen amateurclub”, zo zegt Bahlmann. 
 
“De talentendag organiseren we altijd in de voorjaarsvakantie op woensdagmiddag. Er lopen dan ook scouts van Feyenoord rond, die ons ondersteunen en natuurlijk kijken of er mogelijkerwijs nog interessante jongens rondlopen voor hun eigen opleiding. Wanneer een speler tijdens de talentendag positief opvalt bij ons, wordt hij uitgenodigd voor een aantal stagetrainingen.”
 
Scoutingsprocedure
De clubman is sindskort gepensioneerd en zeven dag per week aanwezig op sportpark de Bijlen. “Natuurlijk behelzen de dagelijkse werkzaamheden veel tijd en inspanning, maar zolang ik er plezier blijf uithalen kost het me geen enkele moeite”, zo zegt hij.
 


Het begeleiden van de externe scouting van de club is sinds 2005 één van zijn kerntaken bij de ambitieuze Alphenaren. De club beschikt over een aantal scouts die de regio afstruinen, opzoek naar nieuw voetbaltalent. Aan Bahlmann de taak om de scoutingsrapporten te verwerken en op waarde in te schatten. “De scouts leveren mij een korte tekst aan, waarin ze een omschrijving geven van de speler. Ook worden de basisvaardigheden beoordeeld met een cijfer, zodat ik een indexatie heb van het niveau dat hij heeft.”
 
Zelf is hij ook regelmatig langs de lijn te vinden, waar hij de bevindingen van zijn collega’s dan met eigen ogen gaat bekijken. “Een goede scout ziet binnen vijf minuten of een speler speciaal is. Dat zit hem niet zozeer in technische vaardigheden of fysiek, maar meer op de manier waarop iemand voortbeweegt. Als een speler dat namelijk goed beheerst is hij ook beter in staat zich goed te ontwikkelen op andere punten, zo leert mijn ervaring.”
 
Wanneer Bahlmann en zijn collega’s scouten voor oudere leeftijdscategorieën van de club wordt er steeds specifieker gekeken naar versterkingen voor bepaalde posities. “Tijdens het seizoen evalueren we onze eigen teams; zo krijgen we een duidelijk beeld waar de aandacht naar uit moet gaan voor het komende seizoen, wat betreft de invulling van het elftal.” Ook komt het regelmatig voor dat spelers van de club uitgenodigd worden voor een stage bij één van de vele BVO's in Nederland. Dit lopende seizoen kwamen er 48 stage uitnodigingen binnen van twaalf verschillende profclubs. “Door contact te onderhouden met de desbetreffende club maken we de afweging of we er dan voor kiezen om een potentiële vervanger uit te nodigen.” Bij de onderbouw wordt er echter minder gericht gescout, zo vertelt hij. “Daar kijken we echt puur en alleen naar potentie, want spelers zijn op die leeftijd nog veel meer te vormen. Hun positie in hun eigen elftal speelt dus slechts in mindere mate een rol.”
 
Een ander aspect dat zwaar weegt in het scoutingsproces is het gedrag en de mentale weerbaarheid van voetballers. “Vaak probeer ik gedurende een wedstrijd die ik volg goed te kijken hoe een speler omgaat met tegenslagen, zoals bijvoorbeeld een mislukte actie. Zet hij op dat moment een stapje extra, geeft hij op, of erger nog: maakt hij verwijten naar een ploeggenoot?” De non-verbale lichaamshouding gebruikt hij vaak als graadmeter. “Juist in situaties waarin de bal niet in zijn buurt is en de speler dus niet direct betrokken is bij het spel, zijn dan belangrijk.”

 

Vervolgstappen
Wanneer een speler geschikt wordt geacht voor het niveau van de hoogste selectieteams van Alphense Boys volgt er een brief gericht aan de vereniging waarop hij op dat moment actief is. “We nodigen iemand nooit uit zonder z’n club te informeren.” De speler en ouders worden uitgenodigd voor een persoonlijk gesprek waarin Bahlmann ze meer verteld over Alphense Boys en haar jeugdopleiding. “Ook probeer ik dan meer te weten te komen over de speler zelf. Dan doel ik niet alleen op voetbalgerelateerde zaken, maar ook school en de thuissituatie komen dan aan de orde.”
 
Als het gevoel bij beide partijen goed is, wordt er een afspraak gemaakt voor een aantal stagetrainingen, waar de speler de kans krijgt om zichzelf te bewijzen en kennis te maken met het niveau. “Vaak zijn spelers in het begin dan nog wat bleu en moeten ze echt hun plek zoeken binnen het team. Aan de trainer en zijn elftal is het dan de taak om ervoor te zorgen dat een speler zich zo snel mogelijk thuis voelt.” Bahlmann houdt het bewust bij een beperkt aantal momenten, zodat andere clubs er zo min mogelijk hinder van ondervinden. “Daarnaast verwachten we van onze trainers dat zij kundig genoeg zijn om daarna te kunnen beoordelen of iemand wel of niet in aanmerking komt.”
 
Vervolgens gaat de selectieprocedure pas verder na afloop van de competitie. “Dat is een bewuste keuze, want geen enkele club wil natuurlijk spelers missen in de beslissende fase van het seizoen. Als dat is afgerond starten we met een serie oefenwedstrijden, waarin er door verschillende trainers bij diverse teams wordt meegekeken. Uiteindelijk volgt er een beslissing en willen we de selecties halverwege mei bekendmaken, zodat er voor spelers die net buiten de boot vallen voldoende tijd is voor een eventuele overschrijving.”
 
Introductie
Doordat Alphense Boys jaarlijks veel nieuwkomers uit verschillende steden en dorpen verwelkomt hebben de trainers de lastige taak er binnen korte tijd één team van te maken. “Daarom start de voorbereiding op het nieuwe seizoen zodra de nieuwe selecties bekendgemaakt zijn. Er worden dan bijvoorbeeld een aantal toernooien gespeeld in de nieuwe samenstelling onder leiding van de nieuwe trainer, zodat iedereen snel aan elkaar kan wennen.” Ook worden er teamweekenden georganiseerd, waarbij de teams overnachten op de club en alledaagse dingen gezamenlijk doen. “Natuurlijk wordt er getraind, maar er vinden ook niet-voetbalactiviteiten plaats ter versterking van de saamhorigheid.”
 
Bahlmann moet ervoor zorgen dat de informatievoorziening voor de nieuwe spelers goed verloopt en er bij aanvang van het nieuwe seizoen geen onduidelijkheden meer zijn. “Voor ieder team houden we daarom een ouderavond, waarbij we verschillende afspraken samen doorlopen en ik kort de ambities van de vereniging toelicht”, zo vertelt Bahlmann. Bovendien zijn er ouders die met vragen kampen. Zo kreeg hij dit seizoen nog de vraag van een stel ouders of hun zoon tijdens het seizoen nog het risico liep naar een lager team te moeten. “Als een speler zich netjes aan de teamafspraken houdt, geven we de garantie dat hij volwaardig selectielid blijft tot en met het einde van het seizoen. Ik vind dat we die verplichting hebben, omdat het voor een speler en zijn ouders ook een flinke investering is om bij ons te komen spelen, gezien de reisafstand voor sommigen.”
 
Communicatie
Bahlmann probeert zorgvuldig om te gaan met het versturen van uitnodigingen, omdat hij zich terdege beseft dat externe scouting gevoelig ligt bij amateurclubs in de regio. Hij werkt exact volgens de regels die de KNVB voorschrijft op dit gebied, zo zegt hij zelf. “Het is niet zo dat wij wekelijks honderden brieven de deur uitdoen en een scala aan spelers uitnodigen, om vervolgens pas te kijken wat voor een vlees we in de kuip hebben”, zo vertelt hij. “Alleen als wij denken dat een speler écht een mogelijke versterking is voor een van onze teams gaan we over tot een invitatie.”
 
Ondanks de zorgvuldigheid kan Bahlmann niet voorkomen dat het soms leidt tot heetgebakerde conflicten. In 2014 bereikten de spanningen hun kookpunt, toen een stel amateurclubs zich verenigden in een convenant tegen externe scouting door andere amateurclubs. “Zij vonden dat wij door externe scouting roofbouw pleegden op hun talenten en weigeren nu tegen ons aan te treden op toernooien en in vriendschappelijke wedstrijden.”
 
“Er zijn clubs die uitnodigingsbrieven van ons achterhouden, om zo een speler te behouden voor hun eigen amateurvereniging.” Het kan op weinig begrip rekenen bij Bahlmann, die erop wijst dat het belang van het kind centraal moet staan. “Een jeugdopleiding is toch bedoeld voor de optimale ontwikkeling van een individuele speler? Wanneer een speler bij zijn eigen club 1e Klasse speelt en bij ons de kans krijgt om zich te meten met spelers uit de 1e Divisie vind ik het onbegrijpelijk dat je dat als club tracht te dwarsbomen.”
 
Met veel omliggende verenigingen onderhoudt hij echter een prima relatie. “Het komt vaak genoeg voor dat ik getipt word door een collega van een andere club over een talentvolle speler die toe is aan een hoger niveau.”
 
Uitstroom naar BVO’s
Alphense Boys heeft een samenwerkingsverband met Feyenoord en Bahlmann onderhoudt veel contact met zijn Rotterdamse collega’s. “Jaarlijks bezoek ik de club een aantal keren, om de laatste ontwikkelingen wat betreft onze jeugd door te spreken. Verder houdt het samenwerkingsverband in dat wij Feyenoord op de hoogte brengen wanneer één van onze spelers een uitnodiging ontvangt van een concurrerende BVO, zoals dat bij veel andere verenigingen ook het geval is.”
 
Ieder seizoen raakt de club tien tot vijftien van haar spelers kwijt aan clubs als Feyenoord, FC Utrecht, Sparta Rotterdam, ADO Den Haag en Vitesse. Het meest bekende voorbeeld is Jens Toornstra. De dynamische middenvelder van Feyenoord doorliep negen jaar lang jeugdopleiding van Alphense Boys, maar werd na een tip van Kees Jansma (o.a. oud-voorzitter van de club, red.) opgepikt door ADO Den Haag. “Jens was en is een leuke en bescheiden jongen. Dat hij het nu zo goed doet in de top van Nederland, maakt ons stiekem wel een beetje trots.”.
 
“Natuurlijk is het ieder jaar weer een flinke klus om de selecties op volle oorlogssterkte te krijgen, wanneer de beste spelers zijn vertrokken. Echter creëert dat ook weer ruimte voor andere talenten om zich in de kijker te spelen en zich verder te ontwikkelen. Bovendien komt het ook weleens voor dat wij een speler oppikken bij een naastgelegen dorpsclub en hij het seizoen daarna al verkast naar een BVO. Dan krijgen ze net de prikkels die ze bij hun voormalige amateurclub misten.”
 
Samenwerking met andere amateurclubs
Bijzonder is dat Alphense Boys zelf een samenwerkingsverband heeft met zes andere verenigingen (ASW, FC VVC, Esto, avv Alphen, Nieuwkoop & DOSR). “Dat werd geopperd door Feyenoord. Zij stelden voor om zoiets op te zetten in onze regio zodat de verschillende clubs van elkaar kunnen profiteren. Het voordeel daarvan is dat wij kortere lijntjes met elkaar hebben en zo makkelijker gezamenlijk activiteiten kunnen organiseren. Dan kun je bijvoorbeeld denken aan KNVB trainers- en scheidsrechter cursussen”, zo vertelt Bahlmann. “Ook proberen we op bestuurlijk gebied van elkaar te leren, door kennis te delen.” Daarnaast adviseert Alphense Boys talenten die afvallen bij hun jeugdopleiding bij de omringende clubs met wie zij een samenwerkingsverband heeft. “Dan versterk je het algehele niveau in de regio en dat komt de weerstand van jeugdspelers onderling ten goede.”
 
Wil je het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor €29
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen