Inloggen
Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
Monitoren van het individu
Leestijd 6-8 minuten
| Bedankt voor uw mening!
Vrijdag 16 Februari 2018

Freek Laumen brengt bij NAC Breda de fysieke gesteldheid van de spelers in kaart, zodat hoofdtrainer Stijn Vreven over fitte spelers kan beschikken. “Dat is waarschijnlijk het doel van iedere fysiektrainer. Doordat ik elke individuele speler binnen de selectie fysiek in kaart heb én daarop kan anticiperen, kunnen we veel blessures voor zijn.”

Tekst: Rogier Veenstra | Beeld: NAC 

NAC promoveerde vorig seizoen naar de Eredivisie, gezien de historie en de achterban van de club het niveau waar de club thuishoort. Naast de uitdaging voor hoofdtrainer Vreven om de Bredase club op het hoogste niveau te houden, is de doelstelling ook om spelers iedere dag beter te maken. Om dit te bewerkstelligen heeft NAC op meerdere gebieden specialisten in de arm genomen. Eén daarvan is Freek Laumen. Hij was jarenlang (sport)fysiotherapeut en maakte enkele jaren geleden de stap naar de wetenschap. Binnen de stugge voetbalcultuur lijkt de afgelopen tijd steeds meer ruimte te komen voor de sportwetenschap en de eredivisionist lijkt daar ook de vruchten van te plukken. “Mijn werkzaamheden binnen de club zijn tweeledig. Bij de eerste selectie ben ik werkzaam als een van de performancecoaches en daarnaast ben ik sport- en bewegingswetenschapper.”

Preventie
Als performancecoach binnen een vereniging of selectie kun je verschillende of meerdere doelstellingen hebben. Zo kan een ‘specialistentrainer’ zorgdragen voor een conditionele stap, maar ook de stap naar het krachthonk kan gemaakt worden. Bij Laumen staat één doel voorop: het voorkomen van blessures. “Het voorkomen van blessures is niet zo heel moeilijk, maar wel op het niveau van de eredivisie. Als je niks doet, raak je niet geblesseerd. Maar je ontwikkelt jezelf ook niet als speler. Dat strookt natuurlijk niet met het eerste elftal van een BVO. Elke dag moeten de spelers op de toppen van hun kunnen presteren, maar mogen tegelijkertijd niet geblesseerd raken. Dan balanceer je dus vaak op het randje.”



“Blessurepreventie is in mijn ogen om een aantal redenen ontzettend belangrijk. Op het moment dat je op dit niveau geblesseerd raakt, mis je trainingen en word je dus als speler niet beter. Deze kink in de kabel zorgt ervoor dat je afstand neemt van het niveau dat gevraagd wordt en dat kan consequenties hebben voor de resultaten van de ploeg. Anderzijds denk ik dat elke speler de situatie wel herkent. Je raakt geblesseerd en mag drie weken niet meetrainen met de groep. Hoe hoger het niveau, hoe langer het duurt voordat een speler weer op zijn oude niveau is en uiteindelijk weer de aansluiting vindt bij de groep die heeft doorgetraind. Bij NAC is het zo dat iedereen nodig is om goed te presteren in de Eredivisie. Een selectie met weinig blessures is daar een heel belangrijk onderdeel van.”

Vragenlijst
Sommige trainers zijn goed geschoold om een trainingsweek goed in te delen, zodat de arbeids-rustverhouding redelijk klopt. Daarnaast worden veel trainers geholpen door conditietrainers die daar hun vak van hebben gemaakt en vaak een planning van maanden maken. Ook bij NAC Breda zijn er genoeg mensen die verstand hebben van dit soort zaken, maar volgens Laumen moeten we één persoon in dit verhaal absoluut niet vergeten: de speler. “Je kunt nog zulke mooie trainingsschema’s maken, maar uiteindelijk is iedere speler anders en ervaren de spelers dus ook iedere training of wedstrijd verschillend. Je moet in staat zijn om continu te evalueren en je planning waar nodig bij te sturen. Daarom ben ik op zoek gegaan naar een middel om spelers te monitoren. Hoe zwaar vonden zij de training en in welke mate reageren ze daarop in de vorm van spierpijn en mentale of fysieke vermoeidheid? Het zijn vragen waar ik mee aan de slag ben gegaan en ik heb uiteindelijk gekozen voor een vragenlijst die iedere dag terugkeert.”



“Toch bleek het bij de start lastig om een goed en passend beeld te krijgen van de spelers. Dit had alles te maken met de manier en openheid waarmee de spelers antwoord gaven. Iedereen wil namelijk naar de trainer overkomen als een topfitte speler die elke wedstrijd moet spelen. Dat moest doorbroken worden. Dat hebben we gecreëerd door een online vragenlijst en de overtuiging van de trainer richting de spelersgroep. Hij had niks aan oneerlijke antwoorden, want dat kon zorgen voor blessures. De trainer is dan niet blij en de speler natuurlijk ook niet. Sindsdien werkt het geweldig en weet ik elke dag wat spelers ervaren. Het is wel zaak om dit gestructureerd te doen en er dus een gewoonte van te maken. Wij zijn nu in staat om elke dag de risicogevallen, de spelers die veel spierpijn hebben of zich erg vermoeid voelen, een speciaal programma te geven.”

Externe factoren
Je kunt met de technische en medische staf je doodstaren op de intensiteit van trainingen, maar dat is volgens de sport- en bewegingswetenschapper niet de enige reden waardoor spelers vermoeidheid en spierpijn ervaren. “Wat dacht je van de privé-situatie? De wetenschap leert ons dat wanneer een speler slecht of kort slaapt, hij daardoor een verhoogd risico heeft om geblesseerd te raken. Maar ook het eten en drinken wat thuis geconsumeerd wordt, kan leiden tot een hoger risico. Tenslotte kan de kans op een blessure ook afnemen als een speler zich goed voelt in zijn thuissituatie. Als de relatie thuis niet goed loopt, een verhuizing niet vlekkeloos verloopt of een van de kinderen ziek is, kan dat allemaal meespelen in een onverwachte fysieke reactie en daarmee in de mate van blessuregevoeligheid. Ik kan dat bij NAC terugzien in de vragenlijsten die dagelijks worden ingevuld.”

Trainingsintensiteit
Omdat er dagelijks door de spelers ingevulde vragenlijsten binnenkomen weet Laumen voor een gedeelte de fysieke toestand van de spelers. Geen hogere wiskunde natuurlijk, gewoon een handigheidje om meer te weten te komen over de spelers. De volgende stap is volgens hem ontzettend belangrijk. “Monitoren vind ik heel erg belangrijk, omdat we gewoon meer komen te weten over de spelers. Als je daar vervolgens niks mee doet, dan heb je er ook niks aan. Omdat preventie voor mij de basis is voor presteren, moet je de risicogevallen niet links laten liggen. De stap naar het trainingsveld is daardoor erg bepalend.”



“Ik weet welke spelers de training zwaar vonden en daar mogelijk overmatige spierpijn aan hebben overgehouden. Daarmee ga ik naar de technische staf om de situatie te bespreken. Als een speler ergens last van heeft en gewoon door blijft trainen, is de kans aanwezig dat het alleen maar erger wordt en uiteindelijk resulteert in een blessure. Dat willen we niet, want met een grote fitte selectie maken we de grootste kans om ons te handhaven in de Eredivisie. Dus is het verstandig dat de trainingsintensiteit van de desbetreffende speler omlaag gaat. Dat wil absoluut niet zeggen dat hij niks doet. Hij doet bijvoorbeeld sommige partijvormen korter of krijgt een fietsprogramma in plaats van een sprintprogramma. Hierdoor krijgt een speler dus op individueel vlak de ruimte die nodig is om optimaal te herstellen. Vervolgens kunnen we de intensiteit weer omhooggooien en monitoren of het beter gaat. Is dat niet het geval dan passen we de training weer aan.”

De kantjes ervan af lopen
Door de trainingsintensiteit per speler te managen, verlagen ze dus bij NAC de kans op blessures. Omdat er voor de Eredivisie heel veel gevraagd wordt, ook op fysiek gebied, is het zaak om maximaal te trainen om fysiek bij te blijven met de rest van de ploegen. Een pijntje is volgens Laumen absoluut geen probleem. Er wordt wel gewoon topsport bedreven, maar ze hebben niks aan geblesseerde spelers. De andere kant van het verhaal heeft de conditietrainer van de Bredase club ook weleens gezien. “De kantjes ervan af lopen, dat kan natuurlijk niet op dit niveau. Toch gebeurt het sporadisch weleens. Als dit geregeld voorkomt zie je vaak dat spelers op de lange termijn in de wedstrijden tekort komen, omdat zij doordeweeks niet optimaal worden geprikkeld en zich dus niet ontwikkelen. Dat gaat ten koste van het niveau en deze factor mag in Breda niet het resultaat beïnvloeden.”



“Gelukkig hebben we de beschikking over hartslagmeters en GPS-systemen. Hierdoor zien we precies hoeveel een speler loopt en of zijn hartslag voldoende in het rood gaat. Als we op papier een zware training uitzetten en in de praktijk blijkt dat de hartslag van een speler relatief laag blijft, dan mag hij op het matje komen. Gelukkig zorgen de meetinstrumenten er vaak al voor dat spelers maximaal presteren tijdens de oefenvormen en dus iedereen conditioneel een stap maakt. Is het zo dat een speler wel voluit gaat, maar gewoon extreem fit is, dan dagen wij hem uit door extra te trainen. Want daar hebben we allemaal profijt van.”

Relatie met spelers en staf
In de machowereld van de voetballerij is het soms moeilijk om de eerlijke en oprechte kant van een voetballer te zien. Zeker als het gaat om de fitheid van een speler. Spelers voelen zich misschien wel een watje en zijn bang als de conditietrainer spelers goed in beeld heeft, dat consequenties heeft voor de wedstrijden. “Als je nieuw komt bij een club, dan is je kennis uiteraard van belang, maar de relatie tussen mij en de spelers misschien nog wel belangrijker. Op het moment dat ze merken dat ik het beste met hen voor heb en er juist voor zorg dat zij niet geblesseerd raken, toch de angst voor elke voetballer, dan ontstaat er een goede band. Deze relatie zorgt er dan weer voor dat zij eerlijk zijn en dat we er samen voor zorgen dat iedereen zo fit mogelijk is en blijft.”

“De relatie met de technische staf kan soms wat moeilijker zijn, maar ook dat gaat ontzettend goed bij NAC. De druk is hier groot. We zijn eindelijk terug in de Eredivisie en we weten allemaal hoe het een treetje lager is. Dat willen we voorkomen, het draait daarom simpelweg om punten. Dat kan er dus ook voor zorgen dat een trainer het advies van een fysiotherapeut, conditietrainer of sport- en bewegingswetenschapper naast zich neerlegt, omdat hij gewoon met iedereen wil trainen. Gelukkig is dat hier niet het geval. Pijntjes zijn geen probleem, maar als staf moet je niet de fout begaan door de ‘niet lullen-maar-poetsencultuur’ altijd maar te waarborgen. Spelers moeten alles geven in intensiteit en kwaliteit, maar er zijn grenzen die er uiteindelijk weer voor kunnen zorgen dat spelers op de wedstrijddag fitter zijn, doordat ze twee dagen eerder een partijspel hebben overgeslagen. Die samenwerking gaat bij ons ontzettend goed.”

Manier van trainen
Bij NAC worden alle spelers gestructureerd in kaart gebracht en doordat de wederzijdse belangen en de relatie met Laumen goed is, worden er ook eerlijke antwoorden gegeven. De basis is er dan, waardoor er binnen de groep individuele trainingsprogramma’s worden opgesteld, waar iedereen uiteindelijk weer profijt van heeft. Natuurlijk komt het ook weleens voor dat een hele groep de training loodzwaar heeft ervaren en wat doe je dan als staf? “We plannen de weken zo in dat we de arbeids-rustverhouding goed in de gaten houden. Dan nog kan het een keer zijn dat we even aan de bel moeten trekken. Het betekent niet dat we een dag rust nemen, maar een alternatieve training geven. Als je als trainer tactisch wil trainen en de nadruk legt op de diepgang van de buitenspelers of de middenvelders dan moet er een aantal spelers waarschijnlijk flink wat lange sprints trekken. Als heel veel spelers last van hun hamstrings hebben, is het niet verstandig om dat te doen. Ga daar als trainer goed mee om en speel een partijspel of positiespel in een kleinere ruimte, waardoor er minder lange sprints voorkomen. Het lijken hele simpele dingen, maar het zorgt er wel voor dat de meeste spelers fit blijven. En fit blijven is beter worden en beter worden is meer punten pakken!”
Wil je het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor €29
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen