Inloggen
Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
De speelwijze veranderen?
Leestijd 6-8 minuten
Vrijdag 16 Maart 2018

Benschop is koploper in de derde klasse D van het district West 1, FC Driebergen sluit de ranglijst. Wij vroegen beide trainers, Emmanuel Sluis (Benschop) en Wouter van den Berg (FC Driebergen), of dit gevolgen heeft voor de speelwijze van hun ploeg in de tweede seizoenshelft. Van den Berg: “Als we zo doorgaan, pakken we geen punt meer.”

Tekst: Martin Veldhuizen | Beeld: Martin Veldhuizen, Wouter van den Berg, Emanuel Sluis

Emanuel Sluis (Benschop, 20 september 1971) keerde afgelopen zomer terug bij Benschop, nadat hij die club in 2012 verliet om trainer te worden bij Montfoort en daarna bij Loosdrecht. Zijn voorganger Frenk van der Kleij switchte halverwege het vorige seizoen naar een speelwijze met twee in plaats van drie aanvallers en was daarmee zeer succesvol. De laatste acht competitiewedstrijden werden allemaal gewonnen, met de derde periodetitel als beloning. Het lukte de dorpsclub echter niet om via de play-offs naar de tweede klasse te promoveren. Dit seizoen zette Benschop onder leiding van Sluis de goede prestaties voort. De ploeg gaat met 28 punten uit elf wedstrijden en met vier punten voorsprong op Lopik en Focus'07, fier aan kop.



1. Wat betekende het succes van je voorganger voor jouw werkwijze?
“Ik stap altijd zo neutraal mogelijk binnen bij een nieuwe club en kijk nauwelijks naar het voorgaande seizoen. Maar uit gesprekken met de technische commissie en de spelersgroep begreep ik wel dat de lange reeks overwinningen door een switch in het spelsysteem tot stand was gekomen. De speelwijze werd door anderen omschreven als reactievoetbal, waarbij het team inzakte en met lange ballen de spitsen aan het werk zette. In mijn visie zou die speelwijze niet leiden tot ons doel, namelijk in de top vijf meedraaien. Want als tegenstanders zich ook terugtrekken, ga je het daarmee niet redden. Gelukkig zochten de spelers ook meer uitdaging, maar het is zeker een prettige bijkomstigheid dat we kunnen vertrouwen op de speelwijze van vorig jaar. Tegen een sterke ploeg kunnen we probleemloos switchen naar het oude systeem.”

2. Welk spelsysteem hanteerde je in de eerste seizoenshelft en waarom?
“Ik ben niet zo van 1:4:3:3 of 1:4:4:2. Ik vind het veel belangrijker dat de spelers weten wat ze moeten dan als we de bal wel of niet hebben. Wij willen bepalen wat de tegenstander gaat doen en daarop de juiste reactie tonen. Met dat uitgangspunt begin ik altijd aan een nieuw seizoen en dat was bij Benschop niet anders. In mijn speelwijze staan er wél structureel vier spelers in de laatste linie, waarbij de twee centrale verdedigers in de zone voetballen en de backs in balbezit breed staan en aanvallende intenties hebben.”

3. Is de stand op de ranglijst reden om aanpassingen te doen na de winterstop?
“Nee, we gaan lekker verder op de ingeslagen weg. Ik ga altijd voor een mix tussen resultaat en ontwikkeling van mijn spelers. Van daaruit probeer ik ze stapje voor stapje beter te maken. Al gaat die ontwikkeling sneller als je de nodige punten hebt verzameld, doordat het vertrouwen groeit. De komende maanden ligt de nadruk hooguit wat meer op ons spel in balbezit, omdat we nu eenmaal vaker de bal zullen hebben. Dat betekent dat mijn spelers een idee moeten hebben hoe we tegenstanders, die inzakken, kunnen verslaan. Die situaties probeer ik op de training te simuleren door bij positie- en partijspelen de ruimtes steeds kleiner te maken. Spelen we zaterdags tegen een ploeg die zich massaal terugtrekt, dan heb ik donderdag op de training bijvoorbeeld geen heel veld nodig.”

4. Leg je andere accenten, of ga je jouw aanpak op een andere wijze veranderen?
“Ik denk het niet, tenzij ik onbewust dingen anders doe. Het merendeel van mijn spelers vindt van zichzelf dat ze beter moeten worden in balbezit. Door veel positie- en partijspelen in kleine ruimtes af te wisselen met pass- en trapvormen en afwerkoefeningen probeer ik dat te bewerkstelligen. En in een een-tegen-een-duel met een tegenstander stimuleer ik ze om op snelheid die situatie uit te buiten.
Gelukkig heb ik ook een paar jongens in de selectie die het niet erg vinden om de tegenstander met een lange bal te verslaan. Als het niet mooi kan, dan vinden ze lelijk winnen ook goed, want daar gaat het uiteindelijk natuurlijk wel om. In de training probeer ik die winnaarsgedachte onder andere te ontwikkelen in drie partijtjes van acht minuten. De ploeg die na zes minuten voorstaat, moet er alles aan doen die voorsprong te behouden. Dat verandert niet nu we bovenaan de ranglijst staan.”

5. Ga jij de tweede seizoenshelft al jeugdspelers inpassen met het oog op volgend seizoen?
“Benschop is geen hele grote vereniging, dus heel veel keus hebben we niet. Maar de ontwikkeling is voor de winterstop al wel in gang gezet door met een O23-team alvast een wedstrijd te spelen. Tot aan de zomer volgen er meer. Zo kunnen jeugdspelers en spelers uit ons tweede elftal wennen aan een hoger niveau en ik kan wat vaker zien wat voor vlees we in de kuip hebben. Periodiek zullen we sommige jongens ook uitnodigen om met de A-selectie mee te trainen. Tot nu toe ontbrak de noodzaak daarvoor.”

Wouter van den Berg (Wageningen, 28 september 1977) is bezig aan zijn eerste klus als hoofdtrainer bij FC Driebergen, waar hij vorig seizoen assistent was. Zijn team haalde in elf wedstrijden slechts zeven punten en is daardoor halverwege het seizoen veertiende en laatste. Degradatie dreigt, al bedraagt de achterstand op nummer tien SC Everstein slechts drie punten.




1. Met welk spelsysteem ben je aan het seizoen begonnen en waarom?
“FC Driebergen speelt al jaren, zowel in de jeugd als bij de senioren,1:4:3:3. We begonnen met dit systeem aan het seizoen, ondanks dat de spelersgroep ingrijpend gewijzigd was. Vorig jaar hadden we op papier een topselectie, met veel jongens van buiten de club. Hierbij waren twee uitstekende buitenspelers en een spits die zeer geschikt is voor het spelen met drie aanvallers. Maar het was een zeer onrustig seizoen, waarin de incidenten elkaar opstapelden met als gevolg een leegloop van spelers. Voor aanvang van de competitie heb ik bij de technische commissie aangegeven dat we twee dingen konden doen. Het vertrek van een groot aantal spelers accepteren en verder gaan met de spelers die overbleven, aangevuld met jongens uit de lagere elftallen en spelers die uit de junioren overkwamen. De andere mogelijkheid was om opnieuw jongens van buiten de club halen. De club koos heel duidelijk voor de eerste optie. Ik kreeg de opdracht te bouwen aan een nieuw elftal met jongens van de club. De eerste trainingsweek nodigde ik iedereen uit, die vond dat hij een plek in het eerste elftal verdiende. Zo begonnen we aan de voorbereiding met veertig spelers die zich wilden bewijzen, waaronder vier jongens uit het derde elftal. Twee daarvan spelen nu in het eerste.”

2. Is de stand op de ranglijst de belangrijkste reden om je speelwijze aan te passen?
“Ik zag in de voorbereiding al, dat wij moeite hadden om kansen te creëren. Als wij de bal veroverden, lukte het ons onvoldoende om vooruit te voetballen. Ook in de competitie gebeurde dat en dat is niet vreemd, want mijn huidige middenveld speelde vorig seizoen in het tweede. Bovendien heb ik drie jongens in de ploeg, die vorig seizoen nog bij de junioren voetbalden. Toch begonnen we in een 1:4:3:3-formatie, omdat dit voor iedereen het meest duidelijke en herkenbare spelsysteem is.
Nadat we eind november opnieuw kansloos verloren, wist ik: we moeten het anders doen. In mijn selectie zitten geen buitenspelers die in de derde klasse hun tegenstander voorbijkomen en met voorzetten het verschil kunnen maken. En ondanks dat we een redelijke verdediging hebben en misschien wel een van de betere keepers van de afdeling, kregen we de doelpunten te makkelijk tegen, omdat we op het middenveld en voorin veel te snel balverlies leden. We staan daardoor waar we horen te staan, hebben geen punt meer verdiend. En als we zo doorgaan, pakken we ook geen punt meer.”

3. Wat zijn de veranderingen en hoe heb je daarover gecommuniceerd met het bestuur, je staf en de spelers?
“Na die verloren wedstrijd eind november stonden er tot de winterstop nog drie wedstrijden op het programma. Met mijn assistent-trainer besprak ik de optie om af te stappen van een statische links- en rechtsbuiten, met twee bedrijvige aanvallers te gaan spelen en het middenveld te versterken. We hoopten zo de druk op onze verdediging te verminderen en voorin met twee bewegende spelers tot meer kansen te komen. Dit plan legden we voor aan technisch manager Dennis van den Berg én de vier spelers die ik voor aanvang van het seizoen tot klankbordgroep heb benoemd en waarvan er een mijn aanvoerder is. Zij begrepen de argumenten die ik hiervoor heb genoemd.

De eerstvolgende wedstrijd speelden we vervolgens de beste wedstrijd van het seizoen. We wonnen met 2-3 en creëerden volop kansen. De week erna ging het duel vanwege de sneeuw helaas niet door en de week daarop, de laatste wedstrijd voor de winterstop, haakte een van mijn aanvallers in de eerste helft af, terwijl een ander in de rust niet meer verder kon. Dat duel verloren we dik (5-0, red.), maar we houden na de winterstop vast aan de nieuwe speelwijze met twee beweeglijke spitsen en vier middenvelders. Eén middenvelder speelt kort achter de aanvallers en is feitelijk onze derde aanvaller. Dat trio heeft als enige in mijn spelersgroep scorend vermogen, de andere acht spelers moeten vooral doelpunten voorkomen.”

4. Wat betekent de verandering van speelwijze voor je trainingen?
“Ik vind drie dingen belangrijk als trainer. Plezier staat met stip op nummer één, we zijn tenslotte amateurs die voor de lol voetballen. Daarna komt de ontwikkeling van individuele spelers. Ik hoop dat ze later zeggen: onder Wouter werd ik echt beter. Het derde aspect noem ik het 'teamwapen'. Spelers moeten alles doen om het team beter te maken, ook als ze zelf een mindere dag hebben. Deze uitgangspunten gaan niet veranderen.

Ook de inhoud van mijn trainingen zal niet veel wijzigen. Ik speel graag partijspelen van zeven tegen zeven of groter met een tactisch accent, zoals bijvoorbeeld als team drukzetten. Het afgelopen halfjaar moesten mijn spelers vooral wennen aan het tempo. Het positiespel gaat steeds beter. Van achteruit opbouwen is nu de volgende stap. Op dinsdag en donderdag hebben we min of meer een vast programma. De dinsdag staat in het teken van passen en trappen, een uitgebreid positiespel en allerlei partijvormen. Donderdag vervang ik de pass- en trapoefeningen voor afrondvormen, met ook daarna weer positiespel en partijen.”

5. Leg je nog andere accenten, of ga je jouw aanpak op een andere wijze veranderen?
“De eerste twee wedstrijden na de winterstop spelen we tegen twee directe concurrenten. Dan moeten we punten pakken. Lukt het zelfs in een 1:4:4:2-opstelling niet, dan is het nog defensievere 1:4:2:3:1 een optie, want ik wil in mijn eerste jaar als hoofdtrainer niet degraderen. Mijn spelers weten inmiddels dat ik buiten de trainingen en wedstrijden van een geintje houd, maar binnen de lijnen moeten zij volle bak geven. Ik laat ze binnenkort misschien wel dat filmpje zien, waarin Arjen Robben een medespeler verrot scheldt, omdat hij tijdens een training niet voluit sprint. Die spirit wil ik ook zien bij mijn spelers. We staan dan wel onderaan, maar dat betekent niet dat we ons gewillig naar de slachtbank laten leiden. Ik train ook zoveel mogelijk met de linies die zaterdag het elftal vormen en het groepsbelang gaat voor het individu. Ik heb een jonge speler in mijn selectie, die op termijn als verdediger kan doorgroeien naar het niveau van een eerste- of tweedeklasser en voor wiens ontwikkeling het beter is als hij achterin speelt. Bij ons is hij op dit moment echter een van de twee aanvallers, omdat we hem daar harder nodig hebben. Als wij dit seizoen niet degraderen, dan is het voor ons een topseizoen.”
 
Wil je het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor €29
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen