Inloggen
Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
Opleiden via Talentenprogramma
Dinsdag 17 April 2018

Veel clubs streven naar een A-selectie met zelfopgeleide spelers. Ook bij derdedivisionist HSC’21 is de doorstroming van spelers uit eigen kweek een kernpunt in het beleid. Liefst dertien spelers van de huidige selectie zijn afkomstig uit de jeugdopleiding van de club uit Haaksbergen. Peter Visser, Hoofd Technische Commissie: “Via ons Talentenprogramma leiden wij talentvolle spelers op voor het eerste elftal.”

Tekst: Ruud Bijnen | Beeld: Wim Busschers

Jullie leiden spelers op via een Talentenprogramma. Wat is dat?
“De meest getalenteerde spelers van O17-1, O19-1 en het tweede vormen, samen met jonge selectiespelers die nog geen vaste waarde zijn bij het eerste elftal, onze Talentenpool. Zij volgen het TalentenProgramma van HSC'21, waarvoor we in de persoon van Eddy Boerhof een aparte trainer hebben aangesteld. Daarnaast is er een talentenbegeleider, Henk Veldhuis, die individueel veel aandacht aan de jongens besteedt. Hij bespreekt met elke speler zijn thuissituatie en hoe het op school en bij de club gaat. Ook de assistent van het eerste vervult daarin een rol.

We hebben een beloftenteam én Jong HSC'21 (O23). Via deze twee teams krijgen onze grootste talenten veel aandacht en extra speeltijd. Het beloftenteam doet mee aan de Beltona Beloften Competitie, voor spelers tot en met 21 jaar. Vorig seizoen wonnen wij die competitie. Met Jong HSC'21 doen we mee aan de Tukker Cup, een regionaal toernooi voor eerste elftallen dat de hele competitie duurt en dit seizoen voor het eerst wordt georganiseerd. In de week voorafgaand aan deze wedstrijden worden de talenten vrijgemaakt van trainingen met hun eigen team. Trainers die wij hier aanstellen, krijgen dat bij de sollicitatiegesprekken direct te horen, dus daar is nooit discussie over. Ook de opleiders van O19-1, O17-1 en O15-1 worden betrokken bij deze speciale extra trainingen; zo krijgen zij ook een extra stukje opleiding.”

 


Wat gebeurt er nog meer?
“We proberen onze talenten ook op andere gebieden te begeleiden. Ze krijgen, net als de spelers van de A-selectie, tweemaal per jaar een fysieke test die mede ontworpen is door studenten van de Saxion Hogeschool Fysiotherapie. Ze ontvangen daar een rapportje van en eventuele adviezen waarmee ze aan de slag kunnen. Ook leggen we een aantal wedstrijden op camera vast, waarna we de beelden laten analyseren door Instat, een daarin gespecialiseerd bedrijf. Van hen krijgen we een uitgebreid rapport met statistieken, op teamniveau, maar ook per individu. Op een website zijn per speler de beelden te vinden. Dit is erg leuk voor de voetballers zelf, maar ook zeer nuttig voor de technische staf. Verder plannen we ieder seizoen enkele sessies, waar iemand met specialistische kennis over zijn expertise komt vertellen. Bijvoorbeeld personal trainer Cenk Uguz, die uitkomt in ons eerste elftal, die vertelde hoe je als topsporter het beste kunt leven. Hopelijk geven we de jongens met al dit soort extraatjes een stuk plezier, maar ook het gevoel dat we er alles aan doen om ze beter te maken. Wij nemen onze talenten serieus, hopelijk lukt het dit gevoel op hen over te brengen. Lukt dat, dan zullen zij dat uitdragen naar andere jonge voetballers in onze regio.”

Een belangrijk aspect is de communicatie rondom de talentenbegeleiding. Hoe werkt dat bij HSC?
“Gedurende een seizoen hebben we vijf keer een vergadering met het gehele team dat bij ons Talentenprogramma betrokken is. Daarbij moet je denken aan onze hoofdtrainer en zijn assistent, de coach van het tweede, de talentenbegeleider, de hoofdcoach van het Talentenprogramma en ikzelf. En soms ook andere TC-leden. Die bijeenkomsten beginnen in augustus tijdens de voorbereiding. Aan het eind van elke meeting wordt het volgende contactmoment ingepland. Het niveau van de spelers wordt daarbij constant geëvalueerd: waar staat iedereen, is er groei, achteruitgang of stilstand en wat zijn de volgende stappen? Rond de winterstop bekijken we welke spelers vanuit de jeugd een stapje kunnen doorschuiven, voor trainingen of wedstrijden. Maar we zijn geduldig met onze talenten. Een terugval leidt zelden tot het terugzetten van een speler tijdens een seizoen. Privéomstandigheden worden ook meegenomen in de evaluatie, omdat we daar via de talentenbegeleider goed over geïnformeerd zijn. Soms, als de ontwikkeling van individuele spelers dat rechtvaardigt, worden spelers gedurende het seizoen toegevoegd aan onze talentenpool.

Omdat we de ambitie hebben om spelers sterk te verbeteren, stellen we ons in december en januari de vraag of er spelers van O19 toe zijn aan een hoger niveau. Kunnen zij met het tweede of zelfs met het eerste meetrainen? Of kunnen jongens van het tweede aansluiten bij het eerste? Hier kijken we gezamenlijk naar. We houden ook rekening met de fysieke belastbaarheid van de jongens. Het komt zeker voor dat een speler een keer een training mag overslaan omdat de staf dat wijzer vindt, of een keer een deel van een training skipt. En ontstaat er onverhoopt toch een blessure, dan kunnen onze talenten onder begeleiding van de fysiektrainer van het eerste elftal hersteltrainingen krijgen.”



Past het huidige niveau van jullie teams bij de doelstellingen in het beleid?
“Zowel O17-1 als O19-1 spelen, net als ons eerste elftal, in de derde divisie. Het tweede komt uit in de reserve hoofdklasse. Dit niveau willen wij graag vasthouden. Natuurlijk streven we altijd naar een hoger niveau, maar dat is niet eenvoudig. De aanwas van de jongste jeugd is op dit moment gering. Wij hebben stevige concurrentie van SV Bon Boys, dat snel groeit. Dat vormt een extra uitdaging voor ons technisch team. Wij willen het huidige niveau minimaal behouden, maar de doorstroming van eigen jeugdspelers naar het eerste team vinden we minstens zo belangrijk.”

Als er steeds minder nieuwe jonge leden zijn, is dan de veronderstelling juist dat jullie ook scouten?
“Scouting van spelers voor het eerste elftal is een van de kernpunten van ons beleid. In onze regio hebben we een aantal scouts rondlopen. Deze scouts zijn op zoek naar spelers die bij HSC’21 passen qua mentaliteit, persoonlijkheid en voetbalvisie. We willen spelers die (net als de club) gemoedelijkheid, geen ego of arrogantie, maar wel respect en sportiviteit hebben. Voetballers met geduld krijgen bij ons uiteindelijk kansen. Vanaf ongeveer O15 zien we dat spelers uit eigen beweging bij ons langskomen. Kennelijk worden we dus gezien als een kwalitatief goede opleider in de regio en daar zijn we trots op.”

Zijn er nog andere doelstellingen, zoals een bepaald aantal eigen jeugdspelers in de selectie?
“Het is vooral zoeken naar een goede balans tussen sportieve ambities, financiële middelen en doorstroming van spelers uit de eigen jeugd. Daarvoor hebben we geen aantal in gedachte. Een jaar of acht terug hebben we door de crisis flinke financiële tegenvallers gehad. Het budget ligt nu ongeveer veertig procent lager en dat dwingt ons tot het effectiever besteden van de centen. Spelers zomaar even binnenhalen en betalen is voor ons nauwelijks weggelegd. We moeten de spelers dus zélf scouten, opleiden en vervolgens zien te behouden. Vanwege de beperkte financiële mogelijkheden vergt dit enige creativiteit. We werken ook echt aan een goede uitstraling van HSC’21. Van de huidige A-selectie zijn dertien van de vijfentwintig spelers afkomstig uit onze eigen jeugdopleiding. Dat is een positief signaal naar ambitieuze voetballers uit de omgeving.”

Trainers spelen een belangrijke rol in de ontwikkeling van spelers. Waar letten jullie op bij het aannemen van trainers?
“Heel belangrijk is, dat we het beleid echt als leidraad hanteren. In de sollicitaties wordt daar veel aandacht aan besteed. Zo moeten nieuwe trainers de spelers echt beter kunnen maken. Dit zien we in de eerste gesprekken graag met goede voorbeelden aangetoond. Dit weegt zwaarder dan ‘het papiertje’ dat de trainer in huis heeft. Een nieuwe opleider moet ook passen bij onze clubcultuur en de kernwaarden van HSC'21, zoals stabiliteit, rust, samenwerking en voetbalbeleving. Een trainer moet zich verder prettig voelen in onze speelwijze, 1:4:3:3, waaraan we vasthouden en waarover we veel ideeën hebben vastgelegd in ons beleidsplan. We noemen dat een Game Model en daaraan hebben we spelprincipes gekoppeld. Men moet vooral ook willen meewerken aan de belangrijkste taak en dat is aan de doorstroming en ontwikkeling van onze talenten. Dit is kernpunt nummer één in het technische HSC-beleid en daarin vragen we aanpassingen van een trainer. Trainers willen van nature over het algemeen voor de winst gaan, maar wij stellen dat niet als prioriteit. Zeker niet ten koste van alles. Ik geef je een voorbeeld. In het eerste valt een linker centrale verdediger geblesseerd uit. In de O19-1 speelt op die positie een talentvolle jongen, die nog niet geheel klaar is voor de stap. In het tweede voetbalt een oudere verdediger, die de plek best kan invullen, Toch kiezen we dan soms voor het talent uit O19. Wij leiden op met het oog op de toekomst, het belang van het talentvolle individu stellen we boven het teambelang. Dat wordt binnen HSC'21 breed gedragen en ondertekend door nieuwe trainers. Zij moeten daarin meegaan.”

Hebben de trainers dan nog wel vrijheid?
“Binnen bepaalde grenzen wel. De leidraad ligt vast in een goed beleidsplan dat regelmatig geüpdatet wordt en wordt besproken bij de sollicitatiegesprekken. Een trainer kan daar incidenteel van afwijken, maar hij moet dan wel een goed verhaal hebben. Bij HSC'21 spelen wij volgens een Game Model. We laten de trainers echter wel vrij in hun oefenstof en aanpak. En mocht het voor de resultaten nodig zijn, bijvoorbeeld omdat degradatie voorkomen moet worden, dan mag een trainer best een keer afwijken van wat wij hebben vastgelegd. Verder hebben we per positie spelersprofielen, waarin staat waaraan trainers moeten werken. Aanpassingen die anders zijn dan we vooraf met elkaar afspreken, zijn echt een uitzondering. De trainers worden uiteraard overal bij betrokken en kunnen altijd meedenken. Wat dat betreft werken we met elkaar, eigenlijk met de hele club aan dezelfde uitdagingen en doelen. Dat vind ik belangrijk.”

Het lijkt goed te gaan met de instroming van eigen jeugd naar de selectie. Blijft er nog wat te wensen over?
“Het gaat inderdaad naar wens. Met een beperkter budget dan acht jaar terug hebben we onze teams toch op niveau weten te brengen en te houden. We moeten echter vooral niet gaan denken dat het allemaal vanzelf blijft gaan. We blijven ons doorontwikkelen. Wat we graag nog willen is een certificering vanuit de KNVB en NMC Bright. We willen graag de ‘aantrekkingskracht’ van de club behouden. Met een titel ‘regionaal opleidingscentrum‘ vergroten we daarin onze mogelijkheden. Bovendien zijn dat soort trajecten zeer leerzaam. Over drie, vijf en over tien jaar willen we nog steeds een club zijn die het goed voor elkaar heeft. Met een eerste selectie, waarin veel spelers uit eigen gelederen komen. Daar gaan we voor.”


 
Wil je het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor €29
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen