Inloggen
Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
Warming-Up 2.0: Meer dan alleen de spieren warm maken
| Bedankt voor uw mening!
Vrijdag 9 Augustus 2019

Het woord warming-up zegt het al. Je warmt het lichaam op voor de training of wedstrijd die gaat volgen. Veel trainers associëren dit met het warm worden van de spieren. Jan van Norel, inspanningsfysioloog bij Vitesse, geeft aan dat het veel meer is dan dat: “De warming-up is niet alleen voor de spieren. Spelers moeten klaar worden gestoomd voor alle onderdelen van het voetbalspel.”

Tekst: Paul van Veen | Beeld: Vitesse

“Ik kies er vaak voor om spelers een paar minuten in te laten bewegen en dan voeg ik meteen al een voetbalhandeling toe. Eigenlijk is het dan al een soort training. Je ziet ook de grenzen tussen de warming-up en de daadwerkelijke training steeds meer vervagen.”

“Ik ben het dan ook eens met hetgeen Peter Bosz onlangs zei (zie kader). Hij gaf aan de loopvormen over te slaan en gelijk met de training te beginnen. Met dat principe ben ik het eens, maar hoe je dat precies doet, is een punt waarover je kunt discussiëren.”
 
Peter Bosz: “Warming-up zonde van de tijd”
In een interview (met Andy van der Meijde) geeft Peter Bosz aan een warming-up zonde van de tijd te vinden. ”Vroeger gingen we een kwartiertje eerder het veld op en dan gingen we een positiespel doen. Vaak zweette ik dan al. Daarna kwam de trainer op het veld en dan gingen we pas de warming-up doen. Toen ik trainer dacht ik: als ik nu gewoon begin met die rondo, dan hoef ik niet meer met armen te zwaaien, knieën te heffen en al die onzin. (..) Soms zie ik een warming-up 30 minuten duren met allemaal sprintjes, maar daar gaan spelers niet beter van voetballen. Als ik dat half uur ga gebruiken voor positiespelletjes, dan krijgen ze misschien een betere techniek, gaan ze elkaar beter aanspelen en gaan ze in de wedstrijd hopelijk naar dezelfde kleur spelen. Daar gaat het om. Daarnaast vinden ze het nog leuk ook. Zeg dat je zes keer in de week traint, is dat al drie uur. Die tijd win ik. En dan praat je maar over een week.”

Complex
“Ik vind dat de warming-up complex moet zijn. Immers, het voetbalspel is ook complex. Een van de complexe vormen van het vorige interview doen we nog steeds. Dat is de vorm waarin de spelers vanuit vier punten komen lopen en daar ontwikkelen we ons nog steeds verder in (zie afbeelding 1 en 2).”

Afbeelding 1
 

Afbeelding 2
 
Artikel: Het trainen van kijkgedrag
In het voorjaar van 2017 spraken we eerder met Jan van Norel, toen naar aanleiding van een presentatie die hij op een studiebijeenkomst voor ons gaf. Je kunt dit artikel nog na lezen op het Voetbal KennisPlatform.

Klik hier om dit artikel te lezen

“Zo hebben we ook een vorm waarbij we twee keer vier pylonen naast elkaar zetten, zodat acht mensen tegelijkertijd werken. Deze draaien om elkaar heen, waardoor ze zich steeds moeten heroriënteren. Vervolgens krijgen ze ook nog eens een diagonale pass vanuit de schuine lijn aangespeeld, terwijl ze niet tegen de buurman mogen botsen (zie afbeelding 3).”
 

Afbeelding 3


“Vanuit deze vorm zijn weer veel variaties mogelijk. Dan kun je ze bijvoorbeeld de boodschap meegeven dat ze de bal van de ene kant ontvangen, aannemen, opendraaien en naar de andere kant spelen (zie afbeelding 4).”
 

Afbeelding 4


“Met dit soort vormen overlaad je de spelers cognitief en hierdoor moeten ze steeds weer nadenken. Ook de stap tussen horen, zien en uitvoeren is voor sommige spelers een handeling waar ze over na moeten denken. Door steeds een andere vorm, variatie of doelstelling neer te leggen, zie je dat dat een positieve weerslag heeft op de training. Je ziet dat de hersenen al een prikkel hebben gehad en dat ze in de vervolgvorm extra alert zijn. Als je een vorm aanbiedt, waarvan de hersenen denken dat ze deze vorm al regelmatig gedaan hebben, dan zie je vaak dat de spelers (en dus ook de hersenen) die warming-up op de automatische piloot gaan doen.”

Kijkgedrag
“Kijkgedrag is hierin zeer belangrijk. Wij willen graag dat spelers niet alleen naar de bal kijken, maar ook naar medespelers, tegenstanders en de ruimte om hen heen. Als ze een bal aangespeeld krijgen, willen we niet alleen dat spelers de bal goed kunnen aannemen, maar ook goede beslissingen kunnen nemen aan de bal. We doen dan ook geen pass- en trapvorm waar je alleen van A naar B speelt. Juist dan zijn spelers alleen nog maar bezig met ‘ballwatching’ en hoeven ze zelf amper beslissingen te maken. Als we alleen maar eenvoudige dingen aanleren, dan gaan we onze spelers niet ontwikkelen.”

 


Overladen
“Bij alles wat je doet is visie erg belangrijk. Wat wil je bereiken en hoe kom ik daar? Wij geloven erin om spelers te overladen in de training, zodat ze de wedstrijd als relatief simpel ervaren. Het doel is dat ze in de wedstrijd minder hoeven na te denken, minder hoeven te bewegen en meer tijd hebben dan in de training. Dat alles begint in de warming-up. Daarom moet onze warming-up ook complex zijn.”

“Belangrijk is ook dat de warming-up een voorbereiding is op de volgende vorm. Alleen daarom al kan niet elke warming-up hetzelfde zijn. Als de spelers na de warming-up gelijk in sprintvormen komen, dan betekent dat we in de voorafgaande warming-up ervoor moeten zorgen dat de spieren op spanning zijn gebracht voor die explosieve vormen. Daarom is het belangrijk goed te overleggen met de trainer.”

“Je kunt natuurlijk ook de FIFA-11 doen, daar is op zich helemaal niets mis mee. Daar zitten prima dingen in om het lichaam fysiek klaar te maken, maar zoals eerder gezegd kun je veel meer met de warming-up. Ik mis bijvoorbeeld de handeling met de bal.”

“Bij de warming-up voor de wedstrijd veranderen we niet zoveel als tijdens de warming-up voor de training. Daar willen we ze niet overladen, zodat ze genoeg over hebben voor de wedstrijd. Daarnaast hebben sommige spelers een bepaald patroon nodig om naar een topprestatie toe te werken. Wijk je daar te veel van af, dan kun je ze uit de concentratie halen die ze nodig hebben om een prestatie te leveren. Maar aan de andere kant wil ik ook niet dat ze steeds dezelfde vormen doen, om zo de hersenen te prikkelen.”


Nieuwe vormen
“Ik denk steeds na over nieuwe vormen in de warming-up. Maar het moet wel altijd op voetbal blijven lijken. Als trainers niet meer begrijpen of zien wat en waarom je dingen doet, dan ontstaat er een kloof. Het mooie nu is dat het omarmd wordt door de trainers en ze komen zelf ook met ideeën. Die vorm met vier punten, doen we nu ook in combinatie met een groot vierkant van 20 bij 20 meter. In een vierkant van 5 bij 5 meter zakken ze uit, wordt er ingespeeld, draaien ze open en spelen ze de volgende in. Die vorm is statisch, ze blijven dus in positie staan. In het vierkant van 20 bij 20 moeten ze uit de lijn komen, inspelen, opendraaien, doorspelen en diagonaal lopen (afbeelding 5), door de andere organisatie heen.”

 

Afbeelding 5


“Een trainer kwam met de optie om er een ruit bij te maken. In het midden van de lijnen van de 20 bij 20 komt er dan een dop te staan. Daar doen we dan nog een pass- en trapvorm. Dan moeten spelers helemaal opletten (afbeelding 6).”

 

Afbeelding 6


“Dat was in het begin even wennen voor de spelers, maar op een gegeven moment hadden ze hem. Vervolgens gaan wij er natuurlijk weer een variatie aan toevoegen. Dan moeten spelers de andere kant op lopen of gaat de bal de andere kant op. Of dan moeten spelers bijvoorbeeld na twee rondjes wisselen van organisatie. Dat moet helemaal automatisch verlopen. Of je laat ze reageren op een fluitsignaal: één fluitsignaal betekent dat ze van richting moeten draaien (in plaats van rechtsom moeten we linksom) en als ik twee keer fluit wordt het grote vierkant gewisseld met de ruit. Of we kunnen werken met pannenkoeken op de grond in plaats van een hoge pylon. Dat is iets minder zichtbaar en dat betekent dat spelers nog beter moeten kijken. Zo zijn er eenvoudig veel variaties mogelijk.”

Grens
“Zoals ik al zei: de lijn vervaagt waar de warming-up eindigt en de training begint. Aan de ene kant ben ik sportscientist of inspanningsfysioloog, maar veel spelers zien me gewoon als trainer. Ik denk juist dat het goed is, dat die grens grijs aan het worden is. Ik denk dat je allemaal trainer moet (kunnen) zijn, maar waarbij ieder in zijn eigen vakgebied gespecialiseerd is. De één weet iets meer van tactiek, de ander van het mentale vlak, de ander van psychologie en een ander is juist weer sterk op het conditionele vlak. Uiteindelijk moet de verbindende factor zijn dat je allemaal voetbaltaal spreekt. Als staf moet je één geheel zijn, geen losse eilandjes en dat is de moderne manier van werken.”

 
Wil je het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor €29
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen