Inloggen
U bent niet ingelogd. Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
Hans Staps over aandachtscirkels van Eberspächer
| Bedankt voor uw mening!
Donderdag 25 Juni 2020

In nummer 133 van TrainersMagazine werd uitvoerig aandacht besteed aan de theorie achter de zes aandachtscirkels van Eberspächer. Hans Staps, trainer-coach van tweedeklasser Beerse Boys, vertaalt in dit artikel deze theorie naar de praktijk in de wedstrijd en op het trainingsveld. “Ik geloof heilig in deze aandachtscirkels. Focus is hierbij het sleutelwoord.”

Tekst: Rob Robben

Eberspächer onderscheidt in zijn theorie zes cirkels, waar in de eerste fase de sporter honderd procent gefocust is en in cirkel 6 de sporter alleen maar denkt: ‘Waar ben ik mee bezig?’ Het is uiteraard zaak om de sporter zoveel als mogelijk in cirkel 1 te krijgen en te houden. Dit is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Hoe vertaal je deze theorie naar het trainingsveld en de wedstrijd? Hans Staps geeft in dit artikel een aantal praktische voorbeelden.

Tip: lees hier in het kort wat de aandachtcirkels van Eberspächer zijn

Uit je cirkel raken
“Spelers kunnen gemakkelijk in cirkel 2 terechtkomen. Als het even tegenzit zullen ze gaan zeggen dat het veel te hard waait, het veld te slecht is, de scheidsrechter het niet goed ziet en dat er uit het publiek geroepen wordt dat die speler ‘een misselijk manneke’ is. Door dit als trainer en medespelers te benoemen, word je je hiervan bewust en kun je wellicht weer terugkeren naar de eerste cirkel. Het is niet te voorkomen dat je uit cirkel 1 gaat. Zelfs Nadal, die zich geweldig kan focussen, komt regelmatig uit cirkel 1, maar hij heeft wel de gave om dan toch weer terug te keren naar de eerste cirkel. Dit terugkeren naar de eerste cirkel kan ik stimuleren door hier veel met spelers over te praten. Dit doe ik in groepsverband én zeker ook individueel, want sommige spelers hebben dit meer nodig dan andere spelers.”

Focussen in chaos
“Een heel simpele vorm om te focussen gebeurt in de verlengde warming-up waarbij al mijn spelers in een rechthoek staan opgesteld. Twaalf spelers staan in een rechthoek van tien bij zes meter met de opdracht; korte sprints. Vier spelers staan in de lengterichting, vier in de breedterichting en vier op de hoeken. Twee spelers die in de hoek bij een diagonaal staan, hebben ieder een bal in de hand. Deze ballen worden in dezelfde richting naar de volgende speler gegooid. Ik geef dan een paar posities aan waarbij de speler die de bal gegooid heeft naar de overkant moet sprinten. Na een tijdje doe ik dat met andere posities en ook verhoog ik het aantal posities van waaruit gesprint moet worden. Op het eind moet iedereen, die de bal gegooid heeft, naar de overkant sprinten. Dit is hilarisch. In het begin is het één grote chaos. De bedoeling is dat spelers zich in een dergelijke chaos moeten leren focussen. In dit geval op de taak gooien en vervolgens op de taak sprinten. Dit is het enige wat belangrijk is. Ook als het bij anderen misgaat moeten zij zich blijven focussen op hun taak.”

Brein stimuleren
“Net als in de genoemde oefenvorm in de rechthoek moet je als trainer het brein van de speler dus continu stimuleren. Dat probeer ik in al mijn trainingen steeds te bewerkstelligen. Dat begint al bij de warming-up. Ik varieer hierin doorlopend. Daardoor ontstaat er verwarring. Bij veel trainers weten de spelers precies wat er achtereenvolgens gedaan moet worden tijdens de warming-up. Ik kies hier niet voor. Ik verander plotseling de organisatie. Ze moeten dan bijvoorbeeld niet meer in de lengterichting, maar in de breedte gaan lopen, ze staan niet allemaal meer achter elkaar, maar tegenover elkaar, of ze moeten plotseling diagonaal gaan lopen. Hun brein zegt dan dat het niet meer klopt met wat ze altijd gedaan hebben en ze moeten gaan nadenken.”
 


Cirkel 3
“Als je in cirkel 3 zit is jouw beeld als speler anders dan dat het in werkelijkheid gebeurt. Bijvoorbeeld een buitenspeler is altijd sterk geweest in een voorzet van rechts, maar dat lukt hem in de wedstrijd nauwelijks meer, of middenvelders lukt het niet meer om de bal goed vrij te maken. Je kunt dan in het voorbeeld van de buitenspeler die speler zonder directe tegenstander of met minder weerstand laten spelen en in het voorbeeld van de middenvelders kun je die in een overtal laten spelen of de tegenstander met beperkende regels, bijvoorbeeld twee keer raken, laten spelen. Je maakt het de speler minder moeilijk om zo zijn ideaalbeeld makkelijker te kunnen realiseren. Je moet de kwaliteiten van de speler dan uitvergroten.”

Cirkel 4 en 5
“Ook bij het gewone korte sprintwerk probeer ik spelers te focussen om terug te keren naar de eerste cirkel. De spelers staan allemaal met het gezicht naar mij en ik heb links en rechts twee afstanden uitgezet. Ik roep dan bijvoorbeeld één naar links, of twee naar rechts, maar ik kan ook aangeven twee naar links en één naar rechts. Hun enige taak is dan om mijn opdracht uit te voeren. Alleen daar moeten ze zich op focussen. Vervolgens zeg ik dat de speler die het laatst op zijn plaats terug is, de afstand moet dubbelen. Ik noem dat geen straf, maar een ‘toetje’. Zo’n oefening op het meest drassige stuk veld, geeft de grootste kans dat een speler uitglijdt en uit cirkel 1 valt. Hoe gaat hij daarmee om? Hij moet zich dan snel herpakken en terugkeren naar cirkel 1, omdat hij anders bij de volgende serie weer laatste wordt. De speler moet dus niet bezig zijn met laatste worden, maar hij moet zich richten op zijn taak, namelijk sprinten. Ik benoem dit, zodat hij zich daar dan van bewust is. Je moet niet blijven hangen in winst of verlies, maar je snel weer focussen op je taak en dus terugkeren in cirkel 1. Door sprintoefeningen in twee of drie groepen uit te voeren en er een wedstrijd van te maken, kun je ze in cirkel 4 krijgen (winst of verlies) en als er dan nog een ‘toetje’ aan toegevoegd wordt, kunnen ze zelfs in cirkel 5 komen (gevolgen van winst of verlies).”




Alleen concentreren op je taak
“Een andere oefenvorm waarbij spelers in cirkel 4 of 5 gebracht kunnen worden, is een partijspel met keepers. Elk team heeft zes spelers en een keeper, er wordt 3-tegen-3 gespeeld (zie oefenvorm 1). Drie spelers van geel spelen tegen drie spelers van blauw. Als geel een doelpoging heeft gedaan dan worden de drie gele spelers verdedigers en de drie blauwe spelers naast het doel worden aanvaller. De taak die deze spelers krijgen is zo snel mogelijk omschakelen na een doelpoging. We spelen partijtjes van vier minuten. We kijken dan wie de winnaar is, maar als een team in die vier minuten drie doelpunten gemaakt heeft, dan is de wedstrijd ook afgelopen. Spelers kunnen hierdoor in cirkel 4 komen, omdat ze alleen maar bezig zijn met winnen of verliezen. Als je dan nog toevoegt, dat ze een ‘toetje’ krijgen is de kans aanwezig dat ze zelfs in cirkel 5 komen. Door de regel dat ze na een achterstand van 1-0 of zelfs 2-0 toch nog kunnen winnen is het belangrijk dat ze zich blijven focussen op het snel omschakelen na een doelpoging en zo snel terugkeren naar cirkel 1.”

‘Partijtje scherp’
Een ander voorbeeld is het zogenaamde ‘partijtje scherp’ (oefenvorm 2). We spelen dan op een veld dat iets groter is dan het zestienmetergebied een partijspel 4-tegen-4 met één keeper in het grote doel en daar tegenover twee kleine doeltjes. De vier gele spelers proberen op het grote doel te scoren en de vier blauwe spelers proberen te scoren op de twee kleine doeltjes. Wordt er op het grote doel gescoord, dan telt dat punt en krijgen de gele spelers opnieuw een bal aangespeeld van de trainer en krijgen wederom een kans om te scoren. Als de blauwe spelers de bal afpakken en scoren op de kleine doeltjes betekent dit dat zij het recht van aanval krijgen en nu mogen scoren op het grote doel. Bij balverlies van de aanvallers op het grote doel moet er dus razendsnel worden omgeschakeld om te voorkomen dat blauw kan scoren op de twee kleine doeltjes. Ook het team die het grote doel verdedigt, mag de concentratie niet verliezen bij een tegendoelpunt. Het aanvallende team krijgt namelijk weer direct een nieuwe bal ingespeeld van de trainer. In deze vorm zitten continu omschakelmomenten en dus vraagt het een hoge concentratie op de taak aanvallen, verdedigen en omschakelen. Ze mogen dus geen rouwmomenten hebben of zeuren om een slecht geplaatste bal van de trainer. Ze moeten niet bezig zijn met winnen of verliezen, want in deze vorm kan het snel gaan. Ze moeten leren om hun hoofd dan snel weer leeg te maken. Als je er nog een ‘toetje’ aan toevoegt, kunnen ze ook hier in cirkel 5 terechtkomen. In deze vorm komt het uit je cirkel vallen uitvergroot naar voren.”

Cirkel 6
“Tijdens trainingen probeer ik de spelers dus regelmatig in cirkel 2 tot en met 5 te brengen. Het is dan een taak van mij om ze weer zo snel mogelijk terug te krijgen in cirkel 1 door de spelers steeds bewust te maken dat ze zich op hun eigenlijke taak moeten focussen. Cirkel 6 wordt tijdens trainingen zelden bereikt, maar dat kan wel tijdens de wedstrijd gebeuren. We verloren tegen Mierlo Hout dit seizoen met 9-1. Sommige spelers dachten toen wel: ‘Wat doe ik hier? Ik zou nu veel liever met mijn vriendin bij de open haard zitten.’ Bij de rust was het al 6-1 en na zestig minuten stond het 9-1. Dan vind ik het toch knap, dat er de laatste dertig minuten geen doelpunten meer gevallen zijn. Dat heeft ook te maken met het feit, dat ze het op hebben kunnen brengen zoveel als mogelijk de wedstrijd taakgericht uit te voetballen en dus zo nog meer tegendoelpunten voorkomen hebben.”

Vragen stellen
“Belangrijk is om dit focussen op je eigenlijke taak op vele momenten te benoemen en bespreekbaar te maken. Uiteindelijk zal dit dan langzaam landen bij de spelers en heeft het effect. Het heeft geen enkele zin om dit een keer te roepen en er vervolgens niets meer mee te doen. Ook is het belangrijk om doorlopend, tijdens trainingen en wedstrijden, vragen te stellen aan de spelers over wat ze aan het doen zijn. Het brein moet constant getriggerd worden. Veel van de jongens vinden dat erg lastig. Ze willen gewoon het liefst hard werken en verder niet te veel na hoeven denken. Door vragen te stellen probeer ik de spelers meer te focussen op wat ze aan het doen zijn, wat hun taak is en waarom ze op het veld staan. Je hebt hierin groepstaken en individuele taken. Ik vind, net als Mark Lammers zegt in ‘van goed naar goud’, dat je vooral moet benadrukken wat spelers goed kunnen. Dat vergemakkelijkt hun focus. Ze hebben immers sneller succes.”

Volharden
Je moet dus dicht bij je taak blijven en hierin blijven volharden, vindt Staps. “Ajax bleef met name vorig seizoen ook na zestig minuten hetzelfde voetballen. Ze bleven gefocust op hun taken, omdat ze het vertrouwen hadden dat het zo goed kwam. Ze lieten zich niet afleiden door de stand in de wedstrijd en de eventuele gevolgen (uitschakeling) daarvan. Ze bleven of kwamen steeds snel terug in cirkel 1.” Staps realiseert zich wel, dat het bij Ajax makkelijker is dan bij zijn eigen team van Beerse Boys. “Ja, omdat we meer verliezen dan winnen is dat inderdaad een stuk lastiger, maar we zijn pas een half jaar bezig en ik zie toch behoorlijk wat vooruitgang. Ik heb alle vertrouwen dat het steeds beter zal gaan.” Niet alleen Staps heeft vertrouwen in de toekomst. Ook Beerse Boys heeft vertrouwen in Staps, want ondanks de niet al te beste klassering op dit moment heeft hij onlangs zijn contract met twee jaar verlengd. “De club ziet dat ik met al mijn ziel en zaligheid met de club bezig ben. Ik ben elke training met de cirkels bezig. Soms onbewust voor de spelers, maar ook de spelers beginnen zich hier langzamerhand steeds meer in te herkennen en dat stemt me tot tevredenheid.”


 
Wil je het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor €29
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen