Inloggen
U bent niet ingelogd. Inloggen
Coördinatie, stabiliteit en mentaliteit voor keepers


Ze keepten in de jeugdteams en de standaardelftallen van vv Jonathan, DOSC en FZO, allemaal verenigingen uit de gemeente Zeist. Na hun actieve carrière specialiseerden Sander Pater (45) en Piet Kastelein (54) zich als keeperstrainer. Eerst bij verenigingen, later ook bij hun eigen keepersschool. "We hebben weliswaar een heldere visie, maar iedere keeper is uniek en vereist daarom een unieke benadering."
Beide trainers zijn bevlogen van het keepersvak en vertellen vol passie over hun keeperstrainingen. Niet zelden verlaten ze de koffietafel en demonstreren ze een ideale keepershouding. Kastelein schuwt er zelfs niet voor zijn lange lijf op de vloer te leggen om een grondduel te tonen. Ze kenden elkaar al geruime tijd uit de Zeister voetbalwereld, voordat ze besloten een keepersschool te starten. Pater traint daarnaast nog de keepers van de standaardteams van SVL en Roda’46, beiden uitkomend in de eerste klasse zaterdag, district West 1. SVL heeft de kampioensvlag inmiddels mogen hijsen. Pater: “Ik heb meegelopen in de polonaise. Maar in april kreeg ik nog wel de wind van voren in het clubhuis van SVL. Roda’46 was die middag met 0-2 te sterk en hun keeper, die ik dus ook train, bleek niet te passeren. Oei, dat vonden ze niet zo leuk bij SVL...”

Armen sterker dan benen
Kastelein en Pater zijn beiden gecertificeerd bij Pro Goal, de keepersmethodiek van Maarten Arts. Ook hebben ze de gevorderde keepersopleidingen bij de KNVB gevolgd, waarbij de visie van Frans Hoek meer centraal staat. Kastelein: “Voor beide methodes is wel wat te zeggen, maar onze visie sluit toch het meeste aan bij de methodiek van Maarten Arts: het aanvallen van de bal.” Binnen hun voetbalschool bestaat een duidelijke rolverdeling. Kastelein zegt zich vooral te concentreren op de beleving en het mentale aspect, Pater is de techniekspecialist. Ze vinden zich complementair aan elkaar. Pater over de essentie van de methode Arts: ”Keepers moeten de bal met de handen naar voren aanvallen, druk op de speler zetten. Een keeper is met zijn armen sterker dan met zijn benen en met die armen ook sterker dan de benen van de tegenstander. Bij een grondduel moet een doelman met gestrekte armen naar de bal toe. Wanneer de bal tussen hen is, winnen zijn armen het van het onderbeen van de aanvaller. Die overtuiging proberen we keepers bij te brengen.”

Timing is bij een-tegen-eensituaties van essentieel belang. “En trainbaar”, vervolgt Pater. “Een keeper wint het voetballend niet van een aanvaller. Daarom moet hij slim zijn en optimaal gebruik maken van zijn belangrijke extra wapens: zijn armen en handen. Op het moment dat een speler tegenover de keeper staat en een actie wil maken, kijkt de aanvaller in 95% van de gevallen even naar de bal. Op dat moment moet de keeper toeslaan. In het ideale geval heeft de keeper dan al schuin ‘ingesneden’. Door het doel te verkleinen en in te snijden in de baan bal-doel, kan de keeper de bal schuin aanvallen en dan met de handen het blok zetten.”

U heeft een deel van het artikel gelezen. Het hele artikel is exclusief beschikbaar voor leden van het Voetbal Kennisplatform De Keepers Trainer. Je bent al lid vanaf €2 per maand:

1 kennisplatform voor €24 Alle 11 kennisplatformen voor €39 Totaalabonnee voor €58
We zijn benieuwd naar uw waardering van dit artikel
Bedankt voor uw mening!
Keeperstraining