Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
Kennisplatform Communiceren & leiderschap
Hardy Menkehorst, sportpsycholoog
Sportpsycholoog Hardy Menkehorst is oprichter van het Mentale Training en Coahing Centre (MTCC) in Groningen. In zijn hoedanigheid als sportpsycholoog werkt hij onder meer met de TVM Schaatsploeg. Daarnaast is hij ook opleider van coaches en docent aan de Rijksuniversiteit Groningen in zijn vakgebied. De mentale begeleiding van sporters wordt steeds meer erkend als een belangrijk item. Menkeho
Peter Murphy, expert in coaching en teambuilding, over Action-Type (2)
In de vorige TrainersMagazine introduceerden wij Peter Murphy en zijn Action-Type model dat kan leiden tot ‘Totaalcoachen’. Er werd een globaal overzicht geschetst van hoe een coach zijn sporters beter kan leren kennen en begrijpen en vanuit dat perspectief beter kan coachen. Een mens heeft één van de vier temperamenten, te weten vakman, wachter, rationalist of idealist. Dit kan verder u
Peter Murphy, over Action-Type (1)
Peter Murphy staat in de internationale sportwereld bekend als expert, docent en spreker op het gebied van topsport, coachen en teambuilding. Murphy is van huis uit fysiotherapeut en heeft eerst als volleyballer en later als volleybalcoach naam gemaakt. Tegenwoordig is Murphy werkzaam als prestatiemanager topsport en projectleider van Mastercoach in Sports bij het NOC*NSF. Verder is hij bij he
Social loafing, deel 2
In het vorige artikel over social loafing kwam naar voren dat een goede balans tussen de inzet van de spelers binnen het team van belang is voor de motivatie van de spelers. Daarbij was het ook van belang dat alle spelers zich verantwoordelijk voelen en betrokken zijn bij de teamprestatie. Kan de trainer, naast het bijbrengen van dit besef bij de spelers, nog meer doen om invloed uit te oefene
Pieter de Jongh onder begeleiding van mental coach Lisa Staal
Pieter de Jongh werd deze zomer aangesteld als trainer-coach van het tweede elftal van FC Dordrecht. Na een aantal succesvolle jaren in de top van het amateurvoetbal is hij nu weer terug in het betaalde voetbal. Om zich verder te ontwikkelen als trainer schakelde hij een mental-coach in, Lisa Staal. Nu vijf weken verder praat hij zeer enthousiast over zijn vooruitgang tot nu toe. Aan het woord
De teamstadia van René Felen
“Als consulent teamontwikkeling probeer ik in de gaten te houden hoe teams in elkaar steken en zich ontwikkelen. Naar dit onderwerp is erg veel onderzoek verricht, waarvan wij erg veel geleerd hebben. Wij hebben gekeken waarom teams succesvol zijn en daar proberen wij bepaalde stappen in te ontdekken.” René Felen is werkzaam bij consultancy bureau TripleWin, dat z
Joop Alberda over het stellen van doelen
Als volleyballer haalde Joop Alberda nooit de absolute top. Wel merkte hij al snel na zijn actieve carrière dat hij gevoel had voor het coachen van volleyballers. In 1985 bezocht hij Doug Beal, de Amerikaanse volleybalcoach die kort daarvoor Olympisch goud had gewonnen in Los Angeles. Alberda ging er heen om te leren van de beste, zodat hij zijn eigen aanpak kon verbeteren. Zijn strategie werd
Cremers en Hameleers: "Een trainer heeft een opvoedkundige taak"
Ambitie. De jonge trainers Marco Cremers (SNA/JVM) en Igor Hameleers (SC Jekerdal) hebben het genoeg. Ze hebben ideeën te over en durven het aan om nieuwe projecten te starten. Uit onvrede over de jeugdopleidingen zoals die in Nederland gegeven worden, formuleerden zijn hun eigen visie. Het gekibbel tussen de aanhangers van de Zeister visie en Wiel Coerver is niet aan hen besteed. "De Cremers
Altijd positief coachen?
Loop maar eens een willekeurige zaterdag (of zondag) langs de velden en je zult je verbazen wat er allemaal langs de kant door trainers geroepen wordt. Als je de trainers langs de kant analyseert, zul je ook verschillende stijlen herkennen. De één zit heel rustig, analyserend, en de ander staat continu langs de zijlijn te coach. Toch werken ze allemaal naar hetzelfde doel. De stelling van di
De Stelling: Is mentaliteit trainbaar?
Je hoort trainers er regelmatig over klagen: de mentaliteit van de spelers. Het komt ook op alle niveaus voor. Of het nu over het Nederlands elftal gaat of over de lokale C1. Maar is dit nu trainbaar? TrainersMagazine vroeg daarom ook aan trainers in Nederland en België: "Is mentaliteit trainbaar?"
John Moens: "Coaches moeten leren positief te coachen"
"Regelmatig lees ik in de krant dat de mentale weerbaarheid van de spelers niet goed was" Of dat die ene speler mentaal niet sterk is. Dan vraag ik me af wat je daar als trainer aan doet." John Moens heeft nu al meerdere clinics, onder andere aan voetbalverenigingen, over mentale coaching gegeven en is van mening dat hierin nog veel winst te behalen is. "Een goede trainer of coach benut alle fa
Marcel Lucassen en Pieter Gallas
Een aantal nummers geleden presenteerde Peter Murphy in TrainersMagazine een nieuwe kijk op coachen, het totaalcoachen met Action Type. Het boek van Murphy en Huijbers geeft een nieuwe kijk op de manier hoe wij met sporters om kunnen gaan, maar het werpt ook veel vragen op. Hoe kunnen voetbaltrainers coachen vanuit de sporter in de praktijk brengen? Dit is de vraag die Marcel Lucassen en Piete
Ron Jans en Rene Felen over teamprocessen bij FC Groningen


In de voorbereiding op het nieuwe seizoen is elke trainer bezig met een conditionele planning, hoe hij zijn spelers fit krijgt en hij is bezig met de verbetering van technische en tactische zaken. Een belangrijk aspect is echter ook dat de spelers elkaar leren kennen en een team gaan vormen. Bij FC Groningen werkt er een specialist op het gebied van teamontwikkeling, René Felen. Hij werkt nauw samen met Ron Jans om de teamprocessen te sturen, hetgeen begint in de voorbereiding. Hierbij zijn er vier fases die een team moet doorlopen om succesvol te worden: de beleefdheidsfase, de positioneringsfase, de normeringsfase en de prestatiefase.

Tekst: Hans Slender

Volgens teamontwikkelaar Felen is het vakgebied zeer in ontwikkeling. “Het vakgebied waarbij mentale aspecten en teamontwikkeling centraal staat, wordt steeds meer bij het voetbal betrokken. Een zelfde ontwikkeling heeft het vakgebied fysiotherapie, sportverzorging en conditietrainer doorgemaakt. Dat laatste vakgebied is nog steeds sterk in ontwikkeling, er doen zich nog steeds veel nieuwe inzichten voor op het gebied van periodisering. Dit geldt ook voor de teamontwikkeling. Langzaam begint de acceptatie van het feit dat voetballers gewoon mensen zijn en mentaal begeleid kunnen worden om tot betere resultaten te komen. Dit gebeurt eerst reactief. Een coach selecteert een probleem en haalt er een specialist bij. Deze gaat proberen het probleem op te lossen. Dit gebeurt op basis van ‘best practices’, je probeert iets en als het werkt, gebruik je het volgende keer weer. Als de kennis zich begint te ontwikkelen kan de teamontwikkelaar of mentale coach steeds nauwer bij het proces betrokken worden. Je werkt dan proactief en probeert de processen juist te sturen in plaats van problemen op te lossen. Vanuit de wetenschap zijn er inmiddels gedragslijnen te herkennen en deze kan je gaan toepassen om teamdoelen en individuele doelen te verwezenlijken.”

Beleefdheidsfase
In de beleefdheidsfase komt een team voor het eerst bij elkaar. Iedereen doet dan leuk en aardig tegen elkaar. Alle spelers zijn betrokken, er is loyaliteit, iedereen wil er het beste van maken. “Op 2 juli beginnen wij met de voorbereiding op het nieuwe seizoen,” aldus Ron Jans. “Iedereen begroet elkaar en nieuwe spelers stellen zich voor. We hebben dan zes weken tot aan de start van de competitie. In deze eerste weken speelt iedereen halve wedstrijden in de oefenpotjes. Spelers zijn ook echt beleefd, er wordt minder van fouten gezegd. Soms worden de normen zelfs te soepel gehanteerd. Doordat de druk nog niet zozeer aanwezig is, probeert iedereen conflicten een beetje te voorkomen.”

Afgelopen seizoen
Ron Jans: “In de start van het afgelopen seizoen hebben wij in de derde week de normen en waarden op papier gezet.” Een waarde is iets dat je belangrijk vindt, een norm is het koppelen van waarden aan gedrag. René Felen geeft aan dat spelers de comfortzone moeten durven verlaten om aan de normen en waarden te kunnen voldoen. “Toen ik net met een teamontwikkelaar werkte, wilde ik niet dat iemand van buiten de groep direct contact met de groep had. Inmiddels is René Felen een lid van de technische staf. Als er nu bijeenkomsten zijn met specifiek een teamontwikkelingsdoel, dan wordt deze door René geleid en niet meer door mij. Vorig seizoen hebben wij in zo’n bijeenkomst aan het begin van het seizoen in groepjes een opdracht gegeven. Eén opdracht was het gezamenlijk voorspellen wat de eindstand op de ranglijst van de Eredivisie zal zijn. Dit is een leuke manier om spelers zichzelf een resultaatdoel te laten stellen, want zij moeten FC Groningen natuurlijk ergens neerzetten. Een andere groep kreeg de kans om onze op papier gezette normen en waarden te bekritiseren. Dit hebben wij gedaan om te proberen de cultuur iets te sturen. De reactie van sommige spelers vond ik veelzeggend. Zij vonden dat dit toch allemaal heel normale zaken waren, dat was precies wat de bedoeling is van normen en waarden.” 

Positioneringsfase
Elk team komt na de beleefdheidsfase, in de positioneringsfase terecht. In deze fase wil iedereen een plek in het team opeisen en ontstaan er vanzelfsprekend conflicten. Volgens Ron Jans is dit de moeilijkste fase. “Vlak voor de competitie speelden wij vorig seizoen tegen Aston Villa. Dan zijn er spelers die niet spelen, of slechts tien minuten. Dan gaan spelers elkaar opzoeken en met elkaar praten. Zij zoeken elkaar op en geven aan dat zij het niet met de trainer eens zijn en vissen bij elkaar naar een steun in de rug. Ook zijn er spelers die een andere speler in een bepaalde hoek proberen te zetten om zelf een plaats op te eisen. De eerste conflicten zullen ontstaan. Je kunt dan twee dingen doen. Eén: spelers de mond snoeren en zeggen dat ze het voetballend moeten laten zien. Twee: spelers aanspreken en uitleggen waarop de keuzes gebaseerd zijn. In mijn opinie moet je de gepasseerde spelers nooit uit de weg gaan. Ik zoek conflicten niet op, maar ik ga ze ook niet uit de weg. Als jij als coach de conflicten uit de weg gaat, zal het team terugvallen in de beleefdheidsfase.”

Conflicten
René Felen: “Spelers zijn in de positioneringsfase veel met zichzelf bezig. Zij kijken bij de pikorde om zich heen en proberen een belangrijke positie in de groep te veroveren. Een coach moet de conflicten nooit willen oplossen door partij te kiezen, hij moet proberen te helpen zonder het probleem voor de spelers op te lossen. Als je de oplossing van een conflict voordraagt, val je een fase terug, maar de conflicten spelen dan in de hoofden van de spelers wel mee. Als je een langere periode blijft hangen tussen de eerste twee fases, zal het aantal conflicten oplopen en zal de bom uiteindelijk barsten. Als de spelers er zelf onderling uitkomen en weten waar en hoe zij samen het doel kunnen nastreven, dan zal het team zich ontwikkeling richting de normeringsfase.”

Normeringsfase
In de normeringsfase komen spelers zelf achter de sterke en zwakke punten van het team. Iedereen leert zijn taken kennen en zijn rol binnen het team. Dit kan best gepaard gaan met wat tegenvallende resultaten, als het team er maar sterker uitkomt. Volgens Jans is het normeringsproces deels ook een individueel proces. “De speler moet van zichzelf weten wat zijn kwaliteiten zijn en ook weten wat de kwaliteiten van de ander zijn,” schetst Jans. “Elke speler heeft zijn sterke punten, maar deze kunnen ook zijn valkuil zijn. Wat doet een winnaarstype als de resultaten tegenzitten? Gaat hij zich dan negatief uiten? Elke spelers heeft een taak en speelt een bepaalde rol een het team. Hier moet onderling over gepraat worden en moeten spelers elkaar in kunnen corrigeren. Dat is het normeringsproces.”

Rendement
René Felen: “Als een speler een sterk punt heeft dat ten koste gaat van de kwaliteiten van vier andere spelers, dan is er geen positief rendement. Spelers hebben een emotionele bankrekening, waar zij zo veel mogelijk op moeten zetten en zo min mogelijk af moeten halen, dat is het doel. Dit heeft alles te maken met vertouwen. Een belangrijke rol van de coach in het normeringsproces is het blijven stellen van vragen, het contact met mensen, het aan de kaak stellen van gedrag. Het team moet zo gaan functioneren, dat het rendement zo hoog mogelijk is.”

Prestatiefase
Eén ding moet duidelijk zijn, een team kan ook prima resultaten halen in andere fases dan de prestatiefase. Dit is echter de fase waarin het team echt uitgaat van de sterktes. “Als een speler de individuele oplossing zoekt en dit is in het teambelang, dan wordt dit in deze fase geaccepteerd. Spelers durven elkaar nu aan te spreken op gedrag. Het team is geen vriendenclub, het team uit zich op het veld. Spelers accepteren feedback, omdat zij realiseren dat deze opbouwend bedoeld is. En net als in de eerste fase is er ook weer veel loyaliteit en enthousiasme, want iedereen weet hoe men het doel na wil streven. Dit is waar je als team met elkaar naar toe werkt.”

Lange termijn
René Felen: “Ik vind het belangrijk dat een coach leert te coachen vanuit de sporter. De speler moet centraal staan en de coach moet zich aanpassen aan de speler. Teamontwikkeling is een proces over de lange termijn. Je wilt over een bepaalde periode een stijgende lijn zien. Dit wil niet zeggen dat er af en toe een terugval in kan zitten. Als er een verandering optreedt volgt er ook automatisch een terugval, want dan komt het team automatisch weer in de beleefdheidsfase. Als teamontwikkelaar zie ik de winterstop altijd met argwaan tegemoet. Gaan er spelers weg, komen er veel nieuwe spelers? Dit kan voor de club goed zijn, maar het remt wel het teamproces. Zoals eerder vermeld is de voorbereiding een fijne periode, met de goede sfeer en het feit dat iedereen speelt. De twijfels komen pas als de competitie in zicht is. Ik denk dat een goede coach juist probeert de conflicten naar voren te halen in de voorbereiding, zodat het proces versneld kan worden. Het moet echter niet gekunsteld worden. De spelers bepalen uiteindelijk wat er gebeurd. De verantwoordelijkheid moet bij de spelers gelegd worden. Veel vragen stellen is de manier om het proces te sturen.”

Terugblik
Wanneer Ron Jans terugkijkt op het afgelopen seizoen, heeft hij het gevoel dat FC Groningen weer uitstekend gepresteerd heeft. Na het seizoen 2005-2006 waren de verwachtingen hoog en dan is het moeilijk om weer een dergelijk resultaat neer te zetten. Ook dit seizoen kwam FC Groningen weer dicht bij de top 5. Jans ziet achteraf meerdere signalen dat het team de prestatiefase gehaald heeft. “Ik kan hier drie voorbeelden noemen. De eerste is dat een nieuwe speler en publiekslieveling als Suarez in de pers zegt dat hij graag bij FC Groningen wil blijven om zich verder te ontwikkelen. Hij is snel in de ploeg opgenomen en wordt geaccepteerd ondanks zijn maniertjes. Een tweede is dat een speler als Nevland zijn contract verlengd heeft en waarschijnlijk zijn buitenlandse carrière bij FC Groningen zal afsluiten, voordat hij terugkeert naar Noorwegen. Hij heeft aanbiedingen gehad, hij heeft getwijfeld, maar bewust voor Groningen gekozen. Dat is een teken dat wij een prestatieklimaat weet te creëren. Het derde signaal gaat over Lovre, afkomstig van de topclub Anderlecht. Hij maakte in de beleefdheidsfase enkele sociale fouten, welke door spelers worden opgeslagen. Ik heb veel met hem moeten praten, maar ik vind dat hij zich heel knap heeft teruggevochten. Hij heeft geleerd in een team te voetballen en heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Dit geeft mij een goed gevoel.”

Bewustwording
Ron Jans: “Als coach ben ik bewust van de fasen van het teamontwikkelingsproces, maar ik denk als coach niet in de fasen. René Felen is hier natuurlijk bewuster mee bezig. Als ik terugkijk heb ik in mijn beginperiode bij FC Groningen één seizoen gehad waarbij wij met conflicten eindigden. Dat was in mijn eerste seizoen met onder meer een conflict tussen Matthijs en Vrede. Wij zijn toen het seizoen geëindigd in de beleefdheidsfase. Inmiddels heb ik als coach meer gevoel voor dit soort situaties. Als je aan het begin van het seizoen een speler hebt, waarbij je niet in een volgende fase kunt komen, dan moet je uit elkaar gaan. Basketbalcoach Ton Boot is een coach die hier duidelijk uiting aan geeft. Maar ik heb zelf ook wel eens in de voorbereiding afscheid van een speler genomen. Ik denk dat een coach die bezig is met teamontwikkeling weet hoe hij met conflicten moet omgaan om er sterker uit te komen. Maar deze coach weet ook dat hij niet te veel energie in dezelfde terugkerende conflicten moet stoppen. Soms is het beter om uit elkaar te gaan, voordat er een slepend conflict volgt.”

Boek
Felen schreef inmiddels een praktisch boekje over het teamontwikkelingsproces. “Toen ik bij FC Groningen aan het werk was maakte ik veel aantekeningen voor mijzelf. Ik analyseerde wat er gebeurde en wat de effecten van onze acties waren. Dit heb ik nu uitgewerkt tot een boek. Ik probeer duidelijk te krijgen wat teamontwikkeling precies is en ik probeer het vooral praktisch toepasbaar te maken. Ik gebruik checklisten om bepaalde gedragingen te kunnen verklaren. De gedragsaspecten en valkuilen spelen een grote rol. Het is dan ook vooral geschreven voor spelers en coaches. De ontwikkeling van de ik-maatschappij brengt vanzelfsprekend met zich mee dat er speciale aandacht moet komen voor wij-aspecten. Deze ontwikkeling maakt het vak ook interessanter. Ik heb het boek niet geschreven omdat ik het vak onderbelicht vind, maar het wint wel steeds meer aan belang. Het vak wordt steeds meer geaccepteerd en ook de media smult van deze aspecten van het coachvak. Waar het echter om moet draaien is dat je bijdraagt aan de ontwikkeling van het team.”

Breedtesport
In de top wordt er steeds meer gewerkt met mentale coaches of teamontwikkelaars, maar zal deze ontwikkeling ook de breedtesport gaan treffen? “In de top van het amateurvoetbal wordt er vooral gekeken naar de voetbalkwaliteiten van spelers,” geeft Felen de actuele situatie weer. “De teamkwaliteiten die spelers hebben zijn ondergeschikt. Als je naar de echte breedtesport kijkt verandert dit echter weer. Op lagere niveaus zie je juist vriendenteams, waar het vooral gaat hoe iemand als persoon in het team past. Mijn belangrijkste aanbeveling is dat teamontwikkeling vooral goed kan zijn binnen de jeugdopleiding. Belangrijk is om de ouders erbij te betrekken, want deze spelen in de jeugd een heel grote rol. Bij FC Groningen organiseren wij elk jaar een themabijeenkomst om iedereen binnen de jeugdopleiding te informeren hoe wij teamontwikkeling zien. Ik vind ook dat bonden meer met dit aspect kunnen doen. Er valt namelijk veel winst mee te boeken. Teamontwikkeling kan namelijk een grote bijdrage leveren aan de maatschappelijke functie van sport. Leren samenwerken in een team kan een persoon zijn leven lang profijt van hebben.” /F1.jpg" />
In de voorbereiding op het nieuwe seizoen is elke trainer bezig met een conditionele planning, hoe hij zijn spelers fit krijgt en hij is bezig met de verbetering van technische en tactische zaken. Een belangrijk aspect is echter ook dat de spelers elkaar leren kennen en een team gaan vormen. Bij FC Groningen werkt er een specialist op het gebied van teamontwikkeling, Ren&eacu
Leo van der Burg, specialist menskundige bedrijfskunde
“Als trainer/coach ben je continu bezig om het gedrag van spelers te beïnvloeden. Maar dan moet je als trainer wel weten hoe dat werkt, dat beïnvloeden. Om dat te weten moet je weten hoe mensen functioneren. En om dat te snappen valt niet mee, dat geef ik toe. Daar moet je even voor gaan zitten als trainer. Maar als je het eenmaal door hebt, dan valt het allemaal best mee. Vergelijk het ma
Social loafing: afname van de motivatie in een team (1)
Elke voetbaltrainer, van topniveau tot de laagste amateurs en van senioren tot de jongste jeugd, heeft ermee te maken: spelers die zich niet maximaal inspannen en zich ‘verstoppen’ tijdens het spel. De spelers zijn niet gemotiveerd en ontlopen hun verantwoordelijkheden in het team. Wat zijn de oorzaken hiervan en, nog belangrijker, hoe is het te voorkómen? Tekst: Arnoud Rouwenhorst
Tom van ’t Hek over de coach binnen de sport en het bedrijfsleven
In TrainersMagazine nummer 6 van dit jaar spraken wij met oud-volleybalcoach Joop Alberda. Duidelijk werd, dat deze topcoach een zeer interessante kijk op het coachingvak had. Om hier een vervolg aan te geven, spraken wij met ex-bondscoach van de hockeydames en ‘NOS langs de lijn’ presentator Tom van ’t Hek. Waar Alberda aangaf dat sport veel kan leren van het bedrijfsleven, draait Van
De invloed van topspelers op jonge voetballers
Iedereen kent de beelden van handtekeningen jagende kinderen achter topvoetballers aan. Deze beelden zijn van alle tijden. Waar de jeugd vroeger streed om wie welke topspeler mocht zijn op het pleintje, bepaald tegenwoordig de naam achterop zijn voetbalshirt. Allemaal willen zij David Beckham, Zinedine Zidane, Ronaldinho of Thierry Henry zijn. Vooral de kinderen tussen 4 en 12 jaar lijken erg b
Henk-Maarten Chin: "Mentale vaardigheden zijn een voorwaarde voor prestaties"
Mentale training is de laatste tijd steeds meer in opkomst. Verschillende voetbalclubs hebben mentale trainers aangesteld en steeds meer coaches zien het nut van mentale training in. Volgens Chin is het niet nieuw, maar het is wel nuttig om bewust om te gaan met de mentale aspecten van het voetbal. Belangrijk is om te achterhalen wat voor type spelers je tot je beschikking hebt. Alleen als je d
De Stelling: "Zijn communicatieve vaardigheden belangrijker dan voetbalinhoudelijke kennis?"
Het is altijd een moeilijk onderwerp. Waarop moet een trainer worden beoordeeld? Er zijn binnen een vereniging vaak maar weinig mensen die zoveel verstand van voetbaltraining hebben, dat de trainer vakinhoudelijk kan worden beoordeeld. Zijn communicatieve vaardigheden kan echter iedereen beoordelen. Het is voor de meeste betrokkenen vaak wel duidelijk of de trainer zijn visie wel of niet goed
Philippaerts en Vaeyens: "Trainers weten niet altijd wat de trainingsbelasting mag zijn"
Renaat Philippaerts, professor aan de Universiteit van Gent en zelf voetbaltrainer heeft samen met enkele medewerkers een boek geschreven: 'De jeugdvoetballer beter begeleiden.' Een boek met heel wat cijfermateriaal, maar ook enkele uitgewerkte trainingen. Bij die medewerkers behoort ook Roel Vaeyens, assistent bij de vakgroep Bewegings- en Sportwetenschappen en voetballer in de vierde nationa
Marco Laumen: "Te weinig nadruk op de mentale ontwikkeling binnen jeugdopleidingen"
Na de uitschakeling van Ajax in de wedstrijd tegen Brugge klinken de woorden van Wesley Sonck nog na: “Ik had er van te voren al schrik van.” Dit was ook in het spel van Ajax terug te zien. De waarschuwing voor Nederland is hiermee duidelijk. Het draait niet alleen om het voetballende gedeelte in de sport. Er is de laatste tijd veel te doen geweest over de Nederlandse wedstrijdmentaliteit.
Jeugdopleiding NEC: "Voetballers opleiden is mensen opleiden!"
De jeugdopleiding van NEC kreeg onlangs vier sterren van de KNVB. Een fantastische prestatie, zeker gezien de aanwezige financiële middelen in Nijmegen. Ze hebben immers ongeveer de 20e opleidingsbegroting van Nederland. TrainersMagazine sprak met Wim Rip en Iddo Roscher, die samen de functie van hoofd jeugdopleiding invullen bij NEC. Tekst: Paul van Veen
Hardy Menkehorst, sportpsycholoog
Sportpsycholoog Hardy Menkehorst is oprichter van het Mentale Training en Coahing Centre (MTCC) in Groningen. In zijn hoedanigheid als sportpsycholoog werkt hij onder meer met de TVM Schaatsploeg. Daarnaast is hij ook opleider van coaches en docent aan de Rijksuniversiteit Groningen in zijn vakgebied. De mentale begeleiding van sporters wordt steeds meer erkend als een belangrijk item. Menkeho
Marcel Lucassen en Pieter Gallas
Een aantal nummers geleden presenteerde Peter Murphy in TrainersMagazine een nieuwe kijk op coachen, het totaalcoachen met Action Type. Het boek van Murphy en Huijbers geeft een nieuwe kijk op de manier hoe wij met sporters om kunnen gaan, maar het werpt ook veel vragen op. Hoe kunnen voetbaltrainers coachen vanuit de sporter in de praktijk brengen? Dit is de vraag die Marcel Lucassen en Piete
Peter Murphy, expert in coaching en teambuilding, over Action-Type (2)
In de vorige TrainersMagazine introduceerden wij Peter Murphy en zijn Action-Type model dat kan leiden tot ‘Totaalcoachen’. Er werd een globaal overzicht geschetst van hoe een coach zijn sporters beter kan leren kennen en begrijpen en vanuit dat perspectief beter kan coachen. Een mens heeft één van de vier temperamenten, te weten vakman, wachter, rationalist of idealist. Dit kan verder u
Ron Jans en Rene Felen over teamprocessen bij FC Groningen


In de voorbereiding op het nieuwe seizoen is elke trainer bezig met een conditionele planning, hoe hij zijn spelers fit krijgt en hij is bezig met de verbetering van technische en tactische zaken. Een belangrijk aspect is echter ook dat de spelers elkaar leren kennen en een team gaan vormen. Bij FC Groningen werkt er een specialist op het gebied van teamontwikkeling, René Felen. Hij werkt nauw samen met Ron Jans om de teamprocessen te sturen, hetgeen begint in de voorbereiding. Hierbij zijn er vier fases die een team moet doorlopen om succesvol te worden: de beleefdheidsfase, de positioneringsfase, de normeringsfase en de prestatiefase.

Tekst: Hans Slender

Volgens teamontwikkelaar Felen is het vakgebied zeer in ontwikkeling. “Het vakgebied waarbij mentale aspecten en teamontwikkeling centraal staat, wordt steeds meer bij het voetbal betrokken. Een zelfde ontwikkeling heeft het vakgebied fysiotherapie, sportverzorging en conditietrainer doorgemaakt. Dat laatste vakgebied is nog steeds sterk in ontwikkeling, er doen zich nog steeds veel nieuwe inzichten voor op het gebied van periodisering. Dit geldt ook voor de teamontwikkeling. Langzaam begint de acceptatie van het feit dat voetballers gewoon mensen zijn en mentaal begeleid kunnen worden om tot betere resultaten te komen. Dit gebeurt eerst reactief. Een coach selecteert een probleem en haalt er een specialist bij. Deze gaat proberen het probleem op te lossen. Dit gebeurt op basis van ‘best practices’, je probeert iets en als het werkt, gebruik je het volgende keer weer. Als de kennis zich begint te ontwikkelen kan de teamontwikkelaar of mentale coach steeds nauwer bij het proces betrokken worden. Je werkt dan proactief en probeert de processen juist te sturen in plaats van problemen op te lossen. Vanuit de wetenschap zijn er inmiddels gedragslijnen te herkennen en deze kan je gaan toepassen om teamdoelen en individuele doelen te verwezenlijken.”

Beleefdheidsfase
In de beleefdheidsfase komt een team voor het eerst bij elkaar. Iedereen doet dan leuk en aardig tegen elkaar. Alle spelers zijn betrokken, er is loyaliteit, iedereen wil er het beste van maken. “Op 2 juli beginnen wij met de voorbereiding op het nieuwe seizoen,” aldus Ron Jans. “Iedereen begroet elkaar en nieuwe spelers stellen zich voor. We hebben dan zes weken tot aan de start van de competitie. In deze eerste weken speelt iedereen halve wedstrijden in de oefenpotjes. Spelers zijn ook echt beleefd, er wordt minder van fouten gezegd. Soms worden de normen zelfs te soepel gehanteerd. Doordat de druk nog niet zozeer aanwezig is, probeert iedereen conflicten een beetje te voorkomen.”

Afgelopen seizoen
Ron Jans: “In de start van het afgelopen seizoen hebben wij in de derde week de normen en waarden op papier gezet.” Een waarde is iets dat je belangrijk vindt, een norm is het koppelen van waarden aan gedrag. René Felen geeft aan dat spelers de comfortzone moeten durven verlaten om aan de normen en waarden te kunnen voldoen. “Toen ik net met een teamontwikkelaar werkte, wilde ik niet dat iemand van buiten de groep direct contact met de groep had. Inmiddels is René Felen een lid van de technische staf. Als er nu bijeenkomsten zijn met specifiek een teamontwikkelingsdoel, dan wordt deze door René geleid en niet meer door mij. Vorig seizoen hebben wij in zo’n bijeenkomst aan het begin van het seizoen in groepjes een opdracht gegeven. Eén opdracht was het gezamenlijk voorspellen wat de eindstand op de ranglijst van de Eredivisie zal zijn. Dit is een leuke manier om spelers zichzelf een resultaatdoel te laten stellen, want zij moeten FC Groningen natuurlijk ergens neerzetten. Een andere groep kreeg de kans om onze op papier gezette normen en waarden te bekritiseren. Dit hebben wij gedaan om te proberen de cultuur iets te sturen. De reactie van sommige spelers vond ik veelzeggend. Zij vonden dat dit toch allemaal heel normale zaken waren, dat was precies wat de bedoeling is van normen en waarden.” 

Positioneringsfase
Elk team komt na de beleefdheidsfase, in de positioneringsfase terecht. In deze fase wil iedereen een plek in het team opeisen en ontstaan er vanzelfsprekend conflicten. Volgens Ron Jans is dit de moeilijkste fase. “Vlak voor de competitie speelden wij vorig seizoen tegen Aston Villa. Dan zijn er spelers die niet spelen, of slechts tien minuten. Dan gaan spelers elkaar opzoeken en met elkaar praten. Zij zoeken elkaar op en geven aan dat zij het niet met de trainer eens zijn en vissen bij elkaar naar een steun in de rug. Ook zijn er spelers die een andere speler in een bepaalde hoek proberen te zetten om zelf een plaats op te eisen. De eerste conflicten zullen ontstaan. Je kunt dan twee dingen doen. Eén: spelers de mond snoeren en zeggen dat ze het voetballend moeten laten zien. Twee: spelers aanspreken en uitleggen waarop de keuzes gebaseerd zijn. In mijn opinie moet je de gepasseerde spelers nooit uit de weg gaan. Ik zoek conflicten niet op, maar ik ga ze ook niet uit de weg. Als jij als coach de conflicten uit de weg gaat, zal het team terugvallen in de beleefdheidsfase.”

Conflicten
René Felen: “Spelers zijn in de positioneringsfase veel met zichzelf bezig. Zij kijken bij de pikorde om zich heen en proberen een belangrijke positie in de groep te veroveren. Een coach moet de conflicten nooit willen oplossen door partij te kiezen, hij moet proberen te helpen zonder het probleem voor de spelers op te lossen. Als je de oplossing van een conflict voordraagt, val je een fase terug, maar de conflicten spelen dan in de hoofden van de spelers wel mee. Als je een langere periode blijft hangen tussen de eerste twee fases, zal het aantal conflicten oplopen en zal de bom uiteindelijk barsten. Als de spelers er zelf onderling uitkomen en weten waar en hoe zij samen het doel kunnen nastreven, dan zal het team zich ontwikkeling richting de normeringsfase.”

Normeringsfase
In de normeringsfase komen spelers zelf achter de sterke en zwakke punten van het team. Iedereen leert zijn taken kennen en zijn rol binnen het team. Dit kan best gepaard gaan met wat tegenvallende resultaten, als het team er maar sterker uitkomt. Volgens Jans is het normeringsproces deels ook een individueel proces. “De speler moet van zichzelf weten wat zijn kwaliteiten zijn en ook weten wat de kwaliteiten van de ander zijn,” schetst Jans. “Elke speler heeft zijn sterke punten, maar deze kunnen ook zijn valkuil zijn. Wat doet een winnaarstype als de resultaten tegenzitten? Gaat hij zich dan negatief uiten? Elke spelers heeft een taak en speelt een bepaalde rol een het team. Hier moet onderling over gepraat worden en moeten spelers elkaar in kunnen corrigeren. Dat is het normeringsproces.”

Rendement
René Felen: “Als een speler een sterk punt heeft dat ten koste gaat van de kwaliteiten van vier andere spelers, dan is er geen positief rendement. Spelers hebben een emotionele bankrekening, waar zij zo veel mogelijk op moeten zetten en zo min mogelijk af moeten halen, dat is het doel. Dit heeft alles te maken met vertouwen. Een belangrijke rol van de coach in het normeringsproces is het blijven stellen van vragen, het contact met mensen, het aan de kaak stellen van gedrag. Het team moet zo gaan functioneren, dat het rendement zo hoog mogelijk is.”

Prestatiefase
Eén ding moet duidelijk zijn, een team kan ook prima resultaten halen in andere fases dan de prestatiefase. Dit is echter de fase waarin het team echt uitgaat van de sterktes. “Als een speler de individuele oplossing zoekt en dit is in het teambelang, dan wordt dit in deze fase geaccepteerd. Spelers durven elkaar nu aan te spreken op gedrag. Het team is geen vriendenclub, het team uit zich op het veld. Spelers accepteren feedback, omdat zij realiseren dat deze opbouwend bedoeld is. En net als in de eerste fase is er ook weer veel loyaliteit en enthousiasme, want iedereen weet hoe men het doel na wil streven. Dit is waar je als team met elkaar naar toe werkt.”

Lange termijn
René Felen: “Ik vind het belangrijk dat een coach leert te coachen vanuit de sporter. De speler moet centraal staan en de coach moet zich aanpassen aan de speler. Teamontwikkeling is een proces over de lange termijn. Je wilt over een bepaalde periode een stijgende lijn zien. Dit wil niet zeggen dat er af en toe een terugval in kan zitten. Als er een verandering optreedt volgt er ook automatisch een terugval, want dan komt het team automatisch weer in de beleefdheidsfase. Als teamontwikkelaar zie ik de winterstop altijd met argwaan tegemoet. Gaan er spelers weg, komen er veel nieuwe spelers? Dit kan voor de club goed zijn, maar het remt wel het teamproces. Zoals eerder vermeld is de voorbereiding een fijne periode, met de goede sfeer en het feit dat iedereen speelt. De twijfels komen pas als de competitie in zicht is. Ik denk dat een goede coach juist probeert de conflicten naar voren te halen in de voorbereiding, zodat het proces versneld kan worden. Het moet echter niet gekunsteld worden. De spelers bepalen uiteindelijk wat er gebeurd. De verantwoordelijkheid moet bij de spelers gelegd worden. Veel vragen stellen is de manier om het proces te sturen.”

Terugblik
Wanneer Ron Jans terugkijkt op het afgelopen seizoen, heeft hij het gevoel dat FC Groningen weer uitstekend gepresteerd heeft. Na het seizoen 2005-2006 waren de verwachtingen hoog en dan is het moeilijk om weer een dergelijk resultaat neer te zetten. Ook dit seizoen kwam FC Groningen weer dicht bij de top 5. Jans ziet achteraf meerdere signalen dat het team de prestatiefase gehaald heeft. “Ik kan hier drie voorbeelden noemen. De eerste is dat een nieuwe speler en publiekslieveling als Suarez in de pers zegt dat hij graag bij FC Groningen wil blijven om zich verder te ontwikkelen. Hij is snel in de ploeg opgenomen en wordt geaccepteerd ondanks zijn maniertjes. Een tweede is dat een speler als Nevland zijn contract verlengd heeft en waarschijnlijk zijn buitenlandse carrière bij FC Groningen zal afsluiten, voordat hij terugkeert naar Noorwegen. Hij heeft aanbiedingen gehad, hij heeft getwijfeld, maar bewust voor Groningen gekozen. Dat is een teken dat wij een prestatieklimaat weet te creëren. Het derde signaal gaat over Lovre, afkomstig van de topclub Anderlecht. Hij maakte in de beleefdheidsfase enkele sociale fouten, welke door spelers worden opgeslagen. Ik heb veel met hem moeten praten, maar ik vind dat hij zich heel knap heeft teruggevochten. Hij heeft geleerd in een team te voetballen en heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Dit geeft mij een goed gevoel.”

Bewustwording
Ron Jans: “Als coach ben ik bewust van de fasen van het teamontwikkelingsproces, maar ik denk als coach niet in de fasen. René Felen is hier natuurlijk bewuster mee bezig. Als ik terugkijk heb ik in mijn beginperiode bij FC Groningen één seizoen gehad waarbij wij met conflicten eindigden. Dat was in mijn eerste seizoen met onder meer een conflict tussen Matthijs en Vrede. Wij zijn toen het seizoen geëindigd in de beleefdheidsfase. Inmiddels heb ik als coach meer gevoel voor dit soort situaties. Als je aan het begin van het seizoen een speler hebt, waarbij je niet in een volgende fase kunt komen, dan moet je uit elkaar gaan. Basketbalcoach Ton Boot is een coach die hier duidelijk uiting aan geeft. Maar ik heb zelf ook wel eens in de voorbereiding afscheid van een speler genomen. Ik denk dat een coach die bezig is met teamontwikkeling weet hoe hij met conflicten moet omgaan om er sterker uit te komen. Maar deze coach weet ook dat hij niet te veel energie in dezelfde terugkerende conflicten moet stoppen. Soms is het beter om uit elkaar te gaan, voordat er een slepend conflict volgt.”

Boek
Felen schreef inmiddels een praktisch boekje over het teamontwikkelingsproces. “Toen ik bij FC Groningen aan het werk was maakte ik veel aantekeningen voor mijzelf. Ik analyseerde wat er gebeurde en wat de effecten van onze acties waren. Dit heb ik nu uitgewerkt tot een boek. Ik probeer duidelijk te krijgen wat teamontwikkeling precies is en ik probeer het vooral praktisch toepasbaar te maken. Ik gebruik checklisten om bepaalde gedragingen te kunnen verklaren. De gedragsaspecten en valkuilen spelen een grote rol. Het is dan ook vooral geschreven voor spelers en coaches. De ontwikkeling van de ik-maatschappij brengt vanzelfsprekend met zich mee dat er speciale aandacht moet komen voor wij-aspecten. Deze ontwikkeling maakt het vak ook interessanter. Ik heb het boek niet geschreven omdat ik het vak onderbelicht vind, maar het wint wel steeds meer aan belang. Het vak wordt steeds meer geaccepteerd en ook de media smult van deze aspecten van het coachvak. Waar het echter om moet draaien is dat je bijdraagt aan de ontwikkeling van het team.”

Breedtesport
In de top wordt er steeds meer gewerkt met mentale coaches of teamontwikkelaars, maar zal deze ontwikkeling ook de breedtesport gaan treffen? “In de top van het amateurvoetbal wordt er vooral gekeken naar de voetbalkwaliteiten van spelers,” geeft Felen de actuele situatie weer. “De teamkwaliteiten die spelers hebben zijn ondergeschikt. Als je naar de echte breedtesport kijkt verandert dit echter weer. Op lagere niveaus zie je juist vriendenteams, waar het vooral gaat hoe iemand als persoon in het team past. Mijn belangrijkste aanbeveling is dat teamontwikkeling vooral goed kan zijn binnen de jeugdopleiding. Belangrijk is om de ouders erbij te betrekken, want deze spelen in de jeugd een heel grote rol. Bij FC Groningen organiseren wij elk jaar een themabijeenkomst om iedereen binnen de jeugdopleiding te informeren hoe wij teamontwikkeling zien. Ik vind ook dat bonden meer met dit aspect kunnen doen. Er valt namelijk veel winst mee te boeken. Teamontwikkeling kan namelijk een grote bijdrage leveren aan de maatschappelijke functie van sport. Leren samenwerken in een team kan een persoon zijn leven lang profijt van hebben.” /F1.jpg" />
In de voorbereiding op het nieuwe seizoen is elke trainer bezig met een conditionele planning, hoe hij zijn spelers fit krijgt en hij is bezig met de verbetering van technische en tactische zaken. Een belangrijk aspect is echter ook dat de spelers elkaar leren kennen en een team gaan vormen. Bij FC Groningen werkt er een specialist op het gebied van teamontwikkeling, Ren&eacu
Peter Murphy, over Action-Type (1)
Peter Murphy staat in de internationale sportwereld bekend als expert, docent en spreker op het gebied van topsport, coachen en teambuilding. Murphy is van huis uit fysiotherapeut en heeft eerst als volleyballer en later als volleybalcoach naam gemaakt. Tegenwoordig is Murphy werkzaam als prestatiemanager topsport en projectleider van Mastercoach in Sports bij het NOC*NSF. Verder is hij bij he
Leo van der Burg, specialist menskundige bedrijfskunde
“Als trainer/coach ben je continu bezig om het gedrag van spelers te beïnvloeden. Maar dan moet je als trainer wel weten hoe dat werkt, dat beïnvloeden. Om dat te weten moet je weten hoe mensen functioneren. En om dat te snappen valt niet mee, dat geef ik toe. Daar moet je even voor gaan zitten als trainer. Maar als je het eenmaal door hebt, dan valt het allemaal best mee. Vergelijk het ma
Social loafing, deel 2
In het vorige artikel over social loafing kwam naar voren dat een goede balans tussen de inzet van de spelers binnen het team van belang is voor de motivatie van de spelers. Daarbij was het ook van belang dat alle spelers zich verantwoordelijk voelen en betrokken zijn bij de teamprestatie. Kan de trainer, naast het bijbrengen van dit besef bij de spelers, nog meer doen om invloed uit te oefene
Social loafing: afname van de motivatie in een team (1)
Elke voetbaltrainer, van topniveau tot de laagste amateurs en van senioren tot de jongste jeugd, heeft ermee te maken: spelers die zich niet maximaal inspannen en zich ‘verstoppen’ tijdens het spel. De spelers zijn niet gemotiveerd en ontlopen hun verantwoordelijkheden in het team. Wat zijn de oorzaken hiervan en, nog belangrijker, hoe is het te voorkómen? Tekst: Arnoud Rouwenhorst
Pieter de Jongh onder begeleiding van mental coach Lisa Staal
Pieter de Jongh werd deze zomer aangesteld als trainer-coach van het tweede elftal van FC Dordrecht. Na een aantal succesvolle jaren in de top van het amateurvoetbal is hij nu weer terug in het betaalde voetbal. Om zich verder te ontwikkelen als trainer schakelde hij een mental-coach in, Lisa Staal. Nu vijf weken verder praat hij zeer enthousiast over zijn vooruitgang tot nu toe. Aan het woord
Tom van ’t Hek over de coach binnen de sport en het bedrijfsleven
In TrainersMagazine nummer 6 van dit jaar spraken wij met oud-volleybalcoach Joop Alberda. Duidelijk werd, dat deze topcoach een zeer interessante kijk op het coachingvak had. Om hier een vervolg aan te geven, spraken wij met ex-bondscoach van de hockeydames en ‘NOS langs de lijn’ presentator Tom van ’t Hek. Waar Alberda aangaf dat sport veel kan leren van het bedrijfsleven, draait Van
De teamstadia van René Felen
“Als consulent teamontwikkeling probeer ik in de gaten te houden hoe teams in elkaar steken en zich ontwikkelen. Naar dit onderwerp is erg veel onderzoek verricht, waarvan wij erg veel geleerd hebben. Wij hebben gekeken waarom teams succesvol zijn en daar proberen wij bepaalde stappen in te ontdekken.” René Felen is werkzaam bij consultancy bureau TripleWin, dat z
De invloed van topspelers op jonge voetballers
Iedereen kent de beelden van handtekeningen jagende kinderen achter topvoetballers aan. Deze beelden zijn van alle tijden. Waar de jeugd vroeger streed om wie welke topspeler mocht zijn op het pleintje, bepaald tegenwoordig de naam achterop zijn voetbalshirt. Allemaal willen zij David Beckham, Zinedine Zidane, Ronaldinho of Thierry Henry zijn. Vooral de kinderen tussen 4 en 12 jaar lijken erg b
Joop Alberda over het stellen van doelen
Als volleyballer haalde Joop Alberda nooit de absolute top. Wel merkte hij al snel na zijn actieve carrière dat hij gevoel had voor het coachen van volleyballers. In 1985 bezocht hij Doug Beal, de Amerikaanse volleybalcoach die kort daarvoor Olympisch goud had gewonnen in Los Angeles. Alberda ging er heen om te leren van de beste, zodat hij zijn eigen aanpak kon verbeteren. Zijn strategie werd
Henk-Maarten Chin: "Mentale vaardigheden zijn een voorwaarde voor prestaties"
Mentale training is de laatste tijd steeds meer in opkomst. Verschillende voetbalclubs hebben mentale trainers aangesteld en steeds meer coaches zien het nut van mentale training in. Volgens Chin is het niet nieuw, maar het is wel nuttig om bewust om te gaan met de mentale aspecten van het voetbal. Belangrijk is om te achterhalen wat voor type spelers je tot je beschikking hebt. Alleen als je d
Cremers en Hameleers: "Een trainer heeft een opvoedkundige taak"
Ambitie. De jonge trainers Marco Cremers (SNA/JVM) en Igor Hameleers (SC Jekerdal) hebben het genoeg. Ze hebben ideeën te over en durven het aan om nieuwe projecten te starten. Uit onvrede over de jeugdopleidingen zoals die in Nederland gegeven worden, formuleerden zijn hun eigen visie. Het gekibbel tussen de aanhangers van de Zeister visie en Wiel Coerver is niet aan hen besteed. "De Cremers
De Stelling: "Zijn communicatieve vaardigheden belangrijker dan voetbalinhoudelijke kennis?"
Het is altijd een moeilijk onderwerp. Waarop moet een trainer worden beoordeeld? Er zijn binnen een vereniging vaak maar weinig mensen die zoveel verstand van voetbaltraining hebben, dat de trainer vakinhoudelijk kan worden beoordeeld. Zijn communicatieve vaardigheden kan echter iedereen beoordelen. Het is voor de meeste betrokkenen vaak wel duidelijk of de trainer zijn visie wel of niet goed
Altijd positief coachen?
Loop maar eens een willekeurige zaterdag (of zondag) langs de velden en je zult je verbazen wat er allemaal langs de kant door trainers geroepen wordt. Als je de trainers langs de kant analyseert, zul je ook verschillende stijlen herkennen. De één zit heel rustig, analyserend, en de ander staat continu langs de zijlijn te coach. Toch werken ze allemaal naar hetzelfde doel. De stelling van di
Philippaerts en Vaeyens: "Trainers weten niet altijd wat de trainingsbelasting mag zijn"
Renaat Philippaerts, professor aan de Universiteit van Gent en zelf voetbaltrainer heeft samen met enkele medewerkers een boek geschreven: 'De jeugdvoetballer beter begeleiden.' Een boek met heel wat cijfermateriaal, maar ook enkele uitgewerkte trainingen. Bij die medewerkers behoort ook Roel Vaeyens, assistent bij de vakgroep Bewegings- en Sportwetenschappen en voetballer in de vierde nationa
De Stelling: Is mentaliteit trainbaar?
Je hoort trainers er regelmatig over klagen: de mentaliteit van de spelers. Het komt ook op alle niveaus voor. Of het nu over het Nederlands elftal gaat of over de lokale C1. Maar is dit nu trainbaar? TrainersMagazine vroeg daarom ook aan trainers in Nederland en België: "Is mentaliteit trainbaar?"
Marco Laumen: "Te weinig nadruk op de mentale ontwikkeling binnen jeugdopleidingen"
Na de uitschakeling van Ajax in de wedstrijd tegen Brugge klinken de woorden van Wesley Sonck nog na: “Ik had er van te voren al schrik van.” Dit was ook in het spel van Ajax terug te zien. De waarschuwing voor Nederland is hiermee duidelijk. Het draait niet alleen om het voetballende gedeelte in de sport. Er is de laatste tijd veel te doen geweest over de Nederlandse wedstrijdmentaliteit.
John Moens: "Coaches moeten leren positief te coachen"
"Regelmatig lees ik in de krant dat de mentale weerbaarheid van de spelers niet goed was" Of dat die ene speler mentaal niet sterk is. Dan vraag ik me af wat je daar als trainer aan doet." John Moens heeft nu al meerdere clinics, onder andere aan voetbalverenigingen, over mentale coaching gegeven en is van mening dat hierin nog veel winst te behalen is. "Een goede trainer of coach benut alle fa
Jeugdopleiding NEC: "Voetballers opleiden is mensen opleiden!"
De jeugdopleiding van NEC kreeg onlangs vier sterren van de KNVB. Een fantastische prestatie, zeker gezien de aanwezige financiële middelen in Nijmegen. Ze hebben immers ongeveer de 20e opleidingsbegroting van Nederland. TrainersMagazine sprak met Wim Rip en Iddo Roscher, die samen de functie van hoofd jeugdopleiding invullen bij NEC. Tekst: Paul van Veen
1 2 3 4 5 6