Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
Kennisplatform Communiceren & leiderschap
“Een te vroege 1-0 is statistisch gezien minder voordelig”
Jules Pasteuning en Tim van Latum studeren Sport Management en Ondernemen aan de Hogeschool van Amsterdam. Zij deden onderzoek naar wat de invloed is van het maken van de 1-0 tijdens een voetbalwedstrijd. De studenten onderzochten honderden wedstrijden en kwamen tot een aantal opmerkelijke conclusies in hun rapport 1-0 in de Eredivisie. Tekst: Jorrit Smink De hoofdvraag van het onderzoek
Pesten, een bron van ergernis
Pesten, of beter het voorkomen daarvan, krijgt in het onderwijs één en al aandacht. Het is vreemd dat deze lijn nooit echt is doorgetrokken naar de sportclub. Wordt daar dan niet gepest? Jazeker. Een voorbeeld? Sport is competitie en competitie is winnen. Maar met wie kan gewonnen worden? In ieder geval niet met dat kneusje. Die moet dus buitengesloten worden. Dat is ook pesten. Tekst: Flo
'Overcoaching' ook mogelijk in het voetbal
Dat een coach een cruciale rol kan hebben tijdens een sportwedstrijd bracht de tien kilometer schaatsen van Sven Kramer tijdens de Olympische Spelen wel aan het licht. Een foute aanwijzing van zijn coach Gerard Kemkers kostte Kramer een gouden plak. 'Overcoaching' werd Kramer fataal in zijn race. In hoeverre is er in de voetballerij sprake van overcoaching? TrainersMagazine sprak met coaches P
Een POP binnen een amateurvoetbalorganisatie
Het begrip Persoon Ontwikkelings Plan, afgekort POP, hangt ‘in de lucht’. Steeds meer organisaties, niet alleen in het voetbal, verdiepen zich in de mogelijkheden van dit instrument. En zelfs in de als conservatief bekend staande voetbalwereld is een ontwikkeling zichtbaar en verschillende BVO’s zijn, vooral bij het begeleiden van hun voetbaltalenten, inmiddels overgestapt naar een werkw
Coachen (5): De Praktijk
In de vorige delen zijn we vooral vanuit de theoretische kant van coachen de praktijk ingedoken aan de hand van enkele praktijkvoorbeelden. Deze praktijkvoorbeelden dienden ter ondersteuning en verduidelijking van de theorie. In dit vijfde en laatste deel van deze serie over coachen draaien we de rollen om en zullen we een praktijksituatie schetsen zoals die binnen onze jeugdopleiding voorkomt
Coachen (4)
Het lijkt wel of iedereen een mening heeft over coachen. Maar weinig trainers kunnen de term coachen echter ook eenduidig definiëren. Iedere wedstrijddag kan ik me weer verbazen over de termen die langs de lijn naar voetballende kinderen worden geroepen. Vaak met allerlei goede bedoelingen, die jammer genoeg het doel, letterlijk en figuurlijk, volledig missen. De coach moet namelijk beïnvloe
Coachen (3)
Dat coachen op verschillende manieren en in verschillende vormen invloed heeft op spelers, is in de vorige artikelen van deze serie uitvoerig aan bod gekomen. Het coachen als handeling wordt door sommige coaches nog gebagatelliseerd door opmerkingen te maken als: ‘de kinderen horen me toch niet’ of ‘laat ze toch lekker voetballen’. Dat wij als coach wel degelijk invloed hebben, vooral i
Coachen (1)
Als trainer/coach wordt verwacht dat je de spelers van jouw team traint en coacht. Vaak gaat vooral de aandacht uit naar hoe je spelers moet trainen tijdens de training. Echter, een belangrijk onderdeel van je functie bestaat ook uit het coachen van spelers. TrainersMagazine vroeg Michael Krul, werkzaam bij ADO Den Haag, om een serie over coachen te schrijven. In dit nummer deel 1 van de serie
Hardy Menkehorst, sportpsycholoog
Sportpsycholoog Hardy Menkehorst is oprichter van het Mentale Training en Coahing Centre (MTCC) in Groningen. In zijn hoedanigheid als sportpsycholoog werkt hij onder meer met de TVM Schaatsploeg. Daarnaast is hij ook opleider van coaches en docent aan de Rijksuniversiteit Groningen in zijn vakgebied. De mentale begeleiding van sporters wordt steeds meer erkend als een belangrijk item. Menkeho
Peter Murphy, expert in coaching en teambuilding, over Action-Type (2)
In de vorige TrainersMagazine introduceerden wij Peter Murphy en zijn Action-Type model dat kan leiden tot ‘Totaalcoachen’. Er werd een globaal overzicht geschetst van hoe een coach zijn sporters beter kan leren kennen en begrijpen en vanuit dat perspectief beter kan coachen. Een mens heeft één van de vier temperamenten, te weten vakman, wachter, rationalist of idealist. Dit kan verder u
Peter Murphy, over Action-Type (1)
Peter Murphy staat in de internationale sportwereld bekend als expert, docent en spreker op het gebied van topsport, coachen en teambuilding. Murphy is van huis uit fysiotherapeut en heeft eerst als volleyballer en later als volleybalcoach naam gemaakt. Tegenwoordig is Murphy werkzaam als prestatiemanager topsport en projectleider van Mastercoach in Sports bij het NOC*NSF. Verder is hij bij he
Social loafing, deel 2
In het vorige artikel over social loafing kwam naar voren dat een goede balans tussen de inzet van de spelers binnen het team van belang is voor de motivatie van de spelers. Daarbij was het ook van belang dat alle spelers zich verantwoordelijk voelen en betrokken zijn bij de teamprestatie. Kan de trainer, naast het bijbrengen van dit besef bij de spelers, nog meer doen om invloed uit te oefene
Pieter de Jongh onder begeleiding van mental coach Lisa Staal
Pieter de Jongh werd deze zomer aangesteld als trainer-coach van het tweede elftal van FC Dordrecht. Na een aantal succesvolle jaren in de top van het amateurvoetbal is hij nu weer terug in het betaalde voetbal. Om zich verder te ontwikkelen als trainer schakelde hij een mental-coach in, Lisa Staal. Nu vijf weken verder praat hij zeer enthousiast over zijn vooruitgang tot nu toe. Aan het woord
Mentale training en coaching in opkomst
Het heeft een tijd geduurd, maar langzamerhand wordt het begrip ´mentale training´ steeds meer geaccepteerd binnen de de sport- en voetbalwereld. NLCoach organiseerde daarom een congres over het onderwerp mentale coaches. 150 coaches, uit diverse sporten, namen aan deze dag deel. TrainersMagazine bezocht de clinics van sportpsycholoog Rico Schruijers (zie ook komende uitgaven van TrainersMag
Iddo Roscher, jeugdopleiding NEC Nijmegen
Ongeveer acht jaar geleden, in één van de eerste uitgaven van TrainersMagazine, sprak TrainersMagazine met de toenmalige leiding van de jeugdopleiding van NEC Nijmegen: Iddo Roscher en Wim Rip. Beiden zijn nog steeds werkzaam binnen NEC, waarbij Roscher nog altijd betrokken is bij de jeugdopleiding. TrainersMagazine ging langs bij Roscher en blikte terug op de ontwikkelingen van de afgelopen
Erik Matser, neuropsycholoog
Soms heb je mensen die in de top van het voetbal werken of hebben gewerkt, waarvan de naam niet bij iedereen bekend is. Want wist u dat Erik Matser, neuropsycholoog, jarenlang naast José Mourinho bij Chelsea werkzaam was? In 1999 deed hij al zijn eerste onderzoek bij voetballers, om er achter te komen wat de world class spelers nu typeert. Na jarenlang onderzoek blijkt dat in alle sporten waar
Peter Lind en Erik van Rinsum over het coachen in de sport
Op de vraag om hun uitgebrachte boek samen te vatten, pakt Erik van Rinsum een tekening uit het boek SportCoachen: prestaties zonder schreeuwen erbij. In deze tekening (zie tekening 1), zie je een vader tegen een baby roepen: Lopen, Kreng! “Veel coaches zullen hier om lachen, want die zien in dat het zo natuurlijk niet zal werken. Toch is het de manier waarop veel trainers coachen, al schree
Sip Kruze, jeugdopleiding FC Twente/Heracles
Trainen is niet alleen technisch en tactisch beter worden. Voetballers hebben ook baat bij mentale training. Sip Kruze heeft er zijn specialiteit van gemaakt. Hij heeft dat in de praktijk gebracht bij de jeugdopleiding van FC Twente/Heracles. TrainersMagazine sprak met hem. Tekst: Paul van Veen
Marijke van Dijk, orthopedagoog/psycholoog, gespecialiseerd in autisme
Autisme is een stoornis, die voornamelijk ingrijpt in de sociale omgang met elkaar. Voor een groot deel van de kinderen beïnvloedt het ook het motorisch functioneren. Maar er zijn ook heel veel autisten die gek zijn van voetbal en het nog goed kunnen ook. Echter, juist in een teamsport als voetbal, met veel kans op lichamelijk contact, komen de dingen waar ze niet goed in zijn boven drijven e
Coachen (2)
Als trainer/coach wordt van je verwacht dat je de spelers van jouw team traint en coacht. Vaak gaat vooral de aandacht uit naar hoe je spelers moet trainen tijdens de training. Echter, een belangrijk onderdeel van je functie bestaat ook uit het coachen van spelers. TrainersMagazine vroeg Michael Krul, werkzaam bij ADO Den Haag, om een serie over coachen te schrijven. In dit nummer deel 2 van d
Marc Lammers
“De dingen die ik vertel zijn echt niet splinternieuw en vaak is het: we weten het wel als coach, maar we doen het niet. Ik probeer altijd aan te geven: als je dit nu wel doet, hoeveel extra rendement je dan kunt halen en als je het niet doet, hoe fout het dan kan gaan. Men zegt altijd dat tussen tweede en eerste veel geluk zit, maar daar zit voor tachtig procent ook gewoon kwaliteit tussen.
Marcel Lucassen en Pieter Gallas
Een aantal nummers geleden presenteerde Peter Murphy in TrainersMagazine een nieuwe kijk op coachen, het totaalcoachen met Action Type. Het boek van Murphy en Huijbers geeft een nieuwe kijk op de manier hoe wij met sporters om kunnen gaan, maar het werpt ook veel vragen op. Hoe kunnen voetbaltrainers coachen vanuit de sporter in de praktijk brengen? Dit is de vraag die Marcel Lucassen en Piete
Ron Jans en Rene Felen over teamprocessen bij FC Groningen


In de voorbereiding op het nieuwe seizoen is elke trainer bezig met een conditionele planning, hoe hij zijn spelers fit krijgt en hij is bezig met de verbetering van technische en tactische zaken. Een belangrijk aspect is echter ook dat de spelers elkaar leren kennen en een team gaan vormen. Bij FC Groningen werkt er een specialist op het gebied van teamontwikkeling, René Felen. Hij werkt nauw samen met Ron Jans om de teamprocessen te sturen, hetgeen begint in de voorbereiding. Hierbij zijn er vier fases die een team moet doorlopen om succesvol te worden: de beleefdheidsfase, de positioneringsfase, de normeringsfase en de prestatiefase.

Tekst: Hans Slender

Volgens teamontwikkelaar Felen is het vakgebied zeer in ontwikkeling. “Het vakgebied waarbij mentale aspecten en teamontwikkeling centraal staat, wordt steeds meer bij het voetbal betrokken. Een zelfde ontwikkeling heeft het vakgebied fysiotherapie, sportverzorging en conditietrainer doorgemaakt. Dat laatste vakgebied is nog steeds sterk in ontwikkeling, er doen zich nog steeds veel nieuwe inzichten voor op het gebied van periodisering. Dit geldt ook voor de teamontwikkeling. Langzaam begint de acceptatie van het feit dat voetballers gewoon mensen zijn en mentaal begeleid kunnen worden om tot betere resultaten te komen. Dit gebeurt eerst reactief. Een coach selecteert een probleem en haalt er een specialist bij. Deze gaat proberen het probleem op te lossen. Dit gebeurt op basis van ‘best practices’, je probeert iets en als het werkt, gebruik je het volgende keer weer. Als de kennis zich begint te ontwikkelen kan de teamontwikkelaar of mentale coach steeds nauwer bij het proces betrokken worden. Je werkt dan proactief en probeert de processen juist te sturen in plaats van problemen op te lossen. Vanuit de wetenschap zijn er inmiddels gedragslijnen te herkennen en deze kan je gaan toepassen om teamdoelen en individuele doelen te verwezenlijken.”

Beleefdheidsfase
In de beleefdheidsfase komt een team voor het eerst bij elkaar. Iedereen doet dan leuk en aardig tegen elkaar. Alle spelers zijn betrokken, er is loyaliteit, iedereen wil er het beste van maken. “Op 2 juli beginnen wij met de voorbereiding op het nieuwe seizoen,” aldus Ron Jans. “Iedereen begroet elkaar en nieuwe spelers stellen zich voor. We hebben dan zes weken tot aan de start van de competitie. In deze eerste weken speelt iedereen halve wedstrijden in de oefenpotjes. Spelers zijn ook echt beleefd, er wordt minder van fouten gezegd. Soms worden de normen zelfs te soepel gehanteerd. Doordat de druk nog niet zozeer aanwezig is, probeert iedereen conflicten een beetje te voorkomen.”

Afgelopen seizoen
Ron Jans: “In de start van het afgelopen seizoen hebben wij in de derde week de normen en waarden op papier gezet.” Een waarde is iets dat je belangrijk vindt, een norm is het koppelen van waarden aan gedrag. René Felen geeft aan dat spelers de comfortzone moeten durven verlaten om aan de normen en waarden te kunnen voldoen. “Toen ik net met een teamontwikkelaar werkte, wilde ik niet dat iemand van buiten de groep direct contact met de groep had. Inmiddels is René Felen een lid van de technische staf. Als er nu bijeenkomsten zijn met specifiek een teamontwikkelingsdoel, dan wordt deze door René geleid en niet meer door mij. Vorig seizoen hebben wij in zo’n bijeenkomst aan het begin van het seizoen in groepjes een opdracht gegeven. Eén opdracht was het gezamenlijk voorspellen wat de eindstand op de ranglijst van de Eredivisie zal zijn. Dit is een leuke manier om spelers zichzelf een resultaatdoel te laten stellen, want zij moeten FC Groningen natuurlijk ergens neerzetten. Een andere groep kreeg de kans om onze op papier gezette normen en waarden te bekritiseren. Dit hebben wij gedaan om te proberen de cultuur iets te sturen. De reactie van sommige spelers vond ik veelzeggend. Zij vonden dat dit toch allemaal heel normale zaken waren, dat was precies wat de bedoeling is van normen en waarden.” 

Positioneringsfase
Elk team komt na de beleefdheidsfase, in de positioneringsfase terecht. In deze fase wil iedereen een plek in het team opeisen en ontstaan er vanzelfsprekend conflicten. Volgens Ron Jans is dit de moeilijkste fase. “Vlak voor de competitie speelden wij vorig seizoen tegen Aston Villa. Dan zijn er spelers die niet spelen, of slechts tien minuten. Dan gaan spelers elkaar opzoeken en met elkaar praten. Zij zoeken elkaar op en geven aan dat zij het niet met de trainer eens zijn en vissen bij elkaar naar een steun in de rug. Ook zijn er spelers die een andere speler in een bepaalde hoek proberen te zetten om zelf een plaats op te eisen. De eerste conflicten zullen ontstaan. Je kunt dan twee dingen doen. Eén: spelers de mond snoeren en zeggen dat ze het voetballend moeten laten zien. Twee: spelers aanspreken en uitleggen waarop de keuzes gebaseerd zijn. In mijn opinie moet je de gepasseerde spelers nooit uit de weg gaan. Ik zoek conflicten niet op, maar ik ga ze ook niet uit de weg. Als jij als coach de conflicten uit de weg gaat, zal het team terugvallen in de beleefdheidsfase.”

Conflicten
René Felen: “Spelers zijn in de positioneringsfase veel met zichzelf bezig. Zij kijken bij de pikorde om zich heen en proberen een belangrijke positie in de groep te veroveren. Een coach moet de conflicten nooit willen oplossen door partij te kiezen, hij moet proberen te helpen zonder het probleem voor de spelers op te lossen. Als je de oplossing van een conflict voordraagt, val je een fase terug, maar de conflicten spelen dan in de hoofden van de spelers wel mee. Als je een langere periode blijft hangen tussen de eerste twee fases, zal het aantal conflicten oplopen en zal de bom uiteindelijk barsten. Als de spelers er zelf onderling uitkomen en weten waar en hoe zij samen het doel kunnen nastreven, dan zal het team zich ontwikkeling richting de normeringsfase.”

Normeringsfase
In de normeringsfase komen spelers zelf achter de sterke en zwakke punten van het team. Iedereen leert zijn taken kennen en zijn rol binnen het team. Dit kan best gepaard gaan met wat tegenvallende resultaten, als het team er maar sterker uitkomt. Volgens Jans is het normeringsproces deels ook een individueel proces. “De speler moet van zichzelf weten wat zijn kwaliteiten zijn en ook weten wat de kwaliteiten van de ander zijn,” schetst Jans. “Elke speler heeft zijn sterke punten, maar deze kunnen ook zijn valkuil zijn. Wat doet een winnaarstype als de resultaten tegenzitten? Gaat hij zich dan negatief uiten? Elke spelers heeft een taak en speelt een bepaalde rol een het team. Hier moet onderling over gepraat worden en moeten spelers elkaar in kunnen corrigeren. Dat is het normeringsproces.”

Rendement
René Felen: “Als een speler een sterk punt heeft dat ten koste gaat van de kwaliteiten van vier andere spelers, dan is er geen positief rendement. Spelers hebben een emotionele bankrekening, waar zij zo veel mogelijk op moeten zetten en zo min mogelijk af moeten halen, dat is het doel. Dit heeft alles te maken met vertouwen. Een belangrijke rol van de coach in het normeringsproces is het blijven stellen van vragen, het contact met mensen, het aan de kaak stellen van gedrag. Het team moet zo gaan functioneren, dat het rendement zo hoog mogelijk is.”

Prestatiefase
Eén ding moet duidelijk zijn, een team kan ook prima resultaten halen in andere fases dan de prestatiefase. Dit is echter de fase waarin het team echt uitgaat van de sterktes. “Als een speler de individuele oplossing zoekt en dit is in het teambelang, dan wordt dit in deze fase geaccepteerd. Spelers durven elkaar nu aan te spreken op gedrag. Het team is geen vriendenclub, het team uit zich op het veld. Spelers accepteren feedback, omdat zij realiseren dat deze opbouwend bedoeld is. En net als in de eerste fase is er ook weer veel loyaliteit en enthousiasme, want iedereen weet hoe men het doel na wil streven. Dit is waar je als team met elkaar naar toe werkt.”

Lange termijn
René Felen: “Ik vind het belangrijk dat een coach leert te coachen vanuit de sporter. De speler moet centraal staan en de coach moet zich aanpassen aan de speler. Teamontwikkeling is een proces over de lange termijn. Je wilt over een bepaalde periode een stijgende lijn zien. Dit wil niet zeggen dat er af en toe een terugval in kan zitten. Als er een verandering optreedt volgt er ook automatisch een terugval, want dan komt het team automatisch weer in de beleefdheidsfase. Als teamontwikkelaar zie ik de winterstop altijd met argwaan tegemoet. Gaan er spelers weg, komen er veel nieuwe spelers? Dit kan voor de club goed zijn, maar het remt wel het teamproces. Zoals eerder vermeld is de voorbereiding een fijne periode, met de goede sfeer en het feit dat iedereen speelt. De twijfels komen pas als de competitie in zicht is. Ik denk dat een goede coach juist probeert de conflicten naar voren te halen in de voorbereiding, zodat het proces versneld kan worden. Het moet echter niet gekunsteld worden. De spelers bepalen uiteindelijk wat er gebeurd. De verantwoordelijkheid moet bij de spelers gelegd worden. Veel vragen stellen is de manier om het proces te sturen.”

Terugblik
Wanneer Ron Jans terugkijkt op het afgelopen seizoen, heeft hij het gevoel dat FC Groningen weer uitstekend gepresteerd heeft. Na het seizoen 2005-2006 waren de verwachtingen hoog en dan is het moeilijk om weer een dergelijk resultaat neer te zetten. Ook dit seizoen kwam FC Groningen weer dicht bij de top 5. Jans ziet achteraf meerdere signalen dat het team de prestatiefase gehaald heeft. “Ik kan hier drie voorbeelden noemen. De eerste is dat een nieuwe speler en publiekslieveling als Suarez in de pers zegt dat hij graag bij FC Groningen wil blijven om zich verder te ontwikkelen. Hij is snel in de ploeg opgenomen en wordt geaccepteerd ondanks zijn maniertjes. Een tweede is dat een speler als Nevland zijn contract verlengd heeft en waarschijnlijk zijn buitenlandse carrière bij FC Groningen zal afsluiten, voordat hij terugkeert naar Noorwegen. Hij heeft aanbiedingen gehad, hij heeft getwijfeld, maar bewust voor Groningen gekozen. Dat is een teken dat wij een prestatieklimaat weet te creëren. Het derde signaal gaat over Lovre, afkomstig van de topclub Anderlecht. Hij maakte in de beleefdheidsfase enkele sociale fouten, welke door spelers worden opgeslagen. Ik heb veel met hem moeten praten, maar ik vind dat hij zich heel knap heeft teruggevochten. Hij heeft geleerd in een team te voetballen en heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Dit geeft mij een goed gevoel.”

Bewustwording
Ron Jans: “Als coach ben ik bewust van de fasen van het teamontwikkelingsproces, maar ik denk als coach niet in de fasen. René Felen is hier natuurlijk bewuster mee bezig. Als ik terugkijk heb ik in mijn beginperiode bij FC Groningen één seizoen gehad waarbij wij met conflicten eindigden. Dat was in mijn eerste seizoen met onder meer een conflict tussen Matthijs en Vrede. Wij zijn toen het seizoen geëindigd in de beleefdheidsfase. Inmiddels heb ik als coach meer gevoel voor dit soort situaties. Als je aan het begin van het seizoen een speler hebt, waarbij je niet in een volgende fase kunt komen, dan moet je uit elkaar gaan. Basketbalcoach Ton Boot is een coach die hier duidelijk uiting aan geeft. Maar ik heb zelf ook wel eens in de voorbereiding afscheid van een speler genomen. Ik denk dat een coach die bezig is met teamontwikkeling weet hoe hij met conflicten moet omgaan om er sterker uit te komen. Maar deze coach weet ook dat hij niet te veel energie in dezelfde terugkerende conflicten moet stoppen. Soms is het beter om uit elkaar te gaan, voordat er een slepend conflict volgt.”

Boek
Felen schreef inmiddels een praktisch boekje over het teamontwikkelingsproces. “Toen ik bij FC Groningen aan het werk was maakte ik veel aantekeningen voor mijzelf. Ik analyseerde wat er gebeurde en wat de effecten van onze acties waren. Dit heb ik nu uitgewerkt tot een boek. Ik probeer duidelijk te krijgen wat teamontwikkeling precies is en ik probeer het vooral praktisch toepasbaar te maken. Ik gebruik checklisten om bepaalde gedragingen te kunnen verklaren. De gedragsaspecten en valkuilen spelen een grote rol. Het is dan ook vooral geschreven voor spelers en coaches. De ontwikkeling van de ik-maatschappij brengt vanzelfsprekend met zich mee dat er speciale aandacht moet komen voor wij-aspecten. Deze ontwikkeling maakt het vak ook interessanter. Ik heb het boek niet geschreven omdat ik het vak onderbelicht vind, maar het wint wel steeds meer aan belang. Het vak wordt steeds meer geaccepteerd en ook de media smult van deze aspecten van het coachvak. Waar het echter om moet draaien is dat je bijdraagt aan de ontwikkeling van het team.”

Breedtesport
In de top wordt er steeds meer gewerkt met mentale coaches of teamontwikkelaars, maar zal deze ontwikkeling ook de breedtesport gaan treffen? “In de top van het amateurvoetbal wordt er vooral gekeken naar de voetbalkwaliteiten van spelers,” geeft Felen de actuele situatie weer. “De teamkwaliteiten die spelers hebben zijn ondergeschikt. Als je naar de echte breedtesport kijkt verandert dit echter weer. Op lagere niveaus zie je juist vriendenteams, waar het vooral gaat hoe iemand als persoon in het team past. Mijn belangrijkste aanbeveling is dat teamontwikkeling vooral goed kan zijn binnen de jeugdopleiding. Belangrijk is om de ouders erbij te betrekken, want deze spelen in de jeugd een heel grote rol. Bij FC Groningen organiseren wij elk jaar een themabijeenkomst om iedereen binnen de jeugdopleiding te informeren hoe wij teamontwikkeling zien. Ik vind ook dat bonden meer met dit aspect kunnen doen. Er valt namelijk veel winst mee te boeken. Teamontwikkeling kan namelijk een grote bijdrage leveren aan de maatschappelijke functie van sport. Leren samenwerken in een team kan een persoon zijn leven lang profijt van hebben.” /F1.jpg" />
In de voorbereiding op het nieuwe seizoen is elke trainer bezig met een conditionele planning, hoe hij zijn spelers fit krijgt en hij is bezig met de verbetering van technische en tactische zaken. Een belangrijk aspect is echter ook dat de spelers elkaar leren kennen en een team gaan vormen. Bij FC Groningen werkt er een specialist op het gebied van teamontwikkeling, Ren&eacu
Leo van der Burg, specialist menskundige bedrijfskunde
“Als trainer/coach ben je continu bezig om het gedrag van spelers te beïnvloeden. Maar dan moet je als trainer wel weten hoe dat werkt, dat beïnvloeden. Om dat te weten moet je weten hoe mensen functioneren. En om dat te snappen valt niet mee, dat geef ik toe. Daar moet je even voor gaan zitten als trainer. Maar als je het eenmaal door hebt, dan valt het allemaal best mee. Vergelijk het ma
Social loafing: afname van de motivatie in een team (1)
Elke voetbaltrainer, van topniveau tot de laagste amateurs en van senioren tot de jongste jeugd, heeft ermee te maken: spelers die zich niet maximaal inspannen en zich ‘verstoppen’ tijdens het spel. De spelers zijn niet gemotiveerd en ontlopen hun verantwoordelijkheden in het team. Wat zijn de oorzaken hiervan en, nog belangrijker, hoe is het te voorkómen? Tekst: Arnoud Rouwenhorst
“Een te vroege 1-0 is statistisch gezien minder voordelig”
Jules Pasteuning en Tim van Latum studeren Sport Management en Ondernemen aan de Hogeschool van Amsterdam. Zij deden onderzoek naar wat de invloed is van het maken van de 1-0 tijdens een voetbalwedstrijd. De studenten onderzochten honderden wedstrijden en kwamen tot een aantal opmerkelijke conclusies in hun rapport 1-0 in de Eredivisie. Tekst: Jorrit Smink De hoofdvraag van het onderzoek
Mentale training en coaching in opkomst
Het heeft een tijd geduurd, maar langzamerhand wordt het begrip ´mentale training´ steeds meer geaccepteerd binnen de de sport- en voetbalwereld. NLCoach organiseerde daarom een congres over het onderwerp mentale coaches. 150 coaches, uit diverse sporten, namen aan deze dag deel. TrainersMagazine bezocht de clinics van sportpsycholoog Rico Schruijers (zie ook komende uitgaven van TrainersMag
Pesten, een bron van ergernis
Pesten, of beter het voorkomen daarvan, krijgt in het onderwijs één en al aandacht. Het is vreemd dat deze lijn nooit echt is doorgetrokken naar de sportclub. Wordt daar dan niet gepest? Jazeker. Een voorbeeld? Sport is competitie en competitie is winnen. Maar met wie kan gewonnen worden? In ieder geval niet met dat kneusje. Die moet dus buitengesloten worden. Dat is ook pesten. Tekst: Flo
Iddo Roscher, jeugdopleiding NEC Nijmegen
Ongeveer acht jaar geleden, in één van de eerste uitgaven van TrainersMagazine, sprak TrainersMagazine met de toenmalige leiding van de jeugdopleiding van NEC Nijmegen: Iddo Roscher en Wim Rip. Beiden zijn nog steeds werkzaam binnen NEC, waarbij Roscher nog altijd betrokken is bij de jeugdopleiding. TrainersMagazine ging langs bij Roscher en blikte terug op de ontwikkelingen van de afgelopen
'Overcoaching' ook mogelijk in het voetbal
Dat een coach een cruciale rol kan hebben tijdens een sportwedstrijd bracht de tien kilometer schaatsen van Sven Kramer tijdens de Olympische Spelen wel aan het licht. Een foute aanwijzing van zijn coach Gerard Kemkers kostte Kramer een gouden plak. 'Overcoaching' werd Kramer fataal in zijn race. In hoeverre is er in de voetballerij sprake van overcoaching? TrainersMagazine sprak met coaches P
Erik Matser, neuropsycholoog
Soms heb je mensen die in de top van het voetbal werken of hebben gewerkt, waarvan de naam niet bij iedereen bekend is. Want wist u dat Erik Matser, neuropsycholoog, jarenlang naast José Mourinho bij Chelsea werkzaam was? In 1999 deed hij al zijn eerste onderzoek bij voetballers, om er achter te komen wat de world class spelers nu typeert. Na jarenlang onderzoek blijkt dat in alle sporten waar
Een POP binnen een amateurvoetbalorganisatie
Het begrip Persoon Ontwikkelings Plan, afgekort POP, hangt ‘in de lucht’. Steeds meer organisaties, niet alleen in het voetbal, verdiepen zich in de mogelijkheden van dit instrument. En zelfs in de als conservatief bekend staande voetbalwereld is een ontwikkeling zichtbaar en verschillende BVO’s zijn, vooral bij het begeleiden van hun voetbaltalenten, inmiddels overgestapt naar een werkw
Peter Lind en Erik van Rinsum over het coachen in de sport
Op de vraag om hun uitgebrachte boek samen te vatten, pakt Erik van Rinsum een tekening uit het boek SportCoachen: prestaties zonder schreeuwen erbij. In deze tekening (zie tekening 1), zie je een vader tegen een baby roepen: Lopen, Kreng! “Veel coaches zullen hier om lachen, want die zien in dat het zo natuurlijk niet zal werken. Toch is het de manier waarop veel trainers coachen, al schree
Coachen (5): De Praktijk
In de vorige delen zijn we vooral vanuit de theoretische kant van coachen de praktijk ingedoken aan de hand van enkele praktijkvoorbeelden. Deze praktijkvoorbeelden dienden ter ondersteuning en verduidelijking van de theorie. In dit vijfde en laatste deel van deze serie over coachen draaien we de rollen om en zullen we een praktijksituatie schetsen zoals die binnen onze jeugdopleiding voorkomt
Sip Kruze, jeugdopleiding FC Twente/Heracles
Trainen is niet alleen technisch en tactisch beter worden. Voetballers hebben ook baat bij mentale training. Sip Kruze heeft er zijn specialiteit van gemaakt. Hij heeft dat in de praktijk gebracht bij de jeugdopleiding van FC Twente/Heracles. TrainersMagazine sprak met hem. Tekst: Paul van Veen
Coachen (4)
Het lijkt wel of iedereen een mening heeft over coachen. Maar weinig trainers kunnen de term coachen echter ook eenduidig definiëren. Iedere wedstrijddag kan ik me weer verbazen over de termen die langs de lijn naar voetballende kinderen worden geroepen. Vaak met allerlei goede bedoelingen, die jammer genoeg het doel, letterlijk en figuurlijk, volledig missen. De coach moet namelijk beïnvloe
Marijke van Dijk, orthopedagoog/psycholoog, gespecialiseerd in autisme
Autisme is een stoornis, die voornamelijk ingrijpt in de sociale omgang met elkaar. Voor een groot deel van de kinderen beïnvloedt het ook het motorisch functioneren. Maar er zijn ook heel veel autisten die gek zijn van voetbal en het nog goed kunnen ook. Echter, juist in een teamsport als voetbal, met veel kans op lichamelijk contact, komen de dingen waar ze niet goed in zijn boven drijven e
Coachen (3)
Dat coachen op verschillende manieren en in verschillende vormen invloed heeft op spelers, is in de vorige artikelen van deze serie uitvoerig aan bod gekomen. Het coachen als handeling wordt door sommige coaches nog gebagatelliseerd door opmerkingen te maken als: ‘de kinderen horen me toch niet’ of ‘laat ze toch lekker voetballen’. Dat wij als coach wel degelijk invloed hebben, vooral i
Coachen (2)
Als trainer/coach wordt van je verwacht dat je de spelers van jouw team traint en coacht. Vaak gaat vooral de aandacht uit naar hoe je spelers moet trainen tijdens de training. Echter, een belangrijk onderdeel van je functie bestaat ook uit het coachen van spelers. TrainersMagazine vroeg Michael Krul, werkzaam bij ADO Den Haag, om een serie over coachen te schrijven. In dit nummer deel 2 van d
Coachen (1)
Als trainer/coach wordt verwacht dat je de spelers van jouw team traint en coacht. Vaak gaat vooral de aandacht uit naar hoe je spelers moet trainen tijdens de training. Echter, een belangrijk onderdeel van je functie bestaat ook uit het coachen van spelers. TrainersMagazine vroeg Michael Krul, werkzaam bij ADO Den Haag, om een serie over coachen te schrijven. In dit nummer deel 1 van de serie
Marc Lammers
“De dingen die ik vertel zijn echt niet splinternieuw en vaak is het: we weten het wel als coach, maar we doen het niet. Ik probeer altijd aan te geven: als je dit nu wel doet, hoeveel extra rendement je dan kunt halen en als je het niet doet, hoe fout het dan kan gaan. Men zegt altijd dat tussen tweede en eerste veel geluk zit, maar daar zit voor tachtig procent ook gewoon kwaliteit tussen.
Hardy Menkehorst, sportpsycholoog
Sportpsycholoog Hardy Menkehorst is oprichter van het Mentale Training en Coahing Centre (MTCC) in Groningen. In zijn hoedanigheid als sportpsycholoog werkt hij onder meer met de TVM Schaatsploeg. Daarnaast is hij ook opleider van coaches en docent aan de Rijksuniversiteit Groningen in zijn vakgebied. De mentale begeleiding van sporters wordt steeds meer erkend als een belangrijk item. Menkeho
Marcel Lucassen en Pieter Gallas
Een aantal nummers geleden presenteerde Peter Murphy in TrainersMagazine een nieuwe kijk op coachen, het totaalcoachen met Action Type. Het boek van Murphy en Huijbers geeft een nieuwe kijk op de manier hoe wij met sporters om kunnen gaan, maar het werpt ook veel vragen op. Hoe kunnen voetbaltrainers coachen vanuit de sporter in de praktijk brengen? Dit is de vraag die Marcel Lucassen en Piete
Peter Murphy, expert in coaching en teambuilding, over Action-Type (2)
In de vorige TrainersMagazine introduceerden wij Peter Murphy en zijn Action-Type model dat kan leiden tot ‘Totaalcoachen’. Er werd een globaal overzicht geschetst van hoe een coach zijn sporters beter kan leren kennen en begrijpen en vanuit dat perspectief beter kan coachen. Een mens heeft één van de vier temperamenten, te weten vakman, wachter, rationalist of idealist. Dit kan verder u
Ron Jans en Rene Felen over teamprocessen bij FC Groningen


In de voorbereiding op het nieuwe seizoen is elke trainer bezig met een conditionele planning, hoe hij zijn spelers fit krijgt en hij is bezig met de verbetering van technische en tactische zaken. Een belangrijk aspect is echter ook dat de spelers elkaar leren kennen en een team gaan vormen. Bij FC Groningen werkt er een specialist op het gebied van teamontwikkeling, René Felen. Hij werkt nauw samen met Ron Jans om de teamprocessen te sturen, hetgeen begint in de voorbereiding. Hierbij zijn er vier fases die een team moet doorlopen om succesvol te worden: de beleefdheidsfase, de positioneringsfase, de normeringsfase en de prestatiefase.

Tekst: Hans Slender

Volgens teamontwikkelaar Felen is het vakgebied zeer in ontwikkeling. “Het vakgebied waarbij mentale aspecten en teamontwikkeling centraal staat, wordt steeds meer bij het voetbal betrokken. Een zelfde ontwikkeling heeft het vakgebied fysiotherapie, sportverzorging en conditietrainer doorgemaakt. Dat laatste vakgebied is nog steeds sterk in ontwikkeling, er doen zich nog steeds veel nieuwe inzichten voor op het gebied van periodisering. Dit geldt ook voor de teamontwikkeling. Langzaam begint de acceptatie van het feit dat voetballers gewoon mensen zijn en mentaal begeleid kunnen worden om tot betere resultaten te komen. Dit gebeurt eerst reactief. Een coach selecteert een probleem en haalt er een specialist bij. Deze gaat proberen het probleem op te lossen. Dit gebeurt op basis van ‘best practices’, je probeert iets en als het werkt, gebruik je het volgende keer weer. Als de kennis zich begint te ontwikkelen kan de teamontwikkelaar of mentale coach steeds nauwer bij het proces betrokken worden. Je werkt dan proactief en probeert de processen juist te sturen in plaats van problemen op te lossen. Vanuit de wetenschap zijn er inmiddels gedragslijnen te herkennen en deze kan je gaan toepassen om teamdoelen en individuele doelen te verwezenlijken.”

Beleefdheidsfase
In de beleefdheidsfase komt een team voor het eerst bij elkaar. Iedereen doet dan leuk en aardig tegen elkaar. Alle spelers zijn betrokken, er is loyaliteit, iedereen wil er het beste van maken. “Op 2 juli beginnen wij met de voorbereiding op het nieuwe seizoen,” aldus Ron Jans. “Iedereen begroet elkaar en nieuwe spelers stellen zich voor. We hebben dan zes weken tot aan de start van de competitie. In deze eerste weken speelt iedereen halve wedstrijden in de oefenpotjes. Spelers zijn ook echt beleefd, er wordt minder van fouten gezegd. Soms worden de normen zelfs te soepel gehanteerd. Doordat de druk nog niet zozeer aanwezig is, probeert iedereen conflicten een beetje te voorkomen.”

Afgelopen seizoen
Ron Jans: “In de start van het afgelopen seizoen hebben wij in de derde week de normen en waarden op papier gezet.” Een waarde is iets dat je belangrijk vindt, een norm is het koppelen van waarden aan gedrag. René Felen geeft aan dat spelers de comfortzone moeten durven verlaten om aan de normen en waarden te kunnen voldoen. “Toen ik net met een teamontwikkelaar werkte, wilde ik niet dat iemand van buiten de groep direct contact met de groep had. Inmiddels is René Felen een lid van de technische staf. Als er nu bijeenkomsten zijn met specifiek een teamontwikkelingsdoel, dan wordt deze door René geleid en niet meer door mij. Vorig seizoen hebben wij in zo’n bijeenkomst aan het begin van het seizoen in groepjes een opdracht gegeven. Eén opdracht was het gezamenlijk voorspellen wat de eindstand op de ranglijst van de Eredivisie zal zijn. Dit is een leuke manier om spelers zichzelf een resultaatdoel te laten stellen, want zij moeten FC Groningen natuurlijk ergens neerzetten. Een andere groep kreeg de kans om onze op papier gezette normen en waarden te bekritiseren. Dit hebben wij gedaan om te proberen de cultuur iets te sturen. De reactie van sommige spelers vond ik veelzeggend. Zij vonden dat dit toch allemaal heel normale zaken waren, dat was precies wat de bedoeling is van normen en waarden.” 

Positioneringsfase
Elk team komt na de beleefdheidsfase, in de positioneringsfase terecht. In deze fase wil iedereen een plek in het team opeisen en ontstaan er vanzelfsprekend conflicten. Volgens Ron Jans is dit de moeilijkste fase. “Vlak voor de competitie speelden wij vorig seizoen tegen Aston Villa. Dan zijn er spelers die niet spelen, of slechts tien minuten. Dan gaan spelers elkaar opzoeken en met elkaar praten. Zij zoeken elkaar op en geven aan dat zij het niet met de trainer eens zijn en vissen bij elkaar naar een steun in de rug. Ook zijn er spelers die een andere speler in een bepaalde hoek proberen te zetten om zelf een plaats op te eisen. De eerste conflicten zullen ontstaan. Je kunt dan twee dingen doen. Eén: spelers de mond snoeren en zeggen dat ze het voetballend moeten laten zien. Twee: spelers aanspreken en uitleggen waarop de keuzes gebaseerd zijn. In mijn opinie moet je de gepasseerde spelers nooit uit de weg gaan. Ik zoek conflicten niet op, maar ik ga ze ook niet uit de weg. Als jij als coach de conflicten uit de weg gaat, zal het team terugvallen in de beleefdheidsfase.”

Conflicten
René Felen: “Spelers zijn in de positioneringsfase veel met zichzelf bezig. Zij kijken bij de pikorde om zich heen en proberen een belangrijke positie in de groep te veroveren. Een coach moet de conflicten nooit willen oplossen door partij te kiezen, hij moet proberen te helpen zonder het probleem voor de spelers op te lossen. Als je de oplossing van een conflict voordraagt, val je een fase terug, maar de conflicten spelen dan in de hoofden van de spelers wel mee. Als je een langere periode blijft hangen tussen de eerste twee fases, zal het aantal conflicten oplopen en zal de bom uiteindelijk barsten. Als de spelers er zelf onderling uitkomen en weten waar en hoe zij samen het doel kunnen nastreven, dan zal het team zich ontwikkeling richting de normeringsfase.”

Normeringsfase
In de normeringsfase komen spelers zelf achter de sterke en zwakke punten van het team. Iedereen leert zijn taken kennen en zijn rol binnen het team. Dit kan best gepaard gaan met wat tegenvallende resultaten, als het team er maar sterker uitkomt. Volgens Jans is het normeringsproces deels ook een individueel proces. “De speler moet van zichzelf weten wat zijn kwaliteiten zijn en ook weten wat de kwaliteiten van de ander zijn,” schetst Jans. “Elke speler heeft zijn sterke punten, maar deze kunnen ook zijn valkuil zijn. Wat doet een winnaarstype als de resultaten tegenzitten? Gaat hij zich dan negatief uiten? Elke spelers heeft een taak en speelt een bepaalde rol een het team. Hier moet onderling over gepraat worden en moeten spelers elkaar in kunnen corrigeren. Dat is het normeringsproces.”

Rendement
René Felen: “Als een speler een sterk punt heeft dat ten koste gaat van de kwaliteiten van vier andere spelers, dan is er geen positief rendement. Spelers hebben een emotionele bankrekening, waar zij zo veel mogelijk op moeten zetten en zo min mogelijk af moeten halen, dat is het doel. Dit heeft alles te maken met vertouwen. Een belangrijke rol van de coach in het normeringsproces is het blijven stellen van vragen, het contact met mensen, het aan de kaak stellen van gedrag. Het team moet zo gaan functioneren, dat het rendement zo hoog mogelijk is.”

Prestatiefase
Eén ding moet duidelijk zijn, een team kan ook prima resultaten halen in andere fases dan de prestatiefase. Dit is echter de fase waarin het team echt uitgaat van de sterktes. “Als een speler de individuele oplossing zoekt en dit is in het teambelang, dan wordt dit in deze fase geaccepteerd. Spelers durven elkaar nu aan te spreken op gedrag. Het team is geen vriendenclub, het team uit zich op het veld. Spelers accepteren feedback, omdat zij realiseren dat deze opbouwend bedoeld is. En net als in de eerste fase is er ook weer veel loyaliteit en enthousiasme, want iedereen weet hoe men het doel na wil streven. Dit is waar je als team met elkaar naar toe werkt.”

Lange termijn
René Felen: “Ik vind het belangrijk dat een coach leert te coachen vanuit de sporter. De speler moet centraal staan en de coach moet zich aanpassen aan de speler. Teamontwikkeling is een proces over de lange termijn. Je wilt over een bepaalde periode een stijgende lijn zien. Dit wil niet zeggen dat er af en toe een terugval in kan zitten. Als er een verandering optreedt volgt er ook automatisch een terugval, want dan komt het team automatisch weer in de beleefdheidsfase. Als teamontwikkelaar zie ik de winterstop altijd met argwaan tegemoet. Gaan er spelers weg, komen er veel nieuwe spelers? Dit kan voor de club goed zijn, maar het remt wel het teamproces. Zoals eerder vermeld is de voorbereiding een fijne periode, met de goede sfeer en het feit dat iedereen speelt. De twijfels komen pas als de competitie in zicht is. Ik denk dat een goede coach juist probeert de conflicten naar voren te halen in de voorbereiding, zodat het proces versneld kan worden. Het moet echter niet gekunsteld worden. De spelers bepalen uiteindelijk wat er gebeurd. De verantwoordelijkheid moet bij de spelers gelegd worden. Veel vragen stellen is de manier om het proces te sturen.”

Terugblik
Wanneer Ron Jans terugkijkt op het afgelopen seizoen, heeft hij het gevoel dat FC Groningen weer uitstekend gepresteerd heeft. Na het seizoen 2005-2006 waren de verwachtingen hoog en dan is het moeilijk om weer een dergelijk resultaat neer te zetten. Ook dit seizoen kwam FC Groningen weer dicht bij de top 5. Jans ziet achteraf meerdere signalen dat het team de prestatiefase gehaald heeft. “Ik kan hier drie voorbeelden noemen. De eerste is dat een nieuwe speler en publiekslieveling als Suarez in de pers zegt dat hij graag bij FC Groningen wil blijven om zich verder te ontwikkelen. Hij is snel in de ploeg opgenomen en wordt geaccepteerd ondanks zijn maniertjes. Een tweede is dat een speler als Nevland zijn contract verlengd heeft en waarschijnlijk zijn buitenlandse carrière bij FC Groningen zal afsluiten, voordat hij terugkeert naar Noorwegen. Hij heeft aanbiedingen gehad, hij heeft getwijfeld, maar bewust voor Groningen gekozen. Dat is een teken dat wij een prestatieklimaat weet te creëren. Het derde signaal gaat over Lovre, afkomstig van de topclub Anderlecht. Hij maakte in de beleefdheidsfase enkele sociale fouten, welke door spelers worden opgeslagen. Ik heb veel met hem moeten praten, maar ik vind dat hij zich heel knap heeft teruggevochten. Hij heeft geleerd in een team te voetballen en heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Dit geeft mij een goed gevoel.”

Bewustwording
Ron Jans: “Als coach ben ik bewust van de fasen van het teamontwikkelingsproces, maar ik denk als coach niet in de fasen. René Felen is hier natuurlijk bewuster mee bezig. Als ik terugkijk heb ik in mijn beginperiode bij FC Groningen één seizoen gehad waarbij wij met conflicten eindigden. Dat was in mijn eerste seizoen met onder meer een conflict tussen Matthijs en Vrede. Wij zijn toen het seizoen geëindigd in de beleefdheidsfase. Inmiddels heb ik als coach meer gevoel voor dit soort situaties. Als je aan het begin van het seizoen een speler hebt, waarbij je niet in een volgende fase kunt komen, dan moet je uit elkaar gaan. Basketbalcoach Ton Boot is een coach die hier duidelijk uiting aan geeft. Maar ik heb zelf ook wel eens in de voorbereiding afscheid van een speler genomen. Ik denk dat een coach die bezig is met teamontwikkeling weet hoe hij met conflicten moet omgaan om er sterker uit te komen. Maar deze coach weet ook dat hij niet te veel energie in dezelfde terugkerende conflicten moet stoppen. Soms is het beter om uit elkaar te gaan, voordat er een slepend conflict volgt.”

Boek
Felen schreef inmiddels een praktisch boekje over het teamontwikkelingsproces. “Toen ik bij FC Groningen aan het werk was maakte ik veel aantekeningen voor mijzelf. Ik analyseerde wat er gebeurde en wat de effecten van onze acties waren. Dit heb ik nu uitgewerkt tot een boek. Ik probeer duidelijk te krijgen wat teamontwikkeling precies is en ik probeer het vooral praktisch toepasbaar te maken. Ik gebruik checklisten om bepaalde gedragingen te kunnen verklaren. De gedragsaspecten en valkuilen spelen een grote rol. Het is dan ook vooral geschreven voor spelers en coaches. De ontwikkeling van de ik-maatschappij brengt vanzelfsprekend met zich mee dat er speciale aandacht moet komen voor wij-aspecten. Deze ontwikkeling maakt het vak ook interessanter. Ik heb het boek niet geschreven omdat ik het vak onderbelicht vind, maar het wint wel steeds meer aan belang. Het vak wordt steeds meer geaccepteerd en ook de media smult van deze aspecten van het coachvak. Waar het echter om moet draaien is dat je bijdraagt aan de ontwikkeling van het team.”

Breedtesport
In de top wordt er steeds meer gewerkt met mentale coaches of teamontwikkelaars, maar zal deze ontwikkeling ook de breedtesport gaan treffen? “In de top van het amateurvoetbal wordt er vooral gekeken naar de voetbalkwaliteiten van spelers,” geeft Felen de actuele situatie weer. “De teamkwaliteiten die spelers hebben zijn ondergeschikt. Als je naar de echte breedtesport kijkt verandert dit echter weer. Op lagere niveaus zie je juist vriendenteams, waar het vooral gaat hoe iemand als persoon in het team past. Mijn belangrijkste aanbeveling is dat teamontwikkeling vooral goed kan zijn binnen de jeugdopleiding. Belangrijk is om de ouders erbij te betrekken, want deze spelen in de jeugd een heel grote rol. Bij FC Groningen organiseren wij elk jaar een themabijeenkomst om iedereen binnen de jeugdopleiding te informeren hoe wij teamontwikkeling zien. Ik vind ook dat bonden meer met dit aspect kunnen doen. Er valt namelijk veel winst mee te boeken. Teamontwikkeling kan namelijk een grote bijdrage leveren aan de maatschappelijke functie van sport. Leren samenwerken in een team kan een persoon zijn leven lang profijt van hebben.” /F1.jpg" />
In de voorbereiding op het nieuwe seizoen is elke trainer bezig met een conditionele planning, hoe hij zijn spelers fit krijgt en hij is bezig met de verbetering van technische en tactische zaken. Een belangrijk aspect is echter ook dat de spelers elkaar leren kennen en een team gaan vormen. Bij FC Groningen werkt er een specialist op het gebied van teamontwikkeling, Ren&eacu
Peter Murphy, over Action-Type (1)
Peter Murphy staat in de internationale sportwereld bekend als expert, docent en spreker op het gebied van topsport, coachen en teambuilding. Murphy is van huis uit fysiotherapeut en heeft eerst als volleyballer en later als volleybalcoach naam gemaakt. Tegenwoordig is Murphy werkzaam als prestatiemanager topsport en projectleider van Mastercoach in Sports bij het NOC*NSF. Verder is hij bij he
Leo van der Burg, specialist menskundige bedrijfskunde
“Als trainer/coach ben je continu bezig om het gedrag van spelers te beïnvloeden. Maar dan moet je als trainer wel weten hoe dat werkt, dat beïnvloeden. Om dat te weten moet je weten hoe mensen functioneren. En om dat te snappen valt niet mee, dat geef ik toe. Daar moet je even voor gaan zitten als trainer. Maar als je het eenmaal door hebt, dan valt het allemaal best mee. Vergelijk het ma
Social loafing, deel 2
In het vorige artikel over social loafing kwam naar voren dat een goede balans tussen de inzet van de spelers binnen het team van belang is voor de motivatie van de spelers. Daarbij was het ook van belang dat alle spelers zich verantwoordelijk voelen en betrokken zijn bij de teamprestatie. Kan de trainer, naast het bijbrengen van dit besef bij de spelers, nog meer doen om invloed uit te oefene
Social loafing: afname van de motivatie in een team (1)
Elke voetbaltrainer, van topniveau tot de laagste amateurs en van senioren tot de jongste jeugd, heeft ermee te maken: spelers die zich niet maximaal inspannen en zich ‘verstoppen’ tijdens het spel. De spelers zijn niet gemotiveerd en ontlopen hun verantwoordelijkheden in het team. Wat zijn de oorzaken hiervan en, nog belangrijker, hoe is het te voorkómen? Tekst: Arnoud Rouwenhorst
Pieter de Jongh onder begeleiding van mental coach Lisa Staal
Pieter de Jongh werd deze zomer aangesteld als trainer-coach van het tweede elftal van FC Dordrecht. Na een aantal succesvolle jaren in de top van het amateurvoetbal is hij nu weer terug in het betaalde voetbal. Om zich verder te ontwikkelen als trainer schakelde hij een mental-coach in, Lisa Staal. Nu vijf weken verder praat hij zeer enthousiast over zijn vooruitgang tot nu toe. Aan het woord
1 2 3 4 5 6 7