Inloggen
Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
Top 100 Jeugdopleidingen: zin of onzin?
Woensdag 17 Januari 2018

Er duiken steeds meer lijstjes op waar er een ranglijst wordt gemaakt van bijvoorbeeld de top 100 van jeugdopleidingen. Die nemen dan het niveau waarop de jeugdteams spelen en op basis daarvan komen ze tot een ranglijst. Maar moeten we clubs wel ‘belonen’ met dat soort lijstjes? Zegt het wel iets over de kwaliteit van de jeugdopleiding? Of werkt het alleen maar het kiezen van de beste spelers van dit moment in de hand om maar zo hoog mogelijk te komen op dit soort lijstjes? En wordt het echte opleiden dan vergeten? Of werkt het juist motiverend? Mooie vragen om voor te leggen aan aan een aantal trainers in Nederland.

De nummer 2
Allereerst laten we de club aan het woord die al jaren hoog staat in dit soort lijstjes. Paul Bahlmann, technisch coördinator van de selectieteams bij Alphense Boys, kijkt altijd weer uit naar deze lijstjes: “Ieder jaar kijken we altijd weer nieuwsgierig uit naar de lijst van de top 100. Vanzelfsprekend zijn wij erg trots dat wij weer zo hoog staan. Dit jaar zijn de verschillen minimaal omdat de tweede teams (vaak de 1e jaars) niet zijn meegenomen.”

De KNVB
De KNVB staat daarentegen relatief neutraal tegenover dit soort lijstjes. Jorg van der Breggen, senior medewerker voetbalontwikkeling bij de KNVB: “We hebben niet direct een mening omtrent dit soort ranglijsten. Wij geloven vooral in het ontwikkelen van verenigingen, ranglijsten zijn wat ons betreft altijd een gevolg van een ontwikkelproces binnen de vereniging. Het plezier en de ontwikkeling van de jeugdspelers binnen de vereniging zal wat ons betreft altijd leidend moeten zijn. Het willen winnen van de wedstrijd is en blijft uiteraard de spelbedoeling voor iedere speler en speelster van jong tot oud. Het is vooral belangrijk hoe de vereniging en het kader omgaan met deze spelbedoeling in het kader van ontwikkelen en plezier bieden in een veilige omgeving voor de jeugdspelers.”

“Wij ondersteunen dan ook de verenigingen in het land op allerlei manieren om het opleiden centraal te zetten. Een van deze vormen van ondersteuning is die van de KNVB Technisch Jeugd coördinatoren, maar we bieden ook andere opleidingen binnen de academie aan. Een ander belangrijk traject welke sinds drie seizoenen aangeboden wordt en waar inmiddels zo’n kleine 100 amateurverenigingen reeds aan hebben deelgenomen is het certificeringstraject voor het amateurvoetbal – als ook het betaald voetbal. Dit programma ‘Kwaliteit & Performance’ is met name gericht op het doorlichten en (door)ontwikkelen van de jeugdopleiding. Er zijn vier niveaus welke behaald kunnen worden, te weten van Lokaal, tot Regionaal, tot Nationaal, tot Internationaal. Voor iedere status geldt dat er dient te moeten worden voldaan aan allerlei kwaliteitseisen die het opleiden ten goede komen. Dit traject, waarbij verenigingen de spiegel wordt voorgehouden en in de ontwikkelmodus komen zegt ons veel meer dan uiteindelijk de stand en het niveau van alleen ranglijsten.”

“Misschien is het juist wel een idee om een ranglijst te maken van clubs op basis van gekwalificeerd kader, of die een stormachtige ontwikkeling doormaken of die juist op bepaalde vlakken heel innovatief aan het werk zijn! Wie pakt dit idee op?”


Voetbalblogger Daardan
Voetbalblogger Daardan heeft een duidelijke mening over deze lijsten: “Dit soort ranglijsten zegt niets over de kwaliteit van de jeugdopleiding zelf. Het is gebaseerd op de competitieklassen van de eerste (en soms de tweede) selectieteams en zegt niets over de kwaliteit van de trainers van die elftallen en al helemaal niets over de trainers van de breedteteams van die clubs. Je ziet vaak bij die clubs dat het een treurige bedoening is qua opleiden van de breedtesport teams, waardoor veel kinderen te weinig leren, gefrustreerd raken en/of er mee stoppen. Dat kun je volgens mij geen top jeugdopleiding noemen.”

“Ik ken een aantal clubs van die ranglijst zeer goed. Je ziet vaak dat teams en trainers daar eilandjes zijn, de één doet dit, de ander doet dat. Dan kun je nauwelijks praten over een topvisie op het opleiden van jeugd.”

“Daarnaast zit er een enorme vertraging op die ranglijsten. Ik ken een club waar ze sinds een paar jaar de zaakjes goed voor elkaar hebben. Maar die staat er niet tussen, omdat alle teams nog te laag spelen. Maar het kan zeker een aantal jaar duren voordat ze in de ranglijst komen. En dat betekent dat het andersom ook geldt.”

“Uiteindelijk zijn het de spelers die bepalen hoe hoog je speelt. Ik ken een team die een matige trainer heeft, maar waar de spelers knettergoed zijn, waardoor ze in de 1e of 2e divisie spelen. Is dat door een goede jeugdopleiding? Echt niet dus, dat is 100% door de spelers zelf. Vaak zie je bij dit soort clubs ook relatief veel aanwas van buitenaf. Jongens die van een andere amateurclub hogerop willen spelen of spelers die bij een BVO zijn afgevallen gaan spelen bij een amateurclub in de regio die het hoogste speelt. Talent klontert nu eenmaal tegen elkaar aan.”

“Het gevolg is dat dit soort clubs ook weer interessant worden voor de betere jeugdtrainers uit die regio. Het gevolg is dat ze waarschijnlijk bij zo’n club waarschijnlijk toch betere training geven dan de clubs uit de regio en is het bij de selectieteams vaak beter geregeld. Dat heeft verder niets te maken met het zijn van een betere jeugdopleiding, zoiets komt vanzelf tot stand.”

David Vecht, hoofdtrainer OJC Rosmalen
David Vecht, hoofdtrainer OJC Rosmalen: “Deze ranglijsten zijn een eenvoudige optelsom van competitieniveaus van  jeugdteams. Dat zegt niet genoeg over de kwaliteit van het opleiden. Is het niveau waarop een jeugdteam acteert hetgeen waar je naar moet streven? Of is dat slechts een middel om een uiteindelijke doel te bereiken? Om tot een betrouwbare ranglijst (waardoor je kunt zeggen dat dit eventueel de beste is) te komen, mis ik een aantal factoren.”

“Immers, als je op deze manier de ranglijst bepaalt voor bijvoorbeeld BVO’s, dan zullen ze allemaal op dezelfde plek eindigen. Toch is de ene opleiding verder dan de andere.”

“Als je een ranglijst wilt samen stellen, moet je dus eerst kijken welke factoren je belangrijk vindt bij een goede opleiding. Zo is voor mij het doel van opleiden om spelers in het eerste elftal te krijgen. Het aantal eigen opgeleide spelers in het eerste elftal zou voor mij een criterium zijn om te komen tot een betrouwbare lijst. En ik vind dat het niveau van het tweede elftal ook mee genomen moet worden. Dat hoort namelijk volgens mij bij de laatste stap van de jeugdopleiding.”

“Een ander interessant fenomeen is het geboortemaandeffect. Hoe zit het bij deze clubs met het geboortemaandeffect? Een ranglijst als deze stimuleert dus weer om vroegrijpers op te stellen, omdat dit voor de ranglijst en op korte termijn gunstig is. Wat is beter? Een vereniging dat in de top 10 staat met 80% spelers uit het eerste halfjaar? Of een vereniging die iets lager staat, maar wel ook de kans geeft aan spelers uit alle kwartalen?”


“Kijk bijvoorbeeld naar het Nederlands elftal van nu, daar zitten voornamelijk spelers in die geboren zijn in het eerste halfjaar. De clubs die deze spelers hebben opgeleid hebben waarschijnlijk toch teveel naar de korte termijn gekeken en de ranglijst en zijn er heel veel goede spelers afgevallen. Je kunt wel bovenaan staan of hoog spelen, maar is dat ook de beste opleiding.”

“Misschien is een club als een kleine club wel de beste jeugdopleiding van Nederland, al komen ze niet eens in de buurt van de top 100. Zo las ik pas een club uit een dorpje die met eigen jeugd opgeklommen zijn naar de eerste klasse. Misschien is het voor een club uit een dorpje wel extra knap.”

“Aan de andere kant is het natuurlijk relatief makkelijker om spelers voor de 1e klasse op te leiden makkelijker dan spelers die in de divisie moeten spelen, daarom is ook dit weer heel moeilijk te vergelijken: wanneer doet de ene club het nu beter dan de ander?”

“Om echt tot een ranglijst te komen moet je misschien ook wel het welzijn van de kinderen meenemen. Voelen ze zich veilig en prettig op de club? En wat is het uitstroompercentage van de club? Dat moet ook zeker een weging hebben in dit soort lijstjes.”

“Voor mij is het ook belangrijk of een club onderling principes binnen de speelwijze  heeft afgesproken op basis waarvan ze met elkaar gaan voetballen. Is er afstemming tussen de verschillende teams? Ga bij de Onder19 kijken en vervolgens bij de Onder15, zie je daar dezelfde dingen terug komen? Als je op school wiskunde doet, dan weet je dat de lesstof waar vanuit er gedoceerd wordt, dan is deze methode door jouw hele schoolperiode hetzelfde. In de voetballerij is dat zeker geen gewoonte. Vaak zie je toch veel eilandjes binnen een vereniging.”

“Kortom, er zijn zoveel factoren die bepalen wat de beste jeugdopleiding is, dat blijft toch vaak heel lastig. Want het blijft altijd iets subjectiefs. Maar het zou zeker niet mijn keuze zijn om een ranglijst te maken van jeugdopleidingen puur op basis van het niveau waar ze op uitkomen. Maar meer volledigheid en een breder perspectief voor wat betreft dit soort ranglijsten zou een goede zaak zijn.”

De dalers
We hebben ook een aantal clubs benaderd die flink gedaald waren op de lijstjes. Helaas hebben we geen reactie ontvangen of waren ze niet geïnteresseerd in het geven van een reactie.
Wilt u het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor €29
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen