Inloggen
Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
De hoofdklasse halen zonder te betalen
| Bedankt voor uw mening!
Vrijdag 28 September 2018

Om het Nederlands voetbal hogerop te brengen, moeten we op zoek naar clubs en trainers die het anders doen. Vandaag luisteren we naar het verhaal van RKZVC uit Zieuwent, een clubje van 350 leden, die de hoofdklasse haalde zonder de spelers van het eerste te betalen. Wat is het geheim? In plaats van de trainer aan het woord te laten, kijken we dit vooral de organisatie. Aan het woord is, Johnny Cuppers, voorzitter RKZVC.
 
Tekst: Paul van Veen | Foto's: Lotte Bekkenutte
 
 De laatste keer dat RKZVC ‘hoog’ (in die tijd de derde klasse – red.) heeft gespeeld, is alweer enige tijd geleden. “Hiervoor moeten we wel terug naar de jaren 70”, begint Johnny Cuppers aan het jongensboek RKZVC. “Dat waren de vaders van de spelers van nu. Ongeveer de helft van de spelers die nu in het eerste spelen, zijn zonen van dat elftal. Dat maakt het verhaal extra speciaal.”
 
“We wisten dat er een goede lichting aan zat te komen en daar wilden we het optimale uit halen. Toen deze lichting de senioren-leeftijd kreeg, hebben we als bestuur tegen elkaar gezegd: we moeten proberen om deze jongens voor de club te behouden. Goede spelers hebben we altijd wel, maar je zag dat spelers toch ergens anders hun geluk gingen zoeken. En de spelers die het bij een profclub net niet haalde kwamen vaak niet naar onze club terug. Ze gingen toch ergens anders voetballen omdat ze ons net een maatje te klein vonden.”
 
“Als bestuur hebben we gezegd dat we randvoorwaarden zo optimaal mogelijk wilde maken. Alles moest goed voor elkaar is. Dus moesten we zorgen voor een goede trainingsaccommodatie, een goed clubhuis, goede velden, goede ballen en ook heel belangrijk: een goede trainer. De jongens moeten wel het idee hebben dat ze geprikkeld worden, dat ze er nog niet zijn en dat er vooruitgang in zit. Als de groep denkt dat de man die voor de groep staat flauwekul aan het vertellen is en ze niks meer leren, dan heb je kans dat ze verder gaan kijken voor hun ontwikkeling. Die trainer hebben we gevonden in de persoon van Laurens Knippenborg. Een trainer met hoofdklasse-ervaring, maar die het zag zitten om bij ons in de derde klasse te beginnen.”
 
“Dit heeft geholpen om de talentvolle spelers bij RKZVC te houden. Vervolgens vragen we ieder jaar aan de spelers: Wat mis je nog? Wat kunnen we nog doen voor jullie? Daar komt ieder jaar minder uit. Het enige verzoek van dit jaar was om WiFi in de bus te krijgen. Als zij dat belangrijk vinden, gaan wij proberen om dat voor elkaar te krijgen.”
 
“Alles is erop gericht dat ze ons niet aan kunnen spreken dat ze iets missen.”
 
“De prestaties waren goed en je zag langzamerhand spelers met RKZVC-roots terug keren. Het zijn dan ook echt kameraden van elkaar. Ze spelen omdat ze het leuk vinden en graag met elkaar willen optrekken en presteren. Niet omdat ze een paar honderd euro krijgen.”
 

“Eén ding weet iedereen. Wij betalen niet en zullen ook nooit betalen. Spelers moeten het voor hun hobby doen. We zijn een clubje van 350 leden, dus de financiële middelen zijn er ook gewoon niet. Gelukkig zitten er wel veel ondernemers in ons dorp en de sponsorcommissie gaat ieder jaar hard aan de slag om de kosten af te dekken. De bus gaat komend jaar duurder worden in verband met de extra reistijd, de trainersstaf wordt groter, we werken inmiddels met camerabeelden en dat is iedere wedstrijd toch ook weer een paar honderd euro.”
 
“Dat is allemaal mooi, maar als bestuur vinden wij het allerbelangrijkste dat de rest er van de club geen nadeel ondervindt van het feit dat het eerste zo hoog speelt. Het moet geen nadeel zijn, maar juist een voordeel zijn voor de andere leden. Niemand vindt het erg dat het eerste iets meer krijgt, maar het mag niet ten koste van de andere teams gaan. Er mag geen enkel lid bij ons komen die vindt dat hij of zij wat te kort komt. Of dat zij een hoge contributie betalen omdat het eerste zo hoog voetbalt. Het eerste moet de hele club versterken en niet andersom. Zo hadden we zonder de prestaties van het eerste nooit kunstgras gehad. We hadden een beetje geluk met de verkiezingen en zo werd het een speerpunt van de gemeenteraad. En doordat we kunstgras hebben, kunnen andere teams ook beter trainen.”
 
“Toen het eerste het camera-systeem kreeg waarin de beelden in Rusland geanalyseerd worden, was er meteen een plan voor de hele vereniging. Zo mag het tweede dat ook vijf keer in het jaar gebruiken. En het derde en ieder jeugdelftal mag daar twee keer per jaar gebruik van maken. Op die manier profiteert iedereen mee van de vooruitstrevendheid van het eerste elftal.”
 
“Zo kwam de trainer pas dat hij vijf van die grote opblaaspoppen op de training wilde hebben. Dat doen we natuurlijk en het duurde natuurlijk niet lang of er meer trainers vragen om er ook gebruik van te mogen maken. Dat kan. Alles wat we aanschaffen voor het eerste, is ook beschikbaar voor andere teams. Het kan niet zo zijn dat het vierde zegt dat de wedstrijdballen versleten zijn en het eerste met mooie ballen loopt.”
 
“Soms zijn er dingen die je niet voor alle teams kan regelen. Er is een jaar geweest dat de spelers graag trainingskleding wilde hebben. Toen zijn spelers zelf aan de slag gegaan met sponsors. Ze hebben zelf sponsors geregeld en zo zelf hun eigen trainingskleding geregeld.”
 
“Het trainingskamp kwam vanuit de trainer. Wij hebben dat nooit gedaan, de jongens van ons gaan net zo lief naar de plaatselijke kroeg. Maar de trainer vond dat absolute noodzaak om te doen. Omdat wij dat als club niet willen betalen, is Laurens op eigen initiatief sponsors gaan zoeken. Dat lukt ieder jaar. mede omdat de spelers een bedrag bij betalen. En zo regelt de trainer het al jaren en de selectie weet: als deze trainer vertrekt, dan is het ook afgelopen.”
 
“Dat spreken we als bestuur ook uit. Hiermee zorgen we voor duidelijkheid. Bij de trainer, de speler, maar ook de rest van de vereniging. Dat is uitermate belangrijk om nu of later niet tegen problemen aan te lopen.”
 
“Zo hebben we ook bij het vinden van sponsors duidelijke afspraken gemaakt. De trainer mag voor het trainingskamp geen sponsors benaderen uit de omgeving.  Als de spelers iets zelf willen regelen (zoals toentertijd de trainingskleding), moeten ze eerst met de sponsorcommissie in overleg. Het heeft namelijk geen enkele zin als je vanuit drie posities in de vereniging naar dezelfde sponsors gaat toestappen.”
 
“Als je innoveert, doe je altijd dingen waar nog niet alle leden klaar voor zijn. Dat is een proces waar een club doorheen moet. Mensen die dingen eerst onzin vinden, zie je daar later op terugkomen. Aan de andere trainer hebben we een trainer die heel snel en hard wilt gaan. Ik zeg altijd tegen de trainer: je moet jezelf zien als de locomotief van een hele lange trein. De club is die trein en alle wagonnetjes moeten mee. Ook de achterste. Als je te hard trekt, dan knapt er ergens wat en dan heb je een probleem.”
 
“Als bestuur moeten we dit managen en dus de trainer afremmen door soms pas iets doen als de tijd daar rijp voor is.”
 
“We weten niet waar onze lat ligt. Deze spelersgroep is nog jong en kan nog jaren door. Misschien zit de derde divisie er nog wel in. Ik zou er niet meer van staan te kijken als dat ook nog eens gebeurd. Ik heb met Silvolde gesproken en ik had begrepen dat als we promoveren dat er andere dingen op ons af komen, want dan moeten we met contractspelers gaan werken. Daar beginnen we echt niet aan, volgens mij kun je ook gewoon punten in mindering nemen en dan ben je er klaar mee. In het kader van duidelijkheid, heb ik de trainer alvast ingelicht. Dan kan hij alvast met de minpunten rekening mee houden. Tegen die tijd zoeken we het nog wel eens goed uit.”
 

“Of ons succes weer over is als deze goede generatie stopt? Wij gaan als bestuur niet met handen over elkaar zitten om te kijken hoe dit afloopt. Wij zijn met de jeugdopleiding bezig om voor goede trainers te zorgen en we proberen het gewonnen terrein te behouden. Maar we beseffen dat met een clubje van 350 mensen, met maar 200 jeugdleden, het zo maar een keer afgelopen kan zijn en dat we weer terug naar 2e of 3e klasse moeten. Maar dat is toch ook prima?”
 
“Duidelijkheid en communicatie is naar mijn idee de sleutel. Het eerste elftal weet wat ze kunnen verwachten, maar ook de rest van de vereniging. Als club hoeven wij niet zo nodig in de hoofdklasse te voetballen, maar de jongens hebben dat gedaan en bereikt. Dat is fantastisch en daarin moeten wij ze in ondersteunen en alles voor ze te regelen waar ze om vragen. Aan de andere kant kunnen ze niet van ons verwachten dat wij alles maar betalen en ons in de schulden gaan steken omdat zij zo hoog (willen) voetballen.”
 
“Als dat voor iedereen duidelijk hebt, schrijven we met elkaar een mooi jongensboek waar de hele vereniging plezier aan beleefd.”
Wilt u het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor €29

Of: spaar voor een gratis abonnement door te winkelen in onze webshop

Spaaractie
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen