Inloggen
U bent niet ingelogd. Inloggen
Categorieën
Alle categorieën Leren van topcoaches Seniorentraining Juniorentraining Pupillentraining Vrouwen- en meisjestraining Keeperstraining Conditie- en coördinatietraining Techniektraining voetbal Technisch beleid voor voetbalclubs Communiceren & leiderschap Voetbaltactiek Boekenoverzicht Webcolleges
Trainen als Julian Nagelsmann - Breintraining
| Bedankt voor uw mening!
Maandag 31 Augustus 2020

Julian Nagelsmann is pas 32, maar sinds 2016 hoofdtrainer in de Bundesliga. Eerst bij Hoffenheim en momenteel bij RB Leipzig. Hij is een trainer die veel bezig is met het trainen van het brein: het verbeteren van de neuroplasticiteit en het vergroten van de cognitieve snelheid van zijn spelers. Voordat we ingaan op hoe hij dit trainbaar maakt, leggen we even kort uit wat deze termen precies inhouden.

Tekst: Thomas Osstendoro | Beeld: Gerrit van Keulen

Elke keer als iemand iets nieuws (aan)leert, veranderen je hersenen. Dit wordt ook wel neuroplasticiteit genoemd. Deze neurale plasticiteit (ook wel aangeduid als neuroplasticiteit, corticale plasticiteit of kortweg plasticiteit) duidt op verandering in de organisatie van de hersenen als gevolg van ontwikkeling, leren of ervaring. Maar hoe werkt nu neuroplasticiteit? Onze hersenen kunnen in de basis op drie verschillende manieren veranderen.

1: Chemische veranderingen
De eerste manier is door chemische veranderingen. Diep in ons brein worden er constant chemische signalen gestuurd tussen hersencellen, die ook wel neuronen genoemd worden. Deze chemische signalen zorgen voor constante series van acties en reacties. Tijdens een leerproces kunnen de chemische signalen toenemen of geconcentreerder worden tussen de hersencellen (neuronen). Dit verschijnsel gaat erg snel en verklaart ook dat we op korte termijn snel dingen kunnen onthouden.

2: Verandering van de structuur
Ook kunnen, na verloop van tijd, structuren in de hersenen veranderen. Dit is de tweede manier hoe het brein leert. Deze verandering kost echter veel meer tijd en kan gekoppeld worden aan het langetermijngeheugen.

3: Brain function
Deze processen staan constant met elkaar in verbinding. Een praktijkvoorbeeld: als je bijvoorbeeld begint met hooghouden van een bal, kun je in enkele uren veel vooruitgang boeken. Maar als je vervolgens even stopt en de volgende dag weer verdergaat dan kan het voorkomen dat je weer helemaal opnieuw moet beginnen. Dit heeft te maken met het feit dat de eerste dag de chemische signalen tussen neuronen zijn toegenomen. Dit heeft echter geen effect gehad op de structurele veranderingen in het brein. Deze structurele veranderingen zijn nodig om de geoefende beweging daadwerkelijk op te slaan. Onderzoekers geven dan aan dat je ziet op korte termijn niet als ‘iets geleerd’ mag aannemen. Dit kan alleen op het moment dat er hersengebieden veranderen (lange termijn) en niet door toename van chemische signalen tussen hersencellen (korte termijn). De breinstructuur bestaat uit zenuwcellen die elkaar signalen doorgeven. Zenuwcellen worden aan elkaar verbonden door myelin sheath. De verbindingen tussen de zenuwcellen, de myelin sheath, wordt getraind door mentale uitdagingen. Deze uitdagingen moeten niet te makkelijk of te moeilijk zijn, maar ‘precies goed’. Een oefening moet uitdagend en lastig zijn, zodat spelers echt moeten opletten, maar als de speler zijn uiterste best doet, dan moet het haalbaar zijn. Dat is wanneer deze myelin sheath zich optimaal ontwikkelt. Hier ligt een uitdaging voor trainers en coaches, want wanneer daagt een oefenvorm een speler precies goed uit?

Gedrag
Een belangrijke toevoeging is dat deze veranderingen in het brein worden beïnvloed door gedrag van de persoon. Elk mens en elk kind is anders. Hierdoor is ook hun brein anders en zal het brein zich anders ontwikkelen. Kijk daarom goed naar spelers en je zult er niet aan ontkomen om differentiatie toe te passen tijdens oefenvormen. Als je iedereen precies hetzelfde laat doen met dezelfde opdrachten en aandachtspunten, dan is de kans groot dat de vorm niet voor elke speler ‘precies goed' is waardoor niet elke speler zich even goed zal ontwikkelen.

Zorg er ook voor dat je (type) vormen herhaalt, want herhaling zorgt ervoor dat de brain chemistry (short memory) verandert in brain structure (long memory). Pas als het in het long memory zit, kun je zeggen dat een speler het aangeleerd heeft (Lara Boyd, 2018).

Samenvattend
Neurale plasticiteit duidt op veranderingen in de organisatie van de hersenen van individuen als gevolg van ontwikkeling, leren of ervaring. Neuroplasticiteit wordt beïnvloed door:
1. Brain chemistry (short memory)
2. Brain structure (long memory)
3. Brain function
4. Een combinatie van al het bovenstaande

Hoe maakt Nagelsmann dit trainbaar?
“Hoe uitdagender de training, des te groter de structurele veranderingen in het brein.” Dit is precies de manier hoe Julian Nagelsmann traint: hij probeert de training zo uitdagend mogelijk te maken voor spelers. Alfred Schreuder, die bij Hoffenheim als assistent bij Nagelsmann werkte, zei het volgende tegen het NRC: “Net als de spelers de oefening door hebben, doen we weer wat anders. We proberen de spelers in stresssituaties te brengen. Hierbij moet je bijvoorbeeld denken aan een positiespel met een verdedigende partij in het midden, met daaromheen vier doelen waarop de verdedigers kunnen scoren als ze de bal hebben. Alle doelen hebben een verschillende kleur. Hebben ze de bal veroverd, dan roepen wij als trainer bij welke kleur ze kunnen scoren. Dat kan dus iedere keer anders zijn. Door die veranderende omstandigheden moeten ze continu nadenken, wat vermoeiend is. Nieuwe spelers moeten ook erg wennen aan deze manier van trainen.”

Samengevat is Nagelsmann anders dan veel andere trainers omdat zijn trainingen de volgende punten bevatten:
1. De trainingen zijn niet alleen fysiek uitdagend, maar ook cognitief
2. Er zijn steeds veel veranderingen (in bijvoorbeeld spelregels of door middel van input van trainers)
3. De trainingen bootsen veel stresssituaties na (door middel van spelregels en/of input van trainers) 

Vergroten van de cognitieve snelheid:
Volgens Nagelsmann zit de grootste winst in het voetbal niet meer in het verbeteren van tactiek of techniek, maar de echte winst zit hem in het vergroten van wat hij ‘de cognitieve snelheid’ noemt. Hij wil dat zijn spelers sneller reageren op veranderende situaties in het veld. Anders gezegd: hij traint meer de hersenen van zijn spelers dan hun voeten en benen. Daarvoor heeft hij zijn eigen trainingsvormen ontwikkeld. De rode draad daarin zijn regels, heel veel regels.

Een voorbeeld: we spelen twee partijen van 6-tegen-6, met twee neutrale spelers die meedoen met de partij die de bal heeft. De spelers in de ploegen van zes bestaan uit drie koppeltjes, die bijvoorbeeld witte, groene, en oranje hesjes dragen. Bij elke kleur hoort een regel. Bijvoorbeeld dat je de bal twee keer moet raken, of dat je alleen met rechts mag passen. En telkens als een speler een fout maakt, dan schuift hij met zijn partner naar het andere veld, waar dan weer andere regels gelden. Het komt neer op een soort hersenmarteling op het trainingsveld.”

Volgens Alfred Schreuder zijn deze vormen ongelooflijk vermoeiend, maar dat is dan ook precies de bedoeling van Nagelsmann. Als de spelers doorhebben hoe een oefening werkt, stopt hij de oefening en komt hij met nieuwe regels. Hierdoor worden spelers steeds uitgedaagd en maak je de training voor het brein complexer dan de wedstrijd, zodat de situaties in de wedstrijd als relatief ‘eenvoudig’ worden ervaren, waardoor spelers daar betere keuzes maken. 

 
Wilt u het hele artikel lezen?

Log dan in met je account van TrainersMagazine of abonneer je op Het Voetbal KennisPlatform. Je hebt al toegang tot 1000+ artikelen voor minder dan drie tientjes per jaar.

Abonneren voor €29

Of: spaar voor een gratis abonnement door te winkelen in onze webshop

Spaaractie
Het Voetbal KennisPlatform is gratis voor totaalabonnees op TrainersMagazine
LOGIN
Log in met je trainerssite.nl account
Soortgelijke artikelen